ChainCraft: ‘Groente- en fruitresten bieden alternatief voor palmpitolie’

25-11 | |
Niels van Stralen is mede-oprichter van ChainCraft. Zijn bedrijf haalt vetzuurketens uit groenten- en fruitresten. Die vetzuren kunnen vervolgens dienen als alternatief voor palmpitolie. - Foto: Herbert Wiggerman
Niels van Stralen is mede-oprichter van ChainCraft. Zijn bedrijf haalt vetzuurketens uit groenten- en fruitresten. Die vetzuren kunnen vervolgens dienen als alternatief voor palmpitolie. - Foto: Herbert Wiggerman

Biotechbedrijf ChainCraft maakt van organische reststromen een ingrediënt voor diervoeders, maar werkt ook aan additieven voor de voedingsmiddelenindustrie. Niels van Stralen is mede-oprichter van het bedrijf: “Wij maken van groentenresten een product dat bijdraagt aan verduurzaming van de diervoeder- en voedingsindustrie.”

Organische reststromen bij de verwerking van suikerbieten, paprika’s en andere groenten en fruitresten komen in groten getale binnen bij de fabriek van ChainCraft in Amsterdam. Leveranciers brengen vrijwel dagelijks nieuwe hoeveelheden vermalen of vermoeste producten, die na omzetting als vetzuur zullen eindigen in diervoeder.

De verwerkende fabriek van Chain Craft in Amsterdam.

Veel van deze reststromen worden nu vergist tot biogas of belanden bij een composteerder, maar ChainCraft geeft een hele nieuwe waarde aan de reststromen. Van Stralen zegt dat zijn bedrijf prijsconcurrerend is met andere afnemers van de bijproducten. “In de organische resten zitten nog voldoende bouwstoffen die wij kunnen omzetten naar hoogwaardige vetzuren. Wij zuiveren deze vetzuren op, zodat ze uiteindelijk te gebruiken zijn als diervoedingsadditief of geur- of smaakstoffen waarmee ze een vervanger voor vetzuren zijn die nu uit palmpitolie worden gewonnen.”

Van Stralen begon het avontuur als student aan de Wageningen Universiteit. In zijn laatste jaar kwam hij in aanraking met de nieuwe technologie. “Dit was net ontdekt en mijn interesse was meteen gewekt. De universiteit patenteerde de technologie en wij ontwikkelden dat verder in het laboratorium. Om het rendabel te maken, moesten we het echter wel op grotere schaal toepassen. Wij namen het patent over en haalden financiering op om schaalvergroting mogelijk te maken. In 2020 openden we onze fabriek in Amsterdam. We verwerken jaarlijks 2.000 ton groenten en fruitresten tot vetzuren in poeder of vloeibare vorm.”

Biobased vetzuren

De belangrijkste afnemer van vetzuren is nu de diervoederindustrie. ChainCraft heeft een samenwerking met onder anderen Agrifirm voor langdurige afname van de circulaire vetzuren. Dit wordt verwerkt in diervoeder, maar de vloeibare variant is ook toe te voegen aan drinkwater van het vee.

Middellange vetzuurketens (mcfa’s) zijn geliefd bij voerfabrikanten en boeren omdat zij een positief effect hebben op de diergezondheid via de maagdarmkanalen. De gangbare vetzuren worden voornamelijk uit palmpitolie gemaakt. Van Stralen: “Onze vetzuren zijn volledig biobased en significant minder milieubelastend. Voor palmpitolie wordt veel regenwoud gekapt om aan de vraag te kunnen voldoen.”

De resten komen als een soort van ‘smoothie’ binnen, vertelt Van Stralen. De resten doorlopen twee fermentaties en verschillende scheidings- en zuiveringsstappen. Uiteindelijk komen hier zuivere vetzuren uit. Er blijft een heldere bruine vloeistof over. Dit kan vervolgens nog gedroogd worden zodat het een poedervorm krijgt. In totaal beslaat dit proces gemiddeld tien dagen.

De vetzuren in poedervorm. Het poeder wordt door veevoerfabrikanten vermengd in het voer.
De vetzuren in poedervorm. Het poeder wordt door veevoerfabrikanten vermengd in het voer.

Wat overblijft is een hoop water en resten van groenten en fruit in de vorm van een vergiste biomassa: schilletjes, eiwitten en vezels. “Het water wordt gezuiverd en gaat terug in het oppervlaktewater. De resten gaan naar een ander bedrijf waar het tot biogas en compost wordt gemaakt”, zegt Van Stralen.

Vervanger palmpitolie

Ook voor de voedingsmiddelenindustrie zegt ChainCraft oplossingen te bieden. De vetzuren kunnen dienen als geur- en smaakstof of als nutritioneel additief. Op dit moment levert ChainCraft nog niet aan geur- en smaakstofproducenten, in de toekomst zullen de producten wel bij grote voedingsmiddelenconcerns terechtkomen.

Ook veelbelovend: het kan dienen als een vervanger van vetzuren als palmpitolie, waardoor het nog een toepassing heeft in de voedingsmiddelenindustrie. “Het is geen één-op-één vervanger. Het heeft dezelfde bestanddelen die ook in palmpitolie zitten, maar het kan ook gebruikt worden in salades, cosmetica en schoonmaakmiddelen. Er worden nu grote hoeveelheden regenwoud ontbost voor de productie van palmolie, het zou mooi zijn als wij kunnen bijdragen aan de vermindering daarvan.”

De focus ligt voor nu echter nog niet op de voedingsindustrie. De volumes zijn nu nog relatief klein. De markt voor diervoeding is nu groter, maar Van Stralen wil zeker verder in de voedingsindustrie. “Wij kijken nu naar de mogelijkheden voor een nieuwe fabriek op industriële schaal. Daar zou ik meer willen doen met deze toepassing.”

Toekomst

Die nieuwe fabriek ligt als het aan Van Stralen niet in de verre toekomst. “We hebben onlangs een grote investering binnengehaald in aanloop naar de nieuwe fabriek. In 2024 wil ik dat die wel in aanbouw is, en gedurende 2025 misschien zelfs al draait. De voorkeur zou een locatie naast een groot agrifoodbedrijf hebben, waar een grote reststroom loskomt.”

Een constante, grote stroom is nodig voor het verder opschalen van ChainCraft naar industriële schaal, zegt Van Stralen. “Op dit moment hebben we vier leveranciers van reststromen, maar ideaal voor de nieuwe fabriek zou één grote zijn met een grote reststroom. Dan kunnen we het maximale halen uit ons bedrijf, maar ook uit nog meer voedingsstromen.”

Lees ook: Hoogleraar: ‘Duurzaamheid reststromen in voeding bepalen, kan beter’

Hilhorst
Alieke Hilhorst Redacteur


Beheer