Genetisch gemodificeerde tarwe begint aan opmars

25-09-2021 | |
Proefveld met genetisch gemodificeerde tarwe van Bioceres in Argentinië. Dat land stond als eerste deze teelt toe. - Foto: ANP
Proefveld met genetisch gemodificeerde tarwe van Bioceres in Argentinië. Dat land stond als eerste deze teelt toe. - Foto: ANP

Genetisch gemodificeerde tarwe wordt niet zoals gen-mais, -koolzaad en -soja wereldwijd op uitgebreide schaal geteeld. Rijst is er ook in GMO-variant, maar ’s werelds grootste voedselgewas, tarwe, is nog steeds gentech-vrij. Dat gaat veranderen. Grote producenten op het zuidelijk halfrond nemen het voortouw.

Het idee dat genetisch gemodificeerde tarwe een oplossing kan bieden aan uitdagingen in de wereldwijde landbouw, wint terrein onder wetenschappers en in de voedingsindustrie. Toch lijkt er nog een lange weg te gaan voordat de teelt van GMO-tarwe gemeengoed is, maar de eerste stappen zijn gezet. In oktober vorig jaar keurde Argentinië de zogeheten HB4-variant goed. De tarwesoort is ontwikkeld door Trigall Genetics, een joint venture van het Argentijnse bedrijf Bioceres en het Franse Florimond Desprez. Onlangs maakte Bioceres bekend dat het 55.000 hectare HB4-tarwe heeft gezaaid met een totale waarde van € 5,42 miljoen.

De overheidsorganisatie Food Standards Australia and New Zealand (FSANZ) ontving recent een aanvraag van Trigall Genetics om meel en andere ingrediënten van deze HB4-tarwe te mogen gebruiken in Australië. Soortgelijke procedures zijn opgestart in Bolivia, Uruguay, Paraguay, de Verenigde Staten, Colombia, Indonesië en Zuid-Afrika.

Veel landen in de Europese Unie zijn fel gekant tegen het vrijgeven van de teelt van GMO-gewassen. Negentien landen daarbuiten hebben de teelt van deze gewassen gedeeltelijk of geheel verboden. Rusland, Turkije, Peru en veel andere landen verbieden de teelt.

Moslimlanden importeren veel tarwe, maar staan over het algemeen afwijzend tegenover GMO-tarwe. Egypte en Indonesië zijn de twee grootste tarwe-importeurs in de wereld. Grote producenten als de Verenigde Staten, Brazilië, Australië en Argentinië verbouwen al volop andere GMO-gewassen.

De GMO-tarwe bevat een gen van de zonnebloem, dat zorgt voor betere resistentie tegen droogte. - Foto: Jan Willem van Vliet
De GMO-tarwe bevat een gen van de zonnebloem, dat zorgt voor betere resistentie tegen droogte. - Foto: Jan Willem van Vliet

Meer opbrengst met de HB4-variant van GMO-tarwe

In proeven op Argentijnse akkers in de afgelopen tien jaar stelden onderzoekers vast dat de HB4-variant de opbrengst van de oogst met 20% verhoogt tijdens seizoenen met perioden van droogte. Alleen al die opmerkelijke eigenschap zou deze tarwe op veel plekken populair kunnen maken. Bioceres spreekt van meer voordelen. De HB4-tarwe zou ten goede komen aan de duurzaamheid van de tarweteelt en bovendien deels bestand zijn tegen het herbicide glufosinaat (niet te verwarren met glyfosaat, de werkzame stof in onder meer Roundup).

Het zogeheten HaHB4-gen van de zonnebloem vormt de ruggengraat van de HB4-tarwe en brengt de nieuwe eigenschappen in. Droogte is wereldwijd een toenemend probleem voor telers, onderstreept Bioceres. “Landbouwsystemen verliezen daardoor stabiliteit. Daar komt bij dat boeren productie verliezen in tijden van droogte.”

Er komt een moment dat de zaak gaat dringen. Dat zou snel kunnen zijn, binnen vijf jaar

De betere droogteresistentie maakt het ook mogelijk om makkelijker soja en tarwe af te wisselen op het land. “Deze milieuvriendelijke rotatie zou anders niet mogelijk zijn in sommige gebieden”, beklemtoont Bioceres. “In combinatie met andere milieuvriendelijke technieken, kan deze rotatie met HB4 het opslaan van meer koolstof in de grond bevorderen.”

Voor elke 40 are HB4-tarwe die jaarlijks wordt verbouwd zou een hoeveelheid extra koolstof worden opgeslagen die gelijk staat aan de gemiddelde uitstoot van een personenauto gedurende twee maanden.

Argentinië keurde eerder al de HB4-sojaboon goed. Die variant is ook al toegestaan in belangrijke productielanden als de Verenigde Staten en Brazilië. Samen met Argentinië zijn die landen goed voor 80% van de wereldwijde sojaproductie.

Federico Trucco, CEO bij Bioceres, toonde zich bij de presentatie van de HB4-tarwe buitengewoon tevreden. Hij noemde de goedkeuring van HB4 in Argentinië een ‘baanbrekende mijlpaal voor de gehele wereldwijde voorraadketen’, gezien de aanzienlijke verhoging van de opbrengst en de significante milieuvoordelen die de nieuwe tarwevariant met zich meebrengt.

Tarweproductie transformeren voor voldoende voedsel

De ontwikkeling van de HB4-technologie begon zeventien jaar geleden. Bioceres ging toen een samenwerking aan met wetenschappers van de Argentijnse overheidsorganisatie Conicet. Een team van wetenschappers, onder wie Raquel Chan, ontdekte na enige tijd het gen van de zonnebloem dat de basis zou vormen van de HB4-technologie.

Volgens Trucco staat de tarweproductie wereldwijd aan de vooravond van een transformatie. “We zijn deel van een monumentale zoektocht naar meer welzijn voor zowel boeren als consumenten”, zei hij. “Een wereld zonder voldoende voedsel loert om de hoek en is alleen te voorkomen als mensen hun reserves tegenover genetisch gemodificeerde gewassen opzijzetten.”

Trucco weet maar al te goed dat er nogal wat de bedenkingen zijn tegen GMO-tarwe. Verreweg het meeste van de GMO-mais- en -soja-oogsten verdwijnt in veevoer. Gemodificeerde tarwe komt echter terecht in brood en pasta, en dat schrikt zowel consumenten als wetgevers af.

55.000 hectare zaaide Bioceres in met HB4-tarwe. Dit vertegenwoordigt een waarde van € 5,42 miljoen

“Er komt een moment dat deze zaak gaat dringen, dat we plotseling onze koers ‘gisteren’ hadden moeten wijzigen”, benadrukte Trucco in een interview. “Dat moment zou wel eens snel kunnen komen. Binnen vijf jaar.”

Bioceres is al enige tijd in gesprek met verwerkingsbedrijven en voedselproducenten in Brazilië om HB4-tarwe ook daar te telen. “Als we onze positie in Latijns-Amerika kunnen consolideren en daarna andere gebieden mee kunnen krijgen, kan dit trapsgewijs een succes worden”, zegt Trucco.

Het geduld van de Bioceres-topman wordt danig op de proef gesteld. De Nationale Technische Commissie Bioveiligheid van Brazilië stelde eind juni een beslissing over de goedkeuring van de HB4-tarwe uit. De commissie wil eerst de nodige garanties van Bioceres.

Voor de productie van HB4-tarwe in Brazilië zijn volgens de commissie investeringen nodig in de teelt van cultivars die zijn aangepast aan de Braziliaanse klimatologische omstandigheden en bodem. Ook moet er een garantie zijn dat HB4-tarweproducten straks volledig te traceren zijn. Bioceres zegt beide in afzienbare tijd te kunnen leveren.

In Brazilië bestaat ook nogal wat weerstand onder verwerkers van tarwe. Circa 85% is tegen de komst van deze tarwesoort. Onder consumenten bestaat eveneens veel achterdocht.

Britse variant genetisch gemodificeerde tarwe

Overigens onderzoeken wetenschappers al jaren in tal van landen hoe zij tarwe via genetische modificatie kunnen verbeteren. Binnenkort starten bij het Britse Rothamsted Research veldproeven met tarwe die is aangepast met de zogeheten Crispr-technologie. Dit is een primeur voor Groot-Brittannië, ook in de EU is dit nog niet voorgekomen. Doel is het verlagen van het asparagineniveau in tarwe. Deze stof kan in brood wanneer het wordt gebakken of geroosterd de productie van het kankerverwekkende acrylamide bevorderen.

Groeneveld
René Groeneveld Freelance redacteur


Beheer