Gaswinning in Loon op Zand mag door tot 2026

Het bedrijf Vermillion mag doorgaan met gaswinning in het Brabantse Loon op Zand. De Raad van State heeft alle bezwaren daartegen van tafel geveegd.

Omwonenden, gemeenten uit de omgeving, het provinciebestuur, twee waterschappen en het nabijgelegen pretpark de Efteling hoopten dat de hoogste bestuursrechter het laatste zogeheten winningsplan ongeldig zou verklaren. De Raad van State oordeelt echter dat het plan goed genoeg is.

Bodemdaling en trillingen

Volgens de raad heeft minister van Economische Zaken Eric Wiebes eind 2018 terecht ingestemd met de plannen van Vermillion. Door dat besluit mag het bedrijf tot 2026 gas blijven winnen in de Brabantse gemeente, langer dan eerder de bedoeling was, zowel op een bestaande locatie als op een nieuwe locatie waar nog een put moet worden geboord. Tegenstanders vrezen onder meer de gevolgen bodemdaling en trillingen. Ook betoogden ze dat de milieu-effecten niet goed zijn onderzocht.

Hydraulische stimulatie

De Raad van State kan zich in geen van de bezwaren vinden en wijst in het vonnis onder meer op onderzoeken van TNO en het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). Daarin wordt geconcludeerd dat slechts een geringe bodemdaling te verwachten is en dat de gaswinning binnen alle wettelijke normen kan plaatsvinden.

Specifiek richtten de bezwaren zich ook tegen zogeheten hydraulische stimulatie, een techniek waarbij met behulp van vloeistof onder hoge druk een scheur in gesteente wordt gemaakt, zodat het gas naar boven kan stromen. Soms wordt de techniek verward met de winning van schaliegas door fracken. Die techniek is zeer omstreden, omdat het door veelvuldig gebruik van chemicaliën tot grote milieuschade kan leiden.

Rechter kritisch over sommige bezwaren

Hydraulisch stimuleren zoals in Loon op Zand soms nodig kan zijn, is volgens een rapport van toezichthouder SodM uit 2016 al honderden keren toegepast in Nederland. Voor zover bekend heeft dit nooit geleid tot schade aan mens of milieu.

In het vonnis toont de hoogste bestuursrechter zich kritisch over sommige bezwaren. Zo wijst de Raad van State erop dat de waterschappen in een eerder advies over het winningsplan nog helemaal geen problemen voorzagen voor het grond- of drinkwater. De rechters noemen het “niet verboden, maar wel opmerkelijk, om in een beroep bij de bestuursrechter een standpunt in te nemen dat tegenovergesteld lijkt te zijn aan het eigen bij de voorbereiding van het bestreden besluit gegeven advies.”

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.