Hoe gaat voorzitter Keurentjes de geschiedenis in?

21-06 | |
Vergaderboer Columnist
Frans Keurentjes tijdens presentatie jaarcijfers van FrieslandCampina in 2020. - Foto: Studio Kastermans
Frans Keurentjes tijdens presentatie jaarcijfers van FrieslandCampina in 2020. - Foto: Studio Kastermans

En daar ging Frans Keurentjes als voorzitter van FrieslandCampina. Bedolven onder goede woorden en bedoelingen van zijn directie en collega’s.

Zo gaat dat. Ze zeggen de dingen die gezegd moeten worden en wat ze denken zullen we nooit weten. Dat is maar goed ook. Want een jaar voordat Keurentjes aan de beurt was om af te treden, trad hij terug. Dat geeft wel aan dat hij niet onmisbaar geacht werd. Bovendien kon op deze wijze opvolger Wunnekink in het zadel worden geholpen. Tot genoegen van de directie, denk ik, want Wunnekink moest dit jaar aftreden en kan nu geruisloos op het voorzitterspluche plaatsnemen. Ze weten wat ze aan hem hebben en er komt geen lastig nieuw bloed van buiten de onderneming binnen.

Keurentjes is er niet in geslaagd de onrust van tevoren in te schatten en te voorkomen

Dat is jammer. Want dat is bestuurlijk wel nodig bij FrieslandCampina. Onder Keurentjes is de onrust onder de leden toegenomen. Die hield gelijke trend met de daling van de melkprijs van de coöperatie. Keurentjes heeft dat wel waargenomen, ook stappen gezet om het te verbeteren, maar het is niet goed gelukt. