Skip to content

Flinke verbeteringen voor Nederlandse quinoa

De Nederlandse quinoateelt wordt verdubbeld. Dit seizoen start een grootschalige teelt op Schouwen-Duiveland.

Updated on:
Interview
Eiwittransitie
Nederlandse quinoa premium

Lennert den Boer werkt mee aan een grootschalige proef rond biologische quinoateelt. Foto: Peter Roek

De Nederlandse quinoateelt wordt verdubbeld. Dit seizoen start een grootschalige teelt op Schouwen-Duiveland. Marc Arts, directeur van GreenFood50, ziet veel kansen. “De afgelopen jaren is de teelt flink verbeterd, waardoor de opbrengsten stijgen. De concurrentie met goedkope biologische quinoa uit de Andes is grotendeels weggevallen en consumenten staan open voor duurzame en lokaal geteelde, eiwitrijke gewassen.”

Innovatienetwerk FoodDelta Zeeland startte in 2021 het project De Zeeuwse quinoaketen dat inmiddels is afgerond. “Samen met partijen uit de hele keten, zoals GreenFood50, Van de Bilt Zaden & Vlas, Meatless en Labeij Food Products, hebben we onderzocht hoe de schakels op elkaar aansluiten en toegevoegde waarde kunnen leveren”, licht Marc Arts, directeur van GreenFood50 toe. Zijn bedrijf is marktleider in innovatieve quinoa-ingrediënten op basis van Nederlandse en Belgische quinoateelt.

Tijdens het twee jaar durende project is er zowel gekeken naar de teelt, als de schoning, sortering, verwerking en de afzet richting de consument. Met de juiste expertise blijkt lokale quinoa economisch haalbaar te zijn voor de diverse ketenpartijen. Verdere opschaling van volumes is daarbij wenselijk. Voor Zeeuwse telers wordt geschat dat een groei naar meer dan 100 hectare quinoa per jaar haalbaar is.

Maar vraag naar biologische quinoa

Marc Arts, directeur van GreenFood50

Daarbij spelen de marktomstandigheden een grote rol, weet Arts. “Met biologisch quinoa konden we in het verleden niet concurreren met import uit de Andes. Inmiddels is echter gebleken dat men daar voor de biologische teelt op grote schaal pesticiden heeft gebruikt. Dat is uiteraard tegen alle regels in. De EU heeft maatregelen genomen, zodat deze quinoa niet meer geïmporteerd kan worden. Daardoor is de vraag naar biologische quinoa uit Nederland gestegen. Dat sluit ook aan bij de wensen van de consument, die liever een lokaal product wil met bovendien een veel lagere CO2-footprint. Dat is voor ons de aanleiding om te kijken hoe wij ons telersnetwerk in Nederland en België verder kunnen uitbreiden.”

Ook de toenemende kennis draagt bij aan stijgende kansen voor quinoateelt. “Wageningen University & Research heeft de afgelopen decennia verschillende nieuwe rassen ontwikkeld, waarvan GreenFood50 de exclusieve licentiehouder in de Benelux is. Wij zetten momenteel het ras Bastille in met een kortere groeicyclus. Bovendien heeft dit ras een stevigere stengel, waardoor de planten beter tegen hevige regenbuien en wind kunnen. Hierdoor hebben de telers een betere opbrengst.”

We hebben zelfs internationale teeltrecords gebroken

De telers wisselen onderling hun kennis en ervaringen uit. “De ervaren telers helpen nieuwe telers op weg. Verder maken we ieder jaar een teelthandleiding met de nieuwste inzichten. In de beginperiode hadden we opbrengsten van een 1,5 ton per hectare. Nu zien we gemiddeld bij de bioteelt 3,5 tot zelfs uitschieters tot 4,5 ton per hectare. We hebben zelfs internationale teeltrecords gebroken.”

22 grootschalige quinoatelers

Dit seizoen hoopt Arts de teeltopbrengst meer dan te verdubbelen. “We hebben dit seizoen in Nederland en België 22 grootschalige quinoatelers, waarvan er twee in Zeeland zijn gevestigd. Aan alle quinoa-telers is gevraagd of ze hun teelt willen vergroten. Ze hebben allemaal aangegeven daar voldoende ruimte voor te hebben. De meeste hebben hun quinoa-areaal verdubbeld”, aldus Arts. In Zeeland wordt dit seizoen door twee telers op zo’n 20 hectare quinoa geteeld. Lennert den Boer is een de biologische teler die voor het eerst op Schouwen-Duiveland quinoa gaat telen. Hij vindt het best spannend. “Ik begin gelijk met een redelijk grote oppervlakte. Ik heb nu 75 hectare grond en daarvan wil ik 11 hectare voor de quinoa-teelt gaan gebruiken.”

Zijn keuze voor quinoa heeft twee redenen: “Ik zocht naar een gewas waar een toenemende vraag naar is en ik wil in mijn bouwplan graag minder kwetsbare gewassen opnemen. Een stukje risico spreiding, dus. Het afgelopen jaar was echt heel pittig. Eerst was het heel lang heel nat en daarna werd het ineens gortdroog. Dat heeft onder meer mijn uienoogst geen goed gedaan.”

Ik zocht naar een gewas waar een toenemende vraag naar is en ik wil in mijn bouwplan graag minder kwetsbare gewassen opnemen

Ook de toenemende verzilting en waterschaarste spelen een rol. “Quinoa kan heel goed tegen droogte, zeker tegen het eind van het seizoen.” Arts vult aan: “Lennert kreeg de afgelopen jaren steeds vaker te maken met teleurstellingen rond de teelt. Dan is het belangrijk om alternatieven te zoeken.” Richting de toekomst wordt er nog meer waarde toegevoegd, doordat steeds meer telers de quinoa zelf drogen. “Een aantal telers heeft inmiddels condens drogers geïnstalleerd en Lennert gaat hier ook mee starten. Hoe eerder je droogt, hoe beter de kwaliteit en hierdoor realiseert de teler een nog beter saldo.”

Lennert den Boer (47) op zijn quinoaveld waar onlangs is gezaaid.

Bodemkwaliteit is doorslaggevend

In Noord-Brabant wordt hoofdzakelijk op gangbare wijze geteeld en in Zeeland is de teelt biologisch. Toch zijn de Zeeuwse teeltopbrengsten hoger. Dat kom volgens Arts vooral door de kleigrond. “In Brabant wordt de gangbare quinoa zonder pesticiden op zandgrond geteeld. De Zeeuwse biologische telers hebben echter structureel een veel hogere opbrengst dan de gangbare telers in Noord-Brabant. Dat komt omdat bij quinoateelt de bodemkwaliteit doorslaggevend is.”

Naast de goede bodemkwaliteit heeft de Zeeuwse teelt nog andere voordelen, zoals de lokale verwerking. Arts licht toe: “De Nederlandse en Belgische teelt wordt naar projectpartner Van de Bilt Zaden & Vlas in Sluiskil gebracht. Dit bedrijf verwerkt de quinoa in een speciale hal voor voedingsproducten. Het grote voordeel is de hele centrale ligging van Van de Bilt. Er zijn zelfs telers die met de kieper aanleveren. Door de korte transportafstand en de inzet van zelf opgewekte zonne-energie bij Van de Bilt is de CO2-eq footprint eveneens laag.”

Afzet Nederlandse quinoa

Quinoa wordt hoofdzakelijk verwerkt in salades. Bij Ekoplaza is onlangs een verpakkingsvrij Wisselwaar-concept gelanceerd. “Wij werken B2B en hebben geen eigen merk, maar in feite leveren we bijna aan alle bekende merken.” Steeds meer voedingsbedrijven schakelen over naar lokale quinoa, merkt hij. “We hebben bijvoorbeeld een samenwerking met Zeeuwse quinoa ketenpartner Meatless, die zowel biologische als gangbare quinoa van ons verwerkt tot texturaten voor de productie van vleesvervangers. Op de open dag van de Triodos bank heeft de andere projectpartner Labeij Food Products een plantaardige filet americain op basis van biologisch quinoa texturaat van Meatless gepresenteerd.” Het gewas heeft naast een uitstekende nutritionele waarde ook goede functionele eigenschappen, weet hij. “Quinoa zorgt bijvoorbeeld voor binding in consumentenproducten.”

De kleur van Nederlandse quinoa

Een van de uitdagingen is de kleur van de Nederlandse quinoa. “Als er natte omstandigheden zijn bij het oogsten en niet heel snel gedroogd wordt, dan kan quinoa donker verkleuren. De Nederlandse consument wil het liefst een licht product, omdat ze dat vanuit de Andes gewend zijn. Terwijl ons volkoren Nederlandse product meer voedingsstoffen bevat en veel duurzamer is. Niet alleen omdat er ontzettend veel op transport wordt bespaard, maar ook omdat de verwerking veel minder energie en water kost. De quinoa in de Andes heeft een bittere zeepachtige laag die eraf gepolijst en gewassen moet worden. Dat is bij onze Nederlandse, volkoren quinoa niet nodig. Vandaar heeft onze gangbare quinoa een 40% lagere CO2-footprint heeft ten opzichte van de import uit de Andes. Bij de biologische quinoa is de CO2-eq footprint zelfs 60% lager.”

Quinoa zorgt bijvoorbeeld voor binding in consumentenproducten

Voor de toekomst ziet hij volop kansen. “Ik ben heel blij dat quinoa nu officieel in de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum is opgenomen. Het gewas past ook uitstekend in de eiwittransitie. In de beginjaren van de vleesvervangers werd vooral gekeken naar soja en tarwe. Nu merk je dat er steeds meer vraag komt naar andere gewassen. Steeds meer consumenten worden zich bewust van de voordelen van quinoa, zoals glutenvrij, een hoge eiwitkwaliteit en een grote hoeveelheid vitaminen en mineralen. Voorheen was import een reden om voor een goedkoper importalternatief te kiezen. Dat verschil is nu verdwenen waarbij bovendien de CO2-footprint aanzienlijk lager is.”

Snel delen

Afbeelding
Wendy Noordzij

Freelance redacteur

Misset Uitgeverij B.V. Auteursrecht voorbehouden

Algemene voorwaarden Privacy Cookies

Beheer
WP Admin