Anne Terhorst (Food Tech Brainport): ‘Veel bedrijven benutten technologie nog niet’

Anne Terhorst is business developer bij Food Tech Brainport. Samen met haar team ondersteunt zij voedingsbedrijven in het verbeteren van hun product door middel van milde processing-technologieën. - Foto: Bert Jansen
Anne Terhorst is business developer bij Food Tech Brainport. Samen met haar team ondersteunt zij voedingsbedrijven in het verbeteren van hun product door middel van milde processing-technologieën. - Foto: Bert Jansen

Met het goed inzetten van technologie kan voedselverspilling verminderd worden en kunnen producten gezonder worden. Dat is de visie van Food Tech Brainport in Helmond. Anne Terhorst stort zich met een klein team op het ondersteunen van bedrijven met het duurzaam maken van hun productieproces door middel van de nieuwste technologieën.

Food Tech Brainport heeft als missie ‘zonder verspilling, gezonde voeding voor iedereen’. Als business developer verbindt Anne Terhorst bedrijven aan het netwerk van Food Tech Brainport. “Er zijn verschillende redenen voor bedrijven om naar ons te komen, maar uiteindelijk hebben ze allemaal hetzelfde doel: duurzamer opereren. Wij helpen food-bedrijven met drie verschillende dingen: handsfree voedsel verwerken, langer vers voedsel en 100% verwaarden.” Bij dat laatste is Terhorst het meeste betrokken.

“Met 100% verwaarding bedoelen we natuurlijk reststromen. Ik vind dat dat woord tekortdoet aan de waarde van de overgebleven producten. Vaak kun je nog heel veel met een stroom, maar dan moet er wel goed gekeken worden hoe. Denk bijvoorbeeld aan de Peel Pioneers, zij halen ingrediënten uit sinaasappelschillen en werkten binnen het Food From Food-project samen met Food Tech Brainport en andere partners aan het opschalen van technologie.”

‘Technologie bij ons laagdrempelig’

In samenwerking met partners zoals Bodec, Pascal Processing, RMF Europe en VanRijsingenIngredients, beschikt de locatie in Helmond over een productiehal waarin voedingsbedrijven verschillende machines kunnen testen. Zo staat er bijvoorbeeld een High Pressure Processing-machine (HPP). Met deze machine wordt voedsel ontdaan van ziekteverwekkers zoals listeria en salmonella, door middel van koud water onder extreem hoge druk. Dit zorgt ervoor dat producten langer houdbaar worden en dat ze hun voedingswaarde behouden, omdat ze niet worden blootgesteld aan hoge temperaturen.

“Voedselverwerkende bedrijven kunnen in samenwerking met partners testen met hun ingrediënten. Technologie vereist een hoop kennis en investeringen, hier worden die laagdrempelig aangeboden. Wat ik merk in het werkveld is dat voedselproducenten vaak nog conservatief zijn met hun productieproces, terwijl er veel nieuwe innovatieve manieren zijn om processen makkelijker, duurzamer en gezonder te maken. Het ontbreekt vaak aan kennis over de nieuwe technologieën.”

Kennismaken met Radio Magnetic Freezing

Food Tech Brainport laat voedselproducenten kennismaken met nieuwe mogelijkheden. Bijvoorbeeld Radio Magnetic Freezing (RMF), waardoor producten hun voedingswaardes beter behouden in vergelijking met conventionele vriesmethodes. De voedingsmiddelen worden bevroren door radiogolven in combinatie met een magnetisch veld. Een technologie die ook steeds vaker gebruikt wordt is Pulsed Electric Fields (PEF). Dit is een technologie waarbij het celmembraan wordt doorboord en daarmee geopend. Hierdoor worden vitamines uit het product gehaald, maar kan het ook versneld gedroogd worden. Daarnaast biedt Food Tech Park nog veel meer technologieën aan.

Artikel gaat verder onder de foto

De High Pressure Processing-machine in de verwerkingsfabriek in Helmond. De machine verpakt voedingsmiddelen onder hoge druk waardoor ziekteverwekkers worden gedood. – Foto: Food Tech Brainport

Aan technologie hangt ook een prijskaartje

Daarnaast ziet Terhorst het werven van investeringen als een hobbel in de weg. De processen waar Food Tech Brainport bij ondersteunt, gaan vaak over opschaling en daarvoor is een stuk minder financiering te vinden dan bijvoorbeeld voor het opstarten van een bedrijf. “Het is lastig om gericht te zeggen waar het opschalen toe leidt. Het is heel onzeker. Daarnaast is het een langdurig proces dat niet veel zichtbare progressie boekt. Daarom hebben wij ook partners, zoals incubators en venture capitals, en doen wij aan belangenbehartiging bij regionale en provinciale overheden. Want, inderdaad, aan technologie hangt ook een prijskaartje.”

