Franse voedingsindustrie beducht voor ‘gelijkheidswet’

Groente in een Franse supermarkt. - Foto: ANP
Groente in een Franse supermarkt. - Foto: ANP

Frankrijk scherpt een wet aan die eerlijker relaties binnen de voedingsketen moet afdwingen. De voedingsindustrie reageert kritisch.

De Franse wet ‘Loi EGalim’ op eerlijker relaties binnen de voedingsketen, met als voornaamste doel een beter en meer gegarandeerd inkomen voor de boer of tuinder, wordt verder verscherpt. De verplichte indexering van de prijs van agrarische grondstoffen in levercontracten wordt uitgebreid naar alle inputkosten, de wet wordt ook van toepassing op eigen merken van de supermarkten en de controle moet intensiever worden. Maar de voedingsproducenten zien nu al donkere wolken, zeker nu ze geconfronteerd worden met over een breed front hogere kosten.

Verband tussen kosten en consumentenprijs

De Loi EGalim is een in de Franse voedingswereld zo langzamerhand ingeburgerd begrip. De wet beoogt een direct verband te leggen tussen kosten voor de primaire producent en wat de voedingsproducent en uiteindelijk de supermarkt voor het eindproduct rekent. In leveringscontracten voor voeding en dranken moet daartoe een indexering van de productiekosten staan, inclusief afspraken over hoe de prijzen worden aangepast als de kosten voor boer of tuinder stijgen – of dalen. Een ander aspect is dat al te grote aanbiedingen met merkartikelen zijn verboden. Kort gezegd: twee voor de prijs van een mag niet meer, drie voor de prijs van twee nog wel.

Maar die in 2018 afgekondigde wet heeft slechts beperkt resultaat gehad. Met name in de zuivel werken de contracten goed. Dat komt doordat de zuivelwereld strak is georganiseerd en onder meer beschikt over een economisch instituut dat indexen voor de prijsontwikkeling kan verschaffen. Daar zijn ook nieuwe tripartite-contracten tot stand gekomen, dus tussen de zuivelfabrikant, de boeren via hun coöperatie én de supermarkt.

Met een tripartite-contract kan ik de veehouder rechtstreeks bellen en hem vragen hoeveel hij denkt nodig te hebben

Michel Biero, directeur inkoop en marketing van Lidl France: “Met een tripartite-contract kan ik de veehouder rechtstreeks bellen en hem vragen hoeveel hij denkt nodig te hebben. Natuurlijk moet ik ook met mijn klanten rekening te houden, maar met een paar centen meer voor de melkvee- of varkensboeren die in grote moeilijkheden verkeren, wordt het beter voor hen, is het goed voor Lidl en voor de Fransen die zo graag Frans willen eten.”

Winkelmerken

Elders in de sector is van de Loi EGalim maar weinig te merken, vooral doordat de regels nogal vaag zijn en er ook niet of nauwelijks op gecontroleerd wordt. Dat is opgepakt door het parlement met een initiatiefwet waarover vorige week een akkoord tussen beide Kamers is bereikt. In de eerste plaats is de werking van de wet uitgebreid naar de grote categorie producten die onder eigen winkelmerken worden verkocht. Dat bleek nodig omdat de supermarkten steeds meer met die producten gingen stunten.

Verder wordt de verplichte indexering uitgebreid tot alle inputkosten, dus niet alleen die voor agrarische grondstoffen maar ook die voor energie, transport of verpakking. Daarnaast zijn, om de transparantie te verbeteren, de opties voor de verwerkingsindustrie om die indexering in contracten te verwerken verder beperkt en op een lijn gebracht. Ten slotte heeft de concurrentiewaakhond Direction générale de la Concurrence (DGCCRF) de nadrukkelijke taak om scherp toezicht te houden op EGalim.

Twijfels over uitvoering

De organisatie voor de voedingsindustrie Ania juicht de verduidelijkingen toe maar heeft, zeker in deze tijd, grote twijfels over de uitvoering. “Talloze ondernemingen en met name mkb‘ers zijn uiterst verontrust over bepalingen die erg moeilijk uit te voeren zijn. Tegen de achtergrond van een buitengewone toename van de prijzen voor bepaalde agrarische grondstoffen, waar nog die van transport en energie bij komen, zal de toepassing van de wet veel bedrijven die toch al vrezen voor hun toekomst verder verzwakken. De voedingsbedrijven kunnen alleen participeren in de voedings- en milieutransitie op voorwaarde dat rekening wordt gehouden met de economische realiteit.”

Ania benadrukt dat tijdens de jaarlijkse onderhandelingen tussen de supermarkten en hun leveranciers van voeding en dranken, die binnenkort beginnen, duidelijk moet worden of de wet daadwerkelijk vruchten afwerkt.

Peijs
Ruud Peijs Freelance redacteur


Beheer