Emissiearme stal staat op het spel

14-06 | |
Bouw van een emissiearme varkensstal. - Foto: Koos Groenewold
Bouw van een emissiearme varkensstal. - Foto: Koos Groenewold

De bouw van emissiearme stallen kan stil komen te vallen als er geen gebruik meer kan worden gemaakt van de emissiefactoren uit de RAV-lijst.

Dat standpunt hanteerde de provincie Utrecht dinsdag met zoveel woorden tijdens de zitting bij de Raad van State over de vergunningverlening voor acht emissiearme stallen in de provincie.

Een vergunning voor een emissiearme stal moet niet afhangen van twijfel over de emissiefactoren in het algemeen, aldus de provincie. Je kunt emissiefactoren aanpassen of beter gaan handhaven, maar niet de emissiefactoren uit de RAV-lijst overboord gooiden. Zonder RAV-lijst worden er geen emissiearme stallen meer gebouwd, aldus de provincie.

Advocaat Johan van Groningen zei namens een van de betrokken boeren: “We hebben de RAV-emissienormen nodig om bedrijven te kunnen ontwikkelen.”

Werking van emissiearme stallen

De Raad van State trok dinsdag 14 juni de gehele dag uit om de principezaken uit te discussiëren. Zowel de emissiefactoren van emissiearme stallen als de vergunningverlening voor beweiden en bemesten kwamen uitgebreid aan de orde.

Dat het CBS en de Commissie Deskundigen Mestbeleid (CDM) constateren dat er vraagtekens kunnen worden gezet bij de werking van emissiearme stallen, is geen reden er geen vergunningen meer voor af te geven, aldus de provincie.

Mobilisation for the Environment (MOB) en de Vereniging Leefmilieu grijpen rapporten van CBS en CDM aan om duidelijk te maken dat de gehanteerde emissiefactoren geen hout snijden. Zeker niet als de emissiefactoren worden gebruikt bij nieuwe stallen, met het doel om de veestapel uit te breiden. Ton van Hoof van de Vereniging Leefmilieu vindt dat er geen twijfel mag zijn over de emissiefactoren. Zolang er twijfel is, mogen die factoren niet worden gebruikt. Advocaat Hans Besselink namens de provincie Utrecht: “Je kunt geen vergunning weigeren voor een nieuwe stal met als argument dat de collega’s van de veehouder zich niet aan de regels houden.”

Vergunningverlening voor beweiden en bemesten

De Raad van State is op zoek naar een mogelijkheid een mouw te passen aan de vergunningverlening voor beweiden en bemesten. De staatsraden stonden heel lang stil bij de vraag wat er als referentiepunt moet gelden, als er vergunningen moeten worden afgegeven. De provincie denkt aan wat er in de bestemmingsplannen stond en staat. Jurist Valentijn Wösten vindt namens Mobilisation for the Environment dat het feitelijk gebruik daar nadrukkelijk bij betrokken moet worden, met de beperkingen op de aanwending van mest die daar nog bij komt.

Voorzitter staatsraad Rosa Uylenburg zei aan het begin van de zitting dat zij en haar collega’s zich ervan bewust zijn dat deze zaak om meer gaat dan alleen de acht zaken die worden behandeld. “Wij voelen een grote druk”, aldus Uylenburg. Tegelijk wil ze niet uit het oog verliezen dat het ook gaat om acht individuele bedrijven en families met hun eigen belangen.

De Raad van State neemt de tijd voor de uitspraak, die langer op zich zal laten wachten dan de gebruikelijke zes weken.

Braakman
Jan Braakman Redacteur


Beheer