Bieten, neonics en gelijk speelveld

Oppewal
Johan Oppewal chef-redacteur
Foto: Mark Pasveer
Foto: Mark Pasveer

In elf EU-landen kregen telers van suikerbieten het afgelopen jaar ontheffing om neonics te gebruiken.

Dat zijn omstreden chemische insectenbestrijdingsmiddelen. De ontheffing werd gegeven omdat er veel luizen waren. Die brengen een plantenziekte (vergelingsziekte) over die de bietenoogst ernstig kan bedreigen. Nederland deed hier niet aan mee. Telers moesten het hier zonder doen. Ze maakten daar toen terecht stampij over. Zonder resultaat.

Nu heeft de Europese voedselveiligheidsautoriteit Efsa bepaald dat die uitzondering in de elf landen terecht was. Een van de argumenten is van milieutechnische aard. De alternatieven voor de middelen met neonicotinoïden zijn niet beter voor het milieu, onder meer omdat je daar meer van moet gebruiken.

Nederland is té voorzichtig geweest, waardoor Nederlandse telers als het ware met een hand op de rug moesten vechten met de internationale concurrentie. Er was geen sprake van een gelijk speelveld. Dat is wel nodig. Het is een kernwaarde van de EU. Nederland zou daarom alsnog die ontheffing moeten geven aan bietentelers.

Resistente bietenrassen

De Europese suikerbietenbranche blijkt hiermee succesvol in haar lobby tegen een belangrijke verandering. Ze wil wel verduurzamen, zegt ze, maar brengt steeds naar voren dat er te weinig tijd is geweest om te werken aan een echt alternatief voor de neonics in de vorm van resistente rassen. De overtuigingskracht van dat argument wordt wel steeds minder naarmate de jaren vorderen. De dreiging van een verbod hangt al heel lang in de lucht. Al in 2013 werden de neonics verboden voor bloeiende gewassen.

De eerste resistente bietenrassen zijn dit jaar aangemeld voor toetsing. Het duurt een paar jaar voor een nieuw ras op de markt is. Een tijdelijke toelating kan maximaal vier jaar duren. Laat het dan daarna echt afgelopen zijn met de neonics.




Beheer