De Groene Weg van start met biologische rundvleesketen

20-09 | |
Vlnr: Allard Bakker (directeur De Groene Weg), Erik van der Velde (biologisch melkveehouder), Gert-Jan Stoeten (biologisch vleesveehouder), Daan Tomesen (projectmanager De Groene Weg). - Foto: Venema Media
Vlnr: Allard Bakker (directeur De Groene Weg), Erik van der Velde (biologisch melkveehouder), Gert-Jan Stoeten (biologisch vleesveehouder), Daan Tomesen (projectmanager De Groene Weg). - Foto: Venema Media

De Groene Weg is officieel gestart met de opbouw van een keten van Nederlands biologisch rundvlees. Hiermee wil de dochteronderneming van vleesbedrijf Vion inspelen op de toenemende vraag naar vlees uit de regio.

Ook komt het bedrijf tegemoet aan de behoefte van biologische melkveehouders om al hun kalveren biologisch te laten opgroeien en verwaarden. De afname van de kalveren wordt gekoppeld aan de afname van de melkkoeien als deze uit productie worden gehaald.

De prijs die deelnemende veehouders ontvangen, is niet openbaar en is gebaseerd op een kostprijsberekening van De Groene Weg zelf. De wens is wel om een leveranciersvereniging op te richten voor overleg tussen de deelnemende rundveehouders en de biologische vleesproducent.

Contract voor onbepaalde tijd

Bij de officiële start tekende De Groene Weg een contract voor onbepaalde tijd met biologisch melkveehouder Erik van Velde uit Niehove, en biologisch vleesveehouder Gert-Jan Stoeten uit Zuidhorn. De veehouders ontvangen een prijsgarantie voor twee jaar. Stoeten start met het mesten van 15 kalveren van Van Velde. Volgend jaar komen daar nog 20 tot 25 kalveren bij.

Voldoende animo onder melkveehouders

Volgens Daan Tomesen, projectleider De Groene Weg, is er voldoende animo onder melkveehouders om aan het project mee te doen. Hij geeft aan vooral op zoek te zijn naar meer vleesveebedrijven waar de runderen tot een leeftijd van twee jaar kunnen staan. Voldoende ruimte voor maximale weidegang lijkt daarbij de grootste uitdaging. In de praktijk zijn volgens hem voor 40 tot 60 kalveren al snel twee vleesveebedrijven nodig.

De eerste drie maanden verblijven de kalveren op het melkveebedrijf van herkomst. De kalveren moeten op basis van wet- en regelgeving de eerste 90 dagen biologische melk krijgen en dat kan volgens Tomesen het gemakkelijkst op het bedrijf van herkomst. Een leeftijd van 90 dagen biedt volgens hem ook gezondheidsvoordelen bij het transport. De kalveren gaan vervolgens rechtstreeks van het melkvee- naar het vleesveebedrijf.

Ook bestaat de mogelijkheid voor melkveehouders om de kalveren zelf af te mesten. Voorwaarde is dat de dieren weidegang krijgen of over een uitloop beschikken. Het is volgens Tomesen sinds 1 januari dit jaar niet langer toegestaan de runderen de laatste paar maanden binnen af te mesten. Voorwaarde is ook dat de stiertjes uit veiligheidsoverwegingen worden gecastreerd.

10% biologische kalveren ook biologisch afgemest

In Nederland wordt ongeveer 10% van de biologische kalveren (afkomstig van biologische melkveehouderijen) ook biologisch afgemest. De overige kalveren worden in de reguliere markt afgezet. De Groene Weg heeft al twee biologische ketens in Nederland: varkensvlees met ruim 110 varkenshouders en lamsvlees met 35 schapenhouders. Het bedrijf zet nu een volgende stap door het opzetten van een derde keten voor biologische rundvlees.

Boerderij berichtte al eerder over het voornemen van De Groene Weg om te willen groeien in biologische rundvlees.
Willem Veldman


Beheer