€ 1,8 miljard voor stikstofluwe landbouw

24-04-2020 | Laatste update op 01-02 | |
Foto: Ronald Hissink
Foto: Ronald Hissink

Het kabinet trekt ruim € 1,8 miljard uit om de landbouw in de komende 10 jaar stikstofluw te maken. Er komt een omvangrijk pakket aan maatregelen.

De stikstofdeken boven Nederland moet een stuk dunner worden. Het kabinet formuleert het in zijn stikstofpakket zo: in 2030 moet het aantal natuurhectares dat overbelast wordt met stikstof gehalveerd zijn. Uitgedrukt in mollen stikstof: een vermindering van gemiddeld 255 mol/ha/jaar. Een groot deel daarvan (120 mol) wordt al bereikt door eerder getroffen maatregelen en de maatregelen uit het klimaatakkoord. De maatregelen zijn niet alleen op de landbouw gericht. Ook het scheep-, lucht- en wegverkeer krijgen met het pakket te maken.

Maatregelen in het kort

  • €1 miljard voor opkoop veehouderijlocaties met piekbelasting op natuur
  • Voerspoor vooral via krachtvoer
  • Mest uitrijden met water om emissie te verminderen
  • Subsidie voor opvang regenwater in zandgebieden voor verdunning mest
  • Extern salderen kan voorlopig nog niet
  • Deel opbrengst extern salderen bedoeld voor PAS-meldingen
  • Meer weidegang
  • Emissienormen stallen worden strenger, subsidie om stal aan te passen
  • €15 miljoen extra voor ontwikkeling kunstmestvervangers via mestverwerking

Beëindigingsregeling

Er komt een beëindigingsregeling gericht op vermindering van de stikstofneerslag op de zwaarst belaste stikstofgevoelige natuur. Piekbelasters komen als eerste aan bod om hieraan mee te doen. Daarbij geldt niet dat wie het dichtst bij een Natura 2000-gebied zit, het eerst aan bod komt. Het kabinet stelt als criterium de hoogste berekende depositie op een kwetsbaar Natura 2000-gebied. Veehouderijlocaties met relatief weinig effect op depositie komen niet voor de subsidie in aanmerking en daarom wordt een drempelwaarde ingesteld. De hoogte daarvan is nog niet bekend. De regeling is staatssteungevoelig en moet door de Europese Commissie worden goedgekeurd. Op dit moment wordt daarover met Brussel overlegd. De verwachting is dat de regeling op zijn vroegst begin volgend jaar kan worden opengesteld. Er is hiervoor € 1 miljard beschikbaar.

Lees verder onder de tabel.

Voermaatregel in september

Het Landbouw Collectief bepleitte een cafetariamodel waarbij veehouders een keuze kunnen maken uit een aantal opties om de stikstofemissie te reduceren:

  • via het rantsoen;
  • door meer beweiden;
  • door mest te verdunnen met water;
  • of door een combinatie van bovenstaande 3 punten.

Het ministerie houdt vast aan een verplichte verandering van de voersamenstelling, waarbij wordt gestuurd op het ruweiwitgehalte in mengvoer en mogelijk ander krachtvoer in de melkveehouderij. Er komt geen norm voor ruwvoer.

Welke normen voor mengvoer gaan gelden, maakt het ministerie later bekend. De regeling moet nog bij de Europese Commissie worden aangemeld. Minister Schouten denkt dat de regeling op 1 september van dit jaar in werking kan treden.

Mest verdunnen en meer uren weidegang

Voor de volgende jaren wil Schouten inzetten op “een met de sector overeen te komen afsprakenkader, gericht op voermanagementmaatregelen ter verdunning van de stikstofdeken.” Omdat eerder is afgesproken dat de voermaatregelen de boer geen geld mag kosten, heeft de minister hiervoor € 73 miljoen uitgetrokken.

De 2 andere opties in het cafetariamodel van het Landbouw Collectief: mest verdunnen en meer beweiden, komen ook terug in de kabinetsplannen. Bij beweiding wil het kabinet het gemiddeld aantal uren weidegang verhogen van 1.648 uur (2018) naar gemiddeld 1.723 uur in 2021 en 1.898 uren in de jaren vanaf 2022. Landbouwminister Schouten denkt dat de melkveehouderij via meer voorlichting, coaching, ander onderwijs en bijscholing is te stimuleren tot meer weidegang.

Verdunnen van mest (2 delen mest op 1 deel water) wordt op klei- en veengronden al toegepast en kan daar vaak ook goed vanwege voldoende beschikbaar (oppervlakte)water. In zandgebieden is de beschikbaarheid van water echter een probleem. Het kabinet trekt € 100 miljoen uit om bedrijven te ondersteunen bij de realisatie van regenwateropvang (40% van de investeringskosten vergoed).

Verduurzaming stallen

De minister gaat de emissienormen voor stallen per diergroep aanscherpen. Vanaf 2025 gelden scherpere normen. Veehouders kunnen subsidie krijgen voor de aanpassing van de stallen. Daarvoor is € 172 miljoen beschikbaar via de klimaatgelden en daarbovenop komt voor de periode van 2023-2030 nog eens € 280 miljoen. De subsidie is niet alleen gericht op de vermindering van de emissie van stikstof. Ook de uitstoot van fijn stof en broeikasgassen moet verminderen.

Het al eerder aangekondigde omschakelfonds zal ook worden ingezet om de stikstofemissie te verminderen. In de komende jaren is € 175 miljoen beschikbaar in het omschakelingsfonds, die het boeren gemakkelijker moet maken de omschakeling naar duurzamere landbouw te financieren.

Mestverwerking

Bij de ideeën voor de verandering van het mestbeleid is de optie opgekomen om centrale mestverwerking te realiseren. Bij centrale mestverwerking wordt dierlijke mest omgezet in kunstmestvervangers die emissiearm kunnen worden aangewend, of die geschikt zijn voor toepassing buiten de landbouw of in Noordwest-Europese akkerbouwgebieden. In het klimaatakkoord was al € 33 miljoen gereserveerd voor mestverwerking. Daar komt vanuit het stikstofplan nog eens € 15 miljoen bij.

De inzet van landbouwminister Schouten is om ‘samen met de boeren’ landbouwgrond in de melkveehouderij beschikbaar te houden, investering in stallen in de veehouderij, aanpassen van het veevoer, meer weidegang en meer emissiearm uitrijden van mest.

Zij wil niet alleen boeren, maar ook voerbedrijven, slachterijen en marktpartijen betrekken bij de plannen. En ook consumenten moeten een omslag maken. “De maatregelen kunnen alleen slagen als de boer de investeringen kan opbrengen en terugverdienen.”

Braakman
Jan Braakman Redacteur



Beheer

3/3 artikelen over | Registreer voor meer artikelen