Beperkt zicht op internationale handel biologisch product

Biologische groenten worden bij een Nederlandse teler verwerkt voor export. - Foto: ANP
Biologische groenten worden bij een Nederlandse teler verwerkt voor export. - Foto: ANP

Internationale handelsstatistiek wat betreft biologische landbouwgoederen is tot op heden beperkt beschikbaar.

Nederland is qua volume de belangrijkste importeur van biologische landbouwgoederen uit landen van buiten de EU-27. Ruim 31% van het totale geïmporteerde volume in de EU-27 werd in 2020 door Nederland ingevoerd, zo melden Wageningen Economic Research (Wecr) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in het rapport De Nederlandse agrarische sector in internationaal verband.

Beide organisaties baseren zich hierbij op cijfers die afgelopen juni door de Commissie werden gepubliceerd. Food en Agribusiness publiceerde hier al eerder over.

Opvallend is dat er geen cijfers zijn wat betreft de biologische handel tussen EU-27 landen onderling. Nederland is groot in de wederuitvoer van landbouwproducten, maar er is geen goed zicht op het aandeel biologische landbouwgoederen.

Tekst gaat door onder de grafiek

Cijfers uit Traces

Het CBS en Wecr baseren zich voor wat betreft de biologische import in de EU op gegevens uit het Europese online platform voor veterinaire en fytosanitaire certificering Traces. Sinds 2018 worden importgegevens in volume vrijgegeven uit het Traces-systeem. Dit is een van de weinige openbare bronnen waar dergelijke gegevens te vinden zijn.

De auteurs van het rapport geven aan dat het steeds belangrijker wordt om informatie te kunnen koppelen aan specifieke productstromen. De EU bereidt wetgeving voor om verantwoord ondernemen te verplichten. Naar verwachting publiceert de Europese Commissie daar in maart 2022 een richtlijn over. Een belangrijk onderdeel hiervan is dat bedrijven hun handelsketen inzichtelijk en traceerbaar maken.

Vooralsnog is genoemde info niet via één algemeen toegankelijke database voorhanden. Gegevens uit Traces met betrekking tot de intrahandel in biologische landbouwgoederen zijn volgens het rapport nog niet openbaar.

Beperkt belang door beperkte volumes

CBS-landbouweconoom Cor Pierik bevestigt dat er tot nu toe geen goed overzicht is van de biologische handel tussen de Europese lidstaten. Dat heeft volgens hem onder meer te maken met de beperkte handelsvolumes. Daarmee is het belang beperkt. Gezien de Europese ambities voor bio zou het wel interessant zijn deze handelsstromen goed in beeld te krijgen. “Dat is nu niet gemakkelijk, maar zodra de mogelijkheid zich voordoet, zullen we dat zeker doen”, aldus Pierik.

Sowieso is het volgens hem goed om de verduurzaming van de landbouw beter te gaan registreren. Bio is onderdeel van een veel grotere transitie van de huidige landbouwpraktijk naar duurzamere landbouw. Zaak is om goed zicht te krijgen op volumes landbouwproducten met een duurzaamheidslabel.

Bio goed voor 1,5% van totaal

Om toch een indruk te krijgen van de biologische handel gebruiken de auteurs de beschikbare cijfers uit Traces met betrekking tot de Europese import. Op de totale import van landbouwgoederen door de EU-27 vormt bio met 1,5%, of 2,8 miljoen ton, een klein aandeel. Opvallend is dat de handel in biologische goederen de afgelopen jaren maar iets is gestegen. Afgerond blijft het 1,5% van het totaal. In 2020 daalde het biologisch importvolume ten opzichte van een jaar eerder met 2%.

Na Nederland volgen Duitsland en België als grootste importeurs respectievelijk met ongeveer 18% en 11% van het totale geïmporteerde biologische volume in de EU-27. Wel zagen Nederland en België het importvolume tussen 2019 en 2020 wat zakken. Wat betreft Nederland is dit toe te schrijven aan een veel geringere invoer van mais uit Oekraïne. Maar ook een kleinere hoeveelheid perskoeken, tarwe en zonnebloemzaden speelde een rol. Duitsland, Frankrijk en Italië zagen de import van biologische producten juist stijgen. De belangrijkste vijf importeurs in de EU-27 hebben samen een importaandeel van tussen de 70 en 80%.

Tekst gaat door onder de grafiek

Import- en exportwaarde

Naast de beschikbare cijfers uit Traces keken de auteurs ook naar cijfers verzameld door de wereldwijde koepelorganisatie van de biologische landbouw- en voedingssector IFOAM en onderzoeksinstituut voor biologische landbouw FiBL. Op basis van beperkt beschikbare data over de waarde van import en export in biologische producten kan met een slag om de arm worden geconcludeerd dat de Verenigde Staten (VS), Italië, Frankrijk, Denemarken, China en Nederland belangrijke landen zijn als het gaat om de biologische handel.

De lijst is echter verre van compleet. Voor de meest genoemde landen gaat het om cijfers tot en met 2019, voor Nederland echter om cijfers uit 2015. Ook wordt voor Nederland, net als voor een aantal andere landen, alleen de exportwaarde genoemd. Nederland exporteerde in 2015 voor € 928 miljoen aan biologische producten.

VS springt eruit

Opvallend zijn de cijfers van de VS. In 2019 importeerde het land ter waarde van ruim € 1,8 miljard aan biologische producten. De Amerikaanse export van biologische producten vertegenwoordigde een waarde van bijna € 3 miljard. Voor Frankrijk en Denemarken vallen de importwaardes in 2019 – respectievelijk € 1,9 en € 1,2 miljard – op. Italië exporteerde in 2019 ter waarde van € 2,4 miljard aan biologische producten. Voor China dateert de laatste exportwaarde uit 2018, te weten € 806 miljoen.

Uit importcijfers van biologische producten van de VS blijkt dat Mexico, Peru, Italië, Argentinië, Brazilië, Ecuador, Colombia, Canada, Chili en Tunesië belangrijke aanvoerlanden zijn. Ongeveer een kwart van de waarde aan biologische goederen die Mexico exporteert, bestaat uit biologische avocado’s. Peru exporteert vooral koffie. Uit Italië komt olijfolie terwijl Argentinië mais en soja exporteert. Brazilië levert suiker en honing aan de VS. Nederland exporteert vooral paprika en koffie naar de VS.

Willem Veldman


Beheer