Carla Dik-Faber: ‘Ik ben heel trots op Carola’

05-08-2020 | Laatste update op 25-05 | |
Kamerlid Carla Dik-Faber van de ChristenUnie kijkt terug op samenwerking met coalitie VVD, CDA en D66 - Foto: Roel Dijkstra
Kamerlid Carla Dik-Faber van de ChristenUnie kijkt terug op samenwerking met coalitie VVD, CDA en D66 - Foto: Roel Dijkstra

De ChristenUnie had ingezet op de uitvoering van de kringloopvisie van landbouwminister Carola Schouten. Kamerlid Carla Dik-Faber blikt terug op een roerige periode.

Hoewel er geen vergaderingen zijn, is er nog volop activiteit in het Kamergebouw. Carla Dik-Faber loopt van overleg naar afspraak. Veel gesprekken gaan via beeldbellen of andere middelen van communicatie op afstand.

‘Scherpe keuzes maken’

Dik-Faber is een gedreven ChristenUnie-Kamerlid, en voor haar partij woordvoerder op een aantal dossiers waaronder landbouw- en visserij. In de afgelopen drie jaar was ze minder aanwezig bij landbouwdebatten, erkent ze. Ze moet scherpe keuzes maken, als lid van een relatief kleine vijf leden tellende fractie.

Trots op Schouten

In de vorige kabinetsperiode (VVD-PvdA) was de positie van de ChristenUnie als oppositiepartij anders dan nu. “Toen maakte ChristenUnie het verschil. We hadden te maken met een hopeloos verdeelde coalitie van twee partijen. De ChristenUnie kon de een of de ander aan een meerderheid helpen. Nu maken we ook het verschil, maar dan met de minister van landbouw. Het is bij haar in goede handen. Ik ben heel trots op Carola”, zegt Dik-Faber.

Het ministerie van Landbouw is bij haar in goede handen. Ik ben heel trots op Carola

Ze beschrijft Schouten als iemand met hart voor de boeren, die geen stroop om de mond smeert. “Zij geeft duidelijkheid. Vergelijk dat eens met staatssecretaris Henk Bleker. Die had misschien net zoveel hart voor de boeren, maar zijn voorstellen waren op de lange termijn onhoudbaar. Eigenlijk heeft hij alleen maar problemen vooruit geschoven. Toen dacht ik wel: man, man, waar is die mee bezig? We hebben Martijn van Dam gehad, die had helemaal geen gevoel voor het boerenerf. Zijn optreden bij dat hele fosfaatdrama! Verschrikkelijk.”

Tevreden met ministerspost

Dat de minister van landbouw is teruggekeerd en dat de ChristenUnie die post mocht innemen stemt haar tot tevredenheid. “Ik was heel blij dat in het regeerakkoord is afgesproken dat er weer een minister van landbouw kwam.”

In de ogen van Dik-Faber was de presentatie (september 2018) van de visie Waardevol en Verbonden een mijlpaal. In de visie presenteerde ChristenUnie-minister Carola Schouten haar ideeën over kringlooplandbouw. “Dat was een heel mooie start, een stip op de horizon, waar heel veel draagvlak voor is onder boeren en onder natuurorganisaties.”

Stikstofwolk

De stip op de horizon dreigde het afgelopen jaar te verdwijnen in een stikstofwolk. “Ik had echt het idee: we gaan voortvarend aan de slag om de kringloopvisie uit te voeren. Toen kwam de stikstofcrisis er tussendoor, en de opmerkingen van D66’er Tjeerd de Groot om de veestapel te halveren. Dat heeft zoveel afbreuk gedaan aan het vertrouwen.”

De opmerkingen van Tjeerd de Groot om de veestapel te halveren, hebben zoveel afbreuk gedaan aan het vertrouwen

U bedoelt het vertrouwen binnen de coalitie?

“Allereerst het vertrouwen van boeren in de uitvoering van de kringloopvisie. Niet voor niets stond het Malieveld vol. De uitspraak van Tjeerd de Groot was de druppel die de emmer deed overlopen. Die opmerking was echt niet oké; die heeft het vertrouwen binnen de coalitie enorm onder druk gezet. We waren met elkaar aan de slag om de kringloopvisie handen en voeten te geven. En dan opeens komt er een opmerking over het halveren van de veestapel. Dat heeft er voor gezorgd dat het gesprek gestopt is, of misschien niet goed op gang is gekomen. Daar baal ik enorm van, want ik gun de boeren zoveel beter.”

De uitvoering van de kringloopvisie is ‘on hold’ gezet?

Nee, zeker niet ‘on hold gezet’, maar het heeft wel invloed gehad op de slagvaardigheid om hiermee aan de slag te gaan. Draagvlak is dan heel belangrijk. De uitspraak van D66 heeft het vertrouwen van de boeren geen goed gedaan, en het heeft er uiteindelijk ook voor gezorgd dat de ook door D66 zo gewenste omslag naar kringlooplandbouw niet de start heeft gekregen, die we met elkaar hadden gewild. Eigenlijk heeft het averechts gewerkt.”

Had u last van de uitspraak van Tjeerd de Groot in uw gesprek met boeren?

“Het sentiment in Den Haag is: als we de landbouw aanpakken lossen we onze stikstof- en klimaatproblemen op. Zo werkt het niet. En het klopt niet. Je kunt de problemen van de gehele samenleving niet bij de boer op het erf leggen en vervolgens aan de rest niets doen.

Die uitspraak van De Groot was oliedom. Als een politicus zo’n uitspraak doet, wordt dat heel gauw opgevat als een uitspraak van ‘de politiek’ of van ‘Den Haag’. Daar ben ik een onderdeel van, dus dat straalt ook op mij af en dat vind ik heel vervelend. Ik hoop dat boeren en tuinders de ChristenUnie hebben leren kennen als een partij die naast de boeren wil staan om stappen op weg te zetten naar de kringlooplandbouw. Ja, er moet én er gaat iets veranderen. Veel boeren beseffen dat ook. Maar dat is fundamenteel anders dan D66, die vanuit Den Haag zegt: dit zijn de regels, de helft van de dieren eruit.”

Je kunt de problemen van de gehele samenleving niet bij de boer op het erf leggen en vervolgens aan de rest niets doen

Begreep u de reactie vanuit het veld op de uitspraak van D66?

“Het gevoel bij de boeren was dat de helft wel kon verdwijnen. Ondertussen draaide de economie als een tierelier, we vlogen we de hele wereld over, en alles moest maar doorgaan. Maar voor de boeren was er geen plek meer in dit land. Dat gevoel bracht boeren naar het Malieveld. Ze willen toekomst in dit land. De ChristenUnie heeft altijd gezegd: wie boer wil, zijn moet in dit land kunnen boeren. Maar wel op een andere manier dan we altijd gedaan hebben. We zitten met de geschiedenis van Mansholt. Decennialang was het adagium: productiemaximalisatie met hogere efficiëntie, dat is ten koste gegaan van natuur en milieu, en ook ten koste van het inkomen van boeren en ten koste van boeren zelf. Met de kringloopvisie is er een toekomst voor boeren, op een manier die meer in balans is met de natuur; maar die boeren ook een goed inkomen geeft. Want zonder goed inkomen gaat het niet.”

Carla Dik-Faber in gesprek met Tjeerd de Groot van D66. Dik-Faber noemt de uitspraak van De Groot over halveren van de veestapel zeer onverstandig.
Carla Dik-Faber in gesprek met Tjeerd de Groot van D66. Dik-Faber noemt de uitspraak van De Groot over halveren van de veestapel zeer onverstandig. "Die uitspraak heeft zoveel afbreuk gedaan aan het vertrouwen van boeren." - Foto: ANP

U zegt: D66 wil het vanuit Den Haag regelen. Minister Schouten krijgt dezelfde kritiek als het gaat over de krachtvoermaatregel. U heeft als Kamerlid niets gedaan om dat te veranderen, althans niet zichtbaar voor de buitenwereld.

“Deze voermaatregel raakt de autonomie van boeren, dat vind ik als Kamerlid ook heel lastig. Ik moest me als Kamerlid opeens verdiepen in wat een koe te vreten krijgt. Daar wil ik misschien wel geen verstand van hebben, dat wil je eigenlijk gewoon overlaten aan de boerenpraktijk. Aan de andere kant kunnen details het verschil maken en moet ik die ook kennen. Dat is heel dubbel. Ik heb heel veel vragen aan het ministerie gesteld. Je merkt dat het ministerie ook zegt: we hebben liever niet zo, maar gezien de uitspraak van de Raad van State kunnen we niet anders. Het ministerie en de sector hebben geprobeerd er uit te komen, maar het sectorplan kon niet ingevoerd worden, omdat het hapert op de juridische borging.

Zegt de minister…

“Ja, en daar ben ik ook van overtuigd. Ook met het sectorplan moeten boeren in beweging komen en moet er wat gaan gebeuren. Mijn conclusie is dat het sectorplan wellicht aanzienlijk bijdraagt aan stikstofreductie, maar het zit vast op juridische borging en handhaafbaarheid. Als je weet dat dat zo is, moet je duidelijk zijn naar de sector.”

VVD en CDA hebben met steun van een Kamermeerderheid in een motie gevraagd het Planbureau voor de Leefomgeving naar het sectorplan te laten kijken. U heeft die motie niet gesteund.

“Het PBL kan doorrekenen wat het wil, maar dan is er nog geen oplossing voor de juridische borging en de handhaafbaarheid. Daarmee geef je boeren weer hoop, waarvan ik verwacht dat die er niet is. Dat bedoel ik met geen stroop om de mond smeren. Dan is het beter om nu duidelijkheid te bieden. Natuurlijk mag het dierenwelzijn niet in de knel komen, daarvoor was al een uitzondering opgenomen en er wordt nogmaals goed naar gekeken. Maar bereid je voor op 1 september. We hebben deze maatregel nodig om de bouw te laten doorgaan. Het is een tijdelijke maatregel. We moeten nu koersen op een maatregel vanaf 1 januari, gedragen door de sector, gericht op het gehele rantsoen en met doelvoorschriften in plaats van middelvoorschriften. Ik heb daarvoor een motie ingediend en die kan goed worden uitgevoerd.”

Bereid je voor op 1 september. We hebben de voermaatregel nodig om de bouw te laten doorgaan. Het is een tijdelijke maatregel

We laten ons leiden door een juridische uitspraak, die maakt dat er gekozen wordt voor een maatregel, die minder effectief is dan wat de sector zelf heeft uitgewerkt.

“Ik deel dat ongemak, natuurlijk. Maar je kunt niet zomaar een uitspraak van de rechter aan de kant schuiven. Als de juridische borging niet op orde is, ben je weer terug bij af, zodra een organisatie het bij de rechter aanvecht. Dan ben je wéér verder van huis.”

Maar als je ondertussen de stikstofuitstoot reduceert…

“Ik voel het ongemak. Ik vind het ook een beroerde maatregel, maar ik ben inmiddels wel op het punt dat ik zeg: het is voor vier maanden. Laten we de blik vooruit richten.”

Denkt u dat er groepen boeren zijn die zich geremd voelen zich uit te spreken door de manier waarop het publieke debat wordt gevoerd?

“Ja. Ik heb me daarover eerder uitgesproken. Je ziet dat een kleine groep het debat domineert en dat een heel grote groep goedwillende boeren zich niet durft uit te spreken. Het is niet goed dat mensen zwijgen, omdat ze bang zijn voor een schreeuwende club.”

Het is niet goed dat boeren zwijgen, omdat ze bang zijn voor een schreeuwende club

Hebben Kamerleden zich daardoor laten intimideren?

“Ik denk het niet. Ikzelf helemaal niet. Het maakt me alleen maar meer strijdbaar om pal te staan voor de boeren die zich niet durven uit te spreken.”

Gaat u wel eens tegen de minister in?

Ze heeft de vraag niet zien aankomen en moet er lang over nadenken. “Als ik ‘ja’ zeg, moet ik ook met een voorbeeld komen. Ik kan het me zo niet herinneren. We gaan wel tegen het kabinetsbeleid in op het gebied van de handelsverdragen, bijvoorbeeld. Bij de debatten over het handelsverdrag met Canada (CETA) stond ik pal naast mijn collega Joël Voordewind.”

Uw fractie stemde in met CETA.

“CETA is ingewikkeld. We zijn echt niet over een nacht ijs gegaan, we hebben veel voor elkaar gekregen. Er stond ook geld voor de boeren tegenover in het omschakelfonds en heel veel extra randvoorwaarden met extra controles op producten uit Canada worden. Later hebben we wel tegen Mercosur gestemd, het handelsverdrag met Zuid-Amerikaanse landen. Mercosur zou echt desastreus zijn. Europees Commissaris Frans Timmermans heeft het daarna in overleg met de Tweede Kamer gezegd dat voedsel geen plek meer heeft in de handelsakkoorden.”

Een bron bij de Europese Commissie zei over die uitspraak van Timmermans: Vergeet het maar, we gaan echt voedsel niet uit handelsakkoorden halen, want dan zijn er geen handelsakkoorden meer.

“Dat is schokkend. Ik vind dat we echt moeten inzetten op de versterking van Europese markten. Het kan niet allebei: aan de ene kant handelsakkoorden sluiten en tegelijk zeggen dat de keten van boer tot bord korter maken. De groep mensen groeit, die wil weten waar het eten vandaan komt. Ik wil de komende maanden nog nadrukkelijk naar de rol van de supermarkten kijken. Je zag de afgelopen weken dat boeren daar actie voeren. Een boerin stortte haar aardappels op de parkeerplaats bij de supermarkt. Ik kan dat zo goed begrijpen. We hebben prachtig voedsel in eigen land en dan halen supermarkten de spullen uit het verre buitenland.”

We hebben prachtig voedsel in eigen land en dan halen supermarkten de spullen uit het verre buitenland?

Maar we verkopen ook aan het verre buitenland. Moet de Nederlandse boer dan produceren voor de Nederlandse consument en dat is het?

“Nee, voor de Europese markt. Dat je zaden over de hele wereld verkoopt is logisch, maar dat ons vlees de wereld overgaat. Dat is een onhoudbaar model.”

Dus dat we de kop en de poten van het varken aan China verkopen, daarvan zegt u..

”… dat hoort bij de vierkantsverwaarding. Ik pak een ander voorbeeld: We halen 800.000 kalveren uit het buitenland, die worden hier grootgebracht en geslacht, vervolgens gaat het vlees naar bij voorbeeld Saoedi-Arabië. Dat is op termijn niet houdbaar. Versta me goed: ik heb niets tegen kalverhouders. We hebben een prachtige melkveehouderij en kalveren horen daarbij. Er is een plek voor de kalverhouderij. Maar zoals nu, met die enorme import, met hier de slacht en de mest die achterblijft. Ik denk dat we reëel moeten zijn.”

Dus Van Drie moet een andere koers gaan varen?

(Zucht) “Nou ja. Dat dit model niet houdbaar is, dat is voor mij wel duidelijk.”

Bent u beschikbaar voor een komende Kamerperiode?

“Ik ben hier nog heel hard over na aan het denken. Het is een prachtig ambt en ik doe het graag. Ik praat met mensen om me heen over de vraag of ik moet doorgaan. Ik bid er veel voor.

Vraagt u om sterkte, om steun bij de beslissing, vraagt u welke beslissing u moet nemen?

“Ik bid om wijsheid. Ik vind het een heel grote beslissing. Ik had in 2012 niet bedacht dat ik Kamerlid zou worden. Ik stond op het punt een eigen bedrijf te beginnen. Toen kreeg ik een telefoontje en dezelfde avond zat ik bij de selectiecommissie. De volgende ochtend moest ik beslissen en toen zei ik nee. De voorzitter van de selectiecommissie vond dat geen leuk antwoord. Hij wilde ‘ja’ horen. Ik vroeg me af of ik er klaar voor was. Mijn man zei: Je bent er nooit klaar voor, je moet het gewoon doen. Toen heb ik ‘ja’ gezegd. Op weg naar huis stond er een regenboog langs de A30, alsof die er voor mij stond, een boodschap van boven, zo voelde ik dat. Ik heb de overtuiging dat God me leidt en plaatst waar Hij me wil gebruiken. Als Hij wil dat ik doorga, komt het goed. Als Hij wil dat ik op een andere plek actief ben, dan zal dat zo zijn. Maar ik ga niet achterover leunen en zitten wachten tot er een briefje uit de hemel komt.”

Braakman
Jan Braakman Redacteur


Beheer