De stip aan de horizon is nu nog een wazige vlek

21-01 | |
Minister Henk Staghouwer (l.) maakte afgelopen maandag zijn debuut in de vergadering van Europese Landbouwministers. - Foto: EU/Mario Salerno
Minister Henk Staghouwer (l.) maakte afgelopen maandag zijn debuut in de vergadering van Europese Landbouwministers. - Foto: EU/Mario Salerno

Henk Staghouwer wil een duidelijke stip op de horizon. Maar eerst moet hij nog een flinke vlek wegwerken: de derogatie is een lastig dossier.

De afgelopen week begon voor landbouwminister Henk Staghouwer met een bezoek aan Brussel. Hij kende de weg al, omdat hij als lid van het Comité voor de Regio’s ook al vijf jaar met enige regelmaat naar Brussel afreisde. Maar de zaal van de Europese Raad had hij nog niet van binnen gezien.

Toen hem gevraagd werd wat hij vindt van de manier van vergaderen, moest hij zoeken naar woorden die nog enigszins positief klinken. Hij had in elk geval zijn eigen boodschap goed kunnen overbrengen, zei hij. De Brusselse ministersvergaderingen blinken uit in het voorlezen van eigen standpunten, zonder het debat aan te gaan.

De minister heeft zich tot doel gesteld een stip aan de horizon te zetten voor boeren, tuinders en vissers. Ondernemers hebben te vaak met onduidelijke en onzekere regelgeving te maken, en daarbij komt ook nog eens dat de ene regel op de andere gestapeld wordt. Staghouwer wil dat niet meer.

Ongemakkelijk gesprek

Die stip aan de horizon is voor de melkveehouders die gebruik maken van de derogatie van de Nitraatrichtlijn nog volstrekt onzichtbaar. En als er al een stip is, heeft die de contouren van een vlek die alle kanten opgaat. De minister sprak maandag met Virginijus Sinkevicius, de milieucommissaris. Het was een ongemakkelijk gesprek, want Sinkevicius is niet erg te spreken over Nederland. We komen de doelstellingen op gebied van waterkwaliteit niet na.

Koude sanering is iets wat Staghouwer zeker niet wil, nu er miljarden op de plank liggen om boeren die dat zelf willen, warm te saneren

De minister zegt zijn voorgangster na dat de Nederlandse landbouw tegen de grenzen aanloopt en dat we ons moeten houden aan Europese verplichtingen. Je zou bijna zeggen dat hij dan kan ophouden met te pleiten voor derogatie, want dan is er in elk geval duidelijkheid en niet elke twee (of in het gunstigste geval vier) jaar weer onzekerheid over of er derogatie wordt verleend. Dan heb je in elk geval een stip op de horizon – duidelijkheid voor langere tijd.

Uiteindelijk zou verlies van derogatie wel kunnen uitdraaien op een koude sanering, en dat is iets wat Staghouwer zeker niet wil – zeker niet nu er miljarden op de plank liggen om boeren die dat zelf willen, warm te saneren.

Stiekem toegevoegd

Bij het debat over de regeringsverklaring ging het deze week ook over de miljarden aan stikstof- en klimaatgelden in het coalitieakkoord. Stiekem werd er iets toegevoegd aan de gebiedsgerichte aanpak. Het zou kunnen dat het rapport-Bekedam, dat ingaat op de rol van de veehouderij bij de verspreiding van voor de mens potentieel gevaarlijke ziekten (zoönosen) zomaar opduikt in de gebiedsplannen die nu in de maak zijn. Kan de geitenhouderij dan nog in zijn huidige omvang in de buurt van bebouwing staan? Mogen pluimveebedrijven in waterrijke gebieden dan nog blijven?

Uitvoer levende dieren

In elk geval hoeven we ons niet meer te richten op de levende export naar buiten de EU, liet Staghouwer en passant weten. De exportcijfers die vrijdag bekend worden gemaakt, zullen laten zien dat de uitvoer van levende dieren misschien 2% is van de totale agrarische export – en het merendeel daarvan blijft binnen de EU.

Braakman
Jan Braakman Redacteur


Beheer