Start-ups

Food Tech Brainport ondersteunt met name in het uitwerken van de business case van voedingsbedrijven en heeft een groot netwerk aan partners. Hier kunnen start-ups gebruik van maken, net zoals de verwerkingsfabriek. “Het opschalen is lastig voor partijen, omdat ze vaak moeten overstappen naar nieuwe machines om meer te verwerken. Dat terwijl het eindproduct hetzelfde moet zijn als wanneer het in een kleinere hoeveelheid wordt gemaakt. Op het Food Tech Park kunnen de bedrijven testen met nieuwe technologieën, zoals milde scheidings- en conserveringstechnologieën, zonder enorme investeringen te hoeven doen. Je mag hier fouten maken en experimenteren om uiteindelijk tot een mooi product of ingrediënt te komen.”


‘Food Tech Brainport gaf ons mogelijkheid tot opschalen’

Een bedrijf dat gebruikmaakt van de faciliteiten op het Food Tech Park is Pectcof. Dit bedrijf maakt van koffiepulp, resten van de koffiebes, een functioneel ingrediënt voor voedingsmiddelen. Het gaat hiermee voedselverspilling tegen en geeft boeren de mogelijkheid om hun hele product te verwaarden, in plaats van alleen de boon. Zijn ‘Dutch Gum’ kan ingezet worden als emulgator en stabilisator in snoepgoed, ijs, frisdrank en voor verschillende producten in de bakkerijsector.

Rudi Dieleman is oprichter van Pectcof. Dit bedrijf maakt een stabilisator uit koffiepulp voor in voedingsmiddelen. – Foto: Pectcof

Dutch Gum

Rudi Dieleman is oprichter van Pectcof en denkt niet dat het bedrijf de ontwikkeling die het nu heeft gemaakt zo snel had kunnen doen zonder de hulp op Food Tech Brainport.

“Wij maken met name gebruik van de expertise en kennis in Helmond om de productie van Dutch Gum op te schalen. Dat is een ingewikkeld en lang proces, waarbij we moeten testen met nieuwe technieken om een product met dezelfde eigenschappen in grotere hoeveelheden te maken. Voor mij ligt de meerwaarde in de technologische kennis die er al is bij Bodec. De partners van Food Tech Park maken het mogelijk om een flexibele productielijn op te zetten om mee te experimenteren. Zo kunnen wij de productie testen zonder hoge kosten. Ik kan iemand om hulp vragen als processen vastlopen. Anders moet je dat zelf uitzoeken.”

‘Veel meer start-ups aan het opschalen’

Als start-up is het volgens Dieleman fijn om niet zelf veel te hoeven investeren in technologie. Pectcof haalde begin dit jaar een investering van € 2 miljoen op om op te schalen. “Die wordt nu geïnvesteerd in het testen met verschillende nieuwe technieken. Als een machine niet het gewenste resultaat levert, kunnen we makkelijk iets anders proberen omdat we de technologie inhuren. Als we dit zelf zouden moeten doen, vraagt dat hoge investeringskosten in combinatie met een onzekere uitkomst. In mijn optiek kun je het dan beter inhuren.”

Dieleman ziet dat veel meer start-ups in de fase van opschaling zitten. “Dat vind ik top. Zo zie je dat er wel degelijk wat gebeurt. Tot voor kort waren dat er naar mijn idee toch niet zoveel. Nu zie je dat veel meer partijen de doorgroei en opschaling kunnen starten, ook door partners als Food Tech Brainport en Bodec.”

Eigen fabriek

Pectcof schaalt nu de productie van Dutch Gum op. Uiteindelijk wil het bedrijf een eigen fabriek opzetten om de productie van grondstof tot eindproduct te doen. “Volgend jaar hopen we een investeringsbesluit te hebben en daarmee stappen te kunnen maken. Om investeerders te vinden, krijgen wij nu ondersteuning van Food Tech Brainport. Het is fijn om met partijen te werken met een groter netwerk dan dat van je zelf. Tot die tijd testen we verder in de faciliteit in Helmond om de productie op te voeren naar 35 ton Dutch Gum per jaar en wachten we af of Efsa ons ingrediënt goedkeurt.”

Hilhorst
Alieke Hilhorst Redacteur


Beheer