Een komen en gaan van Nederlandse boeren in Denemarken

Veel Nederlandse melkveehouders zijn naar Denemarken gekomen, maar er zijn er ook weer velen gegaan. Dat zegt Rick van Heesch, vice-voorzitter van belangenorganisatie Danske Mælkeproducenter.

Lopen naar Denemarken geëmigreerde Nederlandse melkveehouders vaak stuk en moeten ze het bedrijf opgeven? De geruchten willen dat de Nederlanders in groten getale omvallen, maar dat is moeilijk te verifiëren. Feit is dat Denemarken – en dan met name Jutland – in de jaren 90 een populaire uitwijkmogelijkheid is geweest voor Nederlandse melkveehouders.

Deense melkveehouderij

Honderden Nederlandse boeren kochten een bedrijf in het Scandinavische land, aangelokt door onder meer de goedkope quota van destijds. Op een gegeven moment werd het aandeel van de Nederlandse immigranten in de Deense melkproductie geschat op 10%. Het totale aantal melkveehouders in Denemarken is sindsdien net als elders gestaag gedaald, terwijl de veestapels per bedrijf al even gestaag toenamen. Inmiddels zijn er zo’n 2.700 melkveehouders over tegen nog een kleine 4.700 tien jaar eerder. In doorsnee produceren zij rond de 2 miljoen kilo per jaar De gemiddelde Deense melkveestapel met 200 koeien behoort qua omvang al geruime tijd tot de Europese top.

Hoeveel Nederlanders blijft ongewis

Logisch is dat door de structuurontwikkeling ook veel door Nederlanders uitgebate bedrijven zijn verdwenen of zijn samengevoegd met andere. Om hoeveel Nederlanders het gaat is en blijft ongewis. Wel helder is dat het aantal faillissementen in de landbouw als geheel tot dusver dit jaar niet groter of kleiner is dan anders. Daaruit kan in ieder geval niet worden afgeleid dat met name Nederlanders de financiële handdoek in de ring gooien dan wel hebben gegooid. Het aantal landbouwbedrijven (niet alleen melkveehouderij) dat eigendom is van een persoon met een buitenlandse nationaliteit wordt door het ministerie van landbouw in Kopenhagen becijferd op 1.750. Dat daaronder Nederlandse staatsburgers zitten bestaat geen twijfel, maar het zijn natuurlijk niet alleen Nederlanders. Wel zijn het veelal EU-burgers, zo wil het ministerie toegeven.

Melkveehouder Rick van Heesch

De Nederlanders – of voormalige Nederlandse staatsburgers voor zover ze voor de Deense nationaliteit hebben geopteerd – manifesteren zich weinig aan de bestuurstafels van de landbouworganisaties. Een uitzondering die deze regel bevestigt is melkveehouder Rick van Heesch, die vice-voorzitter is van producentenbelangenorganisatie Landsforeningen Danske Mælkeproducenter (LDM).

Van Heesch kwam met zijn ouders in 1994 op 8-jarige leeftijd naar Jutland en nam samen met zijn broer in 2017 het bedrijf over. Het bedrijf melkt momenteel 450 koeien. Een ding weet deze melkveehouder zeker. “In al die jaren heb ik heel veel Nederlanders zien komen, maar ik heb er ook heel veel weer zien gaan,” zegt hij desgevraagd over de situatie. Dat er uiteindelijk het ook weer voor gezien houden wordt in de hand gewerkt door een aantal factoren, legt hij uit.

In al die jaren heb ik heel veel Nederlanders zien komen, maar ik heb er ook heel veel weer zien gaan

De omvang van de bedrijven maakt het bijvoorbeeld plotseling noodzakelijk om met personeel om te gaan. “En dat was men niet gewend”, aldus Van Heesch. “De banken hier willen graag lenen, omdat de nieuwkomers vaak zelf veel eigen geld meenemen, maar ook omdat hier sowieso makkelijker krediet verstrekt wordt. Maar het geld opmaken gaat heel vlug, want er moet veel worden vervangen. Ze komen dan al gauw dik in de schuld te zitten en bij de na de financiële crisis gedaalde grondprijzen en tegenvallende melkprijzen zijn financiële problemen misschien niet meer te vermijden.”

Van Heesch: “De Nederlanders zijn geen slechtere veehouders dan de Denen. Maar het is wel zo dat de financiële zekerheid in Nederland groter is.”

Gezond koeien voeren met minder eiwit: hoe doe je dat? Meld je nu gratis aan voor het webinar op donderdag 4 juni

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.