Groei is eruit in biologische landbouw Zweden

17-09 | |
Een groot deel van het biologische areaal in Zweden is in gebruik door veehouders voor de productie van melk. De laatste jaren sprake is daar van overproductie waardoor inkomsten van biologische boeren teruglopen. - Foto: ANP
Een groot deel van het biologische areaal in Zweden is in gebruik door veehouders voor de productie van melk. De laatste jaren sprake is daar van overproductie waardoor inkomsten van biologische boeren teruglopen. - Foto: ANP

Zweden is één van de Europese koplopers wat betreft het areaal biologische landbouw. Maar de groei stagneert en het areaal in omschakeling van gangbare naar biologische landbouw neemt af.

Terwijl Europa een forse groei van biologische landbouw ambieert, zijn twijfels en teruggang realiteit. Regelgeving, gebrek aan (toenemende) vraag en de onwil van consumenten om een meerprijs te betalen voor biologisch geproduceerd voedsel zorgen ervoor dat akkerbouwers en veehouders hun biologische productie niet verder opschalen en in sommige gevallen zelfs teruggaan naar gangbaar.

Zeker dit jaar door de torenhoge prijzen voor diesel en energie en de hoge inflatiecijfers. Dit speelt niet alleen in Nederland, maar ook in andere landen, zoals Zweden. Terwijl dat land al jarenlang bij de kopgroep voor biologische landbouw zit in de EU.

Areaalkrimp biologische landbouw

Het biologische landbouwareaal in Zweden is in 2020 voor het eerst sinds 2012 gekrompen, blijkt uit cijfers van het Jordbruksverket, de Zweedse overheidsinstantie die zich bezighoudt met landbouwstatistieken. Dit betreft het areaal van boeren die al omgeschakeld zijn naar biologische landbouw en het areaal van bedrijven die bezig zijn met omschakelen, een proces dat enkele jaren duurt. Met een krimp van 3.500 hectare, slechts 1%, was de teruggang beperkt, maar de stagnatie is wel bijzonder te noemen.

In 2020 was nog 610.800 hectare in Zweden biologisch. Maar het biologische areaal is in 2021 opnieuw verder afgenomen naar 606.900 hectare. Daarmee is overigens nog altijd 20% van het totale landbouwareaal in Zweden biologisch.

Veel nieuwe biologische veehouders

Volgens Ulf Svensson van het Jordbruksverket is er slechts sprake van een lichte krimp en zijn statistieken ook niet perfect, maar is het wel opmerkelijk. “Een groot deel van het biologische areaal is in gebruik door veehouders voor de productie van melk en we zien dat daar de laatste jaren sprake is van overproductie. Dat komt mede doordat zuivelproducenten de laatste jaren veel nieuwe biologische veehouders hebben gecontracteerd. Vraag en aanbod zijn niet langer in balans en daar komt bij dat het prijsverschil tussen gangbaar en biologisch geproduceerde melk kleiner is geworden. De winstgevendheid staat daardoor onder druk.”

“Een ander aspect dat meespeelt is de inflatie waardoor consumenten minder snel geneigd zijn om duurdere biologische producten te kopen. Hierdoor verwacht ik een verder afnemende vraag. Statistisch gezien is het echter te vroeg om van een ommekeer te spreken. Het doel van de Zweedse overheid blijft om in 2030 30% van het totale landbouwareaal biologisch te exploiteren.”

Minder animo voor biologische landbouw

De animo onder gangbare boeren om over te stappen op biologische landbouw wordt jaar na jaar minder. Voor het vierde jaar op rij is een afname te zien van het areaal dat in omschakeling is af na een eerdere stabilisatie in 2017. In 2020 bedroeg het areaal in omschakeling 44.100 hectare, een krimp van 14.100 hectare ofwel 24% ten opzichte van 2019. In 2021 was 36.500 hectare in omschakeling, 7.700 hectare ofwel 17% minder dan in 2020. Het aantal bedrijven dat omschakelt neemt kortom constant af. “Dit zie ik wel als een signaal en ik verwacht op basis van de cijfers een verdere afname van het areaal in omschakeling”, aldus Svensson.

Het omgeschakelde areaal groeide in beide jaren nog wel licht met respectievelijk 2% (10.600 hectare) in 2020 en 1% (3.800 hectare) in 2021.

Zweden van nummer 2 naar nummer 3

In het jaar dat het areaal in omschakeling stabiliseerde (2017) stond Zweden voor het eerst niet langer op de tweede positie in Europa wat betreft het biologische landbouwareaal, blijkt uit statistieken van Eurostat. Estland haalde Zweden dat jaar in. Oostenrijk voert deze ranglijst al 20 jaar aan en kende met uitzondering van 2013 elk jaar (lichte) groei. Nederland had in 2020, het meest recente jaar waarover de statistieken bekend zijn, 3,95% biologisch areaal.

In 2021 daalde het percentage biologisch akkerbouwareaal in Zweden ook verder. Van 20% in 2019, via 19% in 2020 naar 18% in 2021 (469.300 hectare). De totale biologische graanoogst was in 2021 in Zweden 29% kleiner dan in 2020. De totale oogst van biologische consumptieaardappelen daalde 19% ten opzichte van 2020.

Het areaal biologisch grasland nam in 2020 nog toe met 1% naar 138.400 hectare en dat is bijna 30% van het totale graslandareaal. In 2021 was er een lichte afname van 900 hectare en resteerde 137.500 hectare. Het aantal bedrijven met biologische landbouw daalt, na een toename van in totaal 22% sinds 2009, in 2020 voor het eerst. En sterk ook. Het aantal nam met 280 bedrijven af naar 5.380. In 2021 daalde dat aantal verder met 131 naar 5.249 bedrijven.

Lagere opbrengsten

Biologische boeren halen minder kilo’s van een hectare dan hun gangbare collega’s, terwijl hun kosten hoger zijn en die meerprijs lang niet altijd betaald wordt. Ze mogen immers geen kunstmest , zaadcoatings of gewasbeschermingsmiddelen gebruiken. Dat betekent meer schade door onkruid, schimmels en insecten.

Koerhuis
René Koerhuis Freelance redacteur
Meer over


Beheer