Coöperaties wel samen, maar te weinig macht

29-03 | |
Vergaderboer Columnist
Melkwagens op het terrein van Coberco in Lochem (Gld) in 1999. - Foto: Mark Pasveer
Melkwagens op het terrein van Coberco in Lochem (Gld) in 1999. - Foto: Mark Pasveer

Supers versterken de inkoopmacht door overnames. Daartegen kunnen de boeren geen vuist maken omdat ze te verdeeld zijn.

Hoe kan dat? Dat is dan de vraag, want het fusieproces bij onze coöperaties is grotendeels achter de rug.

Bijna alle coöperatieve zuivelfabrieken zijn opgegaan in FrieslandCampina. De kleinere coöperaties Cono en Rouveen zijn nog over. Geen enkele kans dat die ook naar FrieslandCampina gaan. Hun melkprijs is hoog en hun financiële situatie sterk. Daar kunnen de leden van FrieslandCampina een puntje aan zuigen.

Cono en Rouveen hebben geen macht door fusie nodig. Met hun producten zijn ze machtig genoeg. De supers komen wel bij hun, omdat ze die kaas niet kunnen missen in hun assortiment.

Marktmacht

Anders was het bij het ontstaan van FrieslandCampina. Eerst gingen we als Coberco samen met Friesland. Het belangrijkste argument was toen al: meer macht in de markt. Hetzelfde verhaal hoorden we nog een keer, toen, inmiddels Friesland Foods – Coberco was al uit de naam verdwenen – fuseerde met Campina. Ook toen was macht het toverwoord. Die is er niet gekomen. De eerste jaren na de fusie waren er de lucratieve vestigingen in het buitenland, waar veel winst werd gemaakt. Dat maakte het mogelijk dat er een prima melkprijs werd uitbetaald.

Leden waren erg tevreden. Je bent graag lid van een coöperatie, die het goed doet. Toen dat minder werd, bleek van macht op de Nederlandse en Europese markt geen sprake. FrieslandCampina is één van de aanbieders. De anderen waren coöperaties en particuliere zuivelaars, waaronder ook A-ware. Die kon komen en bloeien in de schaduw van FrieslandCampina. Van macht is geen sprake.

Onderzoek coöperaties

Dat is vreemd. In Nederland wordt 70% van de agrarische omzet coöperatief verhandeld. Dat zou genoeg moeten zijn om macht op de markt te hebben. Die is er dus niet. Coöperaties als Cono met Beemsterkaas en A-ware met een vrijage met Albert Heijn, hebben macht, of in ieder geval een streepje voor bij de supermarkten. Rara, hoe kan dat?

Het zou goed zijn daar een studie naar te verrichten. Met als opdracht:

  • Wat ging er mis met de zuivel-, maar ook met de vleesfusies in Nederland?
  • Waarom ontstond er geen marktmacht, het argument dat boeren over de streep trok om een fusie goed te keuren?
  • En waardoor werd de kloof tussen leiding en leden van bijvoorbeeld FrieslandCampina zo groot?

Vooral dat laatste is nu belangrijk. FrieslandCampina heeft jarenlang een uitstekende melkprijs uitbetaald. De laatste jaren gaat dat wat minder. En wat doen de leden? Op sociale media wordt de leiding afgebrand: “Ze moeten opstappen.” Voorzitter Keurentjes zag de bui hangen en verdwijnt vervroegd. En Farmers Defence Force meende op te moeten stomen met trekkers voor een actie bij het hoofdkantoor.

FrieslandCampina is nog steeds prijszetter van de melkprijs

Maar de leden moeten ook in de spiegel kijken. Een bedrijf komt door een moeilijke tijd als de eigenaren er als één man achter staan. Dat geldt zeker in een coöperatieve onderneming. Dat is de uitdaging voor de leden van FrieslandCampina. Een gesloten front achter de werkers van de coöperatie. Tot heil van alle veehouders.

Want FrieslandCampina is nog steeds prijszetter van de melkprijs in Nederland. Hoe lager de prijs, hoe meer de ‘ankers’ kunnen verdienen. Hoe lager de melkprijs van de prijszetter, hoe groter de winst van de volgers, zoals A Ware.

Vergaderboer Columnist

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.