Erwinia is zorgenkindje van pootgoedsector

Erwinia blijft een zorgenkindje voor de pootgoedsector. Zelfs PB1-pootgoed kan latent besmet zijn.

De keuringsdienst NAK doet verder onderzoek naar besmetting van pootaardappelen met erwinia. De NAK constateert dat zelfs PB1-pootgoed dat is geteeld uit miniknollen latent besmet kan zijn met erwinia. De NAK wil weten hoe pootgoed van de allerhoogste klasse besmet kan raken met de bacterieziekte. Latent wil zeggen dat de bacterie kan worden aangetoond, maar dat er geen zichtbare ziekteverschijnselen zijn.

Dat meldde de keuringsdienst maandagavond in Espel op de eerste van een serie telersvergaderingen. Er zijn verschillende mogelijkheden, zegt regiomanager Jan Eggo Hommes. “Komt de besmetting uit de lucht of uit de grond? Of is er een andere besmettingsroute? Als we dat weten te achterhalen, dan is een besmetting wellicht te voorkomen.”

Verder onderzoek naar isolaten

De NAK doet ook verder onderzoek naar de verschillende isolaten van de erwiniabacterie Pectobacterium brasiliensis (PB). Uit onderzoek van de NAK, Wageningen UR, het Belgische onderzoeksinstituut ILVO en de pootgoedhandelshuizen HZPC en Agrico blijkt dat niet alle PB-isolaten even agressief zijn. Hommes: “We hebben net als in 2018 knollen geïnfecteerd met brasiliensis isolaten, die afkomstig zijn van planten met symptomen van de ziekte of van latent besmette knollen. Een aantal isolaten veroorzaken planten met symptomen, zoals verwacht. Maar andere isolaten juist niet. De resultaten van 2019 komen overeen met die van 2018. We willen een test ontwikkelen die specifiek is op die isolaten die voor problemen zorgen in de nateelt. Dan wordt de erwiniatoets een nog krachtiger instrument om de pootgoedteelt naar een nog hoger niveau te tillen.”

Erwiniatoets vrijwillig vanaf 2019

Van 2012 tot en met 2018 waren pootgoedtelers verplicht de klassen PB en S te onderzoeken op de bacterie. Vanaf 2019 werd de erwiniatoets vrijwillig. Er zijn 4 soorten bacteriën die erwinia in aardappelen kunnen veroorzaken. Dat zijn Pectobacterium brasiliensis (PB), Pectobacterium parmentieri (PP), Pectobacterium atrosepticum (PA) en Dickeya (DIC).

Besmettingsgraad erwinia laagste sinds 2012

In 2019 zijn 2.579 monsters van de klassen PB en S onderzocht op de vier erwiniabacteriën. In 1,2% van de monsters is DIC aangetoond. Bij PA was dat 0,3%, bij PP 11% en bij PB 42%. De besmettingsgraad is nog nooit zo laag geweest bij alle vier soorten erwinia sinds 2012. Bij DIC en PA is een sterk verband tussen latente besmetting en problemen in de teelt. Hommes: “Een latente besmetting met DIC of PA geeft een kans van 80% op ziekte planten in de teelt. Bij PP en PB is die correlatie veel lager, namelijk ongeveer 20%.”

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.