Helma Vermuë, LTO: ‘Vrouwen zichtbaar maken’

09-01 | |
Helma Vermuë: “Er komen gelukkig steeds meer vrouwelijke bedrijfsopvolgers.” - Foto: Koos Groenewold
Helma Vermuë: “Er komen gelukkig steeds meer vrouwelijke bedrijfsopvolgers.” - Foto: Koos Groenewold

Helma Vermuë is de nieuwe voorzitter van de commissies Vrouw en Bedrijf van LTO Nederland en LTO Noord. Scholing van agrarische vrouwen staat bij haar voorop. Zij wil van LTO een inclusieve organisatie maken. “Nu is slechts 10 tot 15% van de LTO-leden vrouw. Dat percentage kan en moet omhoog.”

Helma Vermuë (47) is op 1 januari voorzitter geworden van de commissie Vrouw en Bedrijf, zowel van LTO Nederland als van LTO Noord. Afgelopen jaren was ze al vicevoorzitter van de commissie van LTO Noord en nu volgt ze Willemien Koning op. “Willemien heeft het vliegwiel in beweging gebracht, samen met mijn medebestuurders ga ik een slinger geven aan dat vliegwiel. Het gas gaat erop. Dat is nodig, want de juridische en fiscale positie van agrarische vrouwen is in Nederland minder goed geregeld dan in veel andere Europese landen.”

Mix van mannen en vrouwen

Vrouwen hebben een ontzettend belangrijke rol in de agrarische sector, zegt ze, maar ze zijn lang niet altijd zichtbaar. Komende jaren gaat er veel veranderen in de landbouw, er is daarom alle reden om dat sluimerende vrouwelijke potentieel te mobiliseren.

Ze vindt dat LTO een meer inclusieve organisatie moet worden, met meer vrouwelijke leden en meer vrouwen in de besturen. “Ik pleit voor een mix van mannen en vrouwen. Dat leidt onherroepelijk tot betere resultaten. Daar ga ik mij komende jaren voor inzetten.”

Vermuë heeft samen met haar man Ronnie een melkveebedrijf in het Noord-Hollandse Warmenhuizen. Tweemaal per dag staat ze in de melkput. “Ik ervaar dat als een rustpunt in de dag. Daar krijg ik ideeën.”

Een slimme meid is op haar toekomst voorbereid, luidde de slogan toen ik jong was. Dat geldt nog steeds

Ze vindt het prachtig om als mede-ondernemer samen met haar man het bedrijf te runnen. Ze heeft haar positie in het bedrijf goed geregeld. “Iedere vijf jaar bekijken we opnieuw of alles nog klopt met de realiteit. Maatschapscontract, huwelijkse voorwaarden, testament, het is belangrijk om je als vrouw én man voor te bereiden op mogelijke, ingrijpende gebeurtenissen. Denk na over alle mogelijke risico’s en zorg dat je je positie goed regelt. Denk daarbij ook na over de continuïteit van het bedrijf. Een slimme meid is op haar toekomst voorbereid, luidde de slogan toen ik jong was. Dat geldt nog steeds.”

Zwangerschapsverlof

De vrouwencommissies zijn anno 2022 nog steeds nodig, zegt ze. “Neem nou de regeling voor zwangerschapsverlof voor vrouwelijke ondernemers. Daar hebben vrouwen jarenlang voor gevochten, de regeling kwam er, maar verdween op een gegeven moment weer. Door inzet van Vrouw en Bedrijf en van FNV-vrouw is de regeling weer terug. En terecht. Ook op fiscaal gebied is de positie van agrarische vrouwen nog niet op alle punten gelijk aan mannen. Daarover zijn we al in overleg met het Rijk. Om zulke kwesties op te lossen, moet je stevig aan de bel trekken.”

Op het gebied van scholing en educatie kan en moet meer gebeuren, vindt Vermuë. “Dat gaan we organiseren. Bijvoorbeeld met webinars over allerlei aspecten van agrarisch ondernemerschap. Daar komt mogelijk Europees geld voor. Aan ons de taak om daar slim gebruik van te maken.”

E-learning

Door corona is e-learning in zwang gekomen. “Dat biedt nieuwe kansen, zowel voor vrouwen die fulltime ondernemer zijn als voor vrouwen met een baan buitenshuis. Zij kunnen de cursus dan in hun eigen tijd volgen. Ik ben ervan overtuigd dat ondernemersvaardigheden gestimuleerd worden door de juiste educatie. Deze komt voor al onze leden beschikbaar. De positionering en zichtbaarheid van vrouwen wordt hierdoor sterker.”

Er gaat veel kennis en ambitie verloren omdat vrouwen zich niet laten horen

Er komen nog steeds weinig vrouwen op vergaderingen van LTO, constateert zij. “Dat is zonde. Er gaat veel kennis en ambitie verloren omdat vrouwen zich niet laten horen. Maar dan moeten ze ook lid worden. Op dit moment is slechts 10 tot 15% van de LTO-leden vrouw. Mijn speerpunt is om dat percentage flink omhoog te krijgen.”

De verhouding tussen haar werk op de boerderij en het bestuurswerk gaat vast veranderen, verwacht ze. “Daar weten we hier thuis wel een mouw aan te passen. Onze zonen Niek en Arjen doen al veel. Dat scheelt natuurlijk. Ik blijf zeker nog de nodige uren maken op ons bedrijf. Boven alles blijf ik ondernemer met passie voor ons gezinsbedrijf.”

van Cooten
Aart van Cooten Freelance redacteur


Beheer