Duitse afzet plantaardige vleesvervangers groeit 39%

14-05 | |
Foto: ANP
Foto: ANP

De afzet van vleesvervangende plantaardige producten in Duitsland zit flink in de lift. Wel blijft de omzet van vleesvervangers een fractie van de omzet van vlees.

De afzet van vleesvervangende plantaardige producten in Duitsland zit flink in de lift. Dat bevestigt een inventarisatie van de verkopen in dit consumentenmarktsegment door het Statistische Bundesamt (Destatis). De statistici becijferen de afzet in 2010 op een kleine 83.700 ton tegen 60.400 ton in 2019. Dat is een plus van ruim 39%. De omzet (in de detailhandel) groeide met 37% naar € 374,9 miljoen.

Rol coronapandemie

Destatis relativeert de groei wel. De omzet van vlees en vleeswaren bedroeg vorig jaar € 38,6 miljard. Dat is meer dan honderd keer zoveel. Niettemin was de omzet van ‘gewone’ vleesproducten 4% lager dan in 2019, toen bekeken over een tienjarig tijdsbestek een record werd bereikt met € 40,1 miljard. Volgens Destatis kan bij de daling de coronapandemie een rol hebben gespeeld. Een aantal vleesproducerende bedrijven moest tijdelijk sluiten of de productie beperken, omdat het personeel besmet raakte.

Vleesconsumptie neemt af

Destatis begon met de inventarisering van de vleesvervangersafzet in 2019. Dus dit was het eerste jaar dat een vergelijking kon worden opgesteld.

Een feit blijft echter dat de vleesconsumptie in een neerwaartse trend zit. Om dat te laten zien, gaat Destatis terug naar 1978. In dat jaar kocht een Duits huishouden nog gemiddeld 6,7 kilo vlees per maand, exclusief vleeswaren zoals worst en vleesconserven. Veertig jaar later was de vleesconsumptie gezakt naar 2,3 kilo per maand. De daling komt vooral voor rekening van varkensvlees. In 1978 was de consumptie per huishouden per maand gemiddeld 3,1 kilo, in 2018 nog maar krap 0,9 kilo. De vergelijkbare rundvleesconsumptie leverde in dezelfde periode in 900 gram in en kwam in 2018 zo op 0,6 kilo. Pluimveevlees ging ook niet vrijuit. Hier becijfert Destatis de daling op 500 gram naar 0,8 kilo per maand per huishouden. De huishoudens werden in de 40-jarige periode wel kleiner. Gemiddeld daalde het aantal personen met 0,5 naar 2.

Verseput
Wim Verseput Freelance redacteur



Beheer

3/3 artikelen over | Registreer voor meer artikelen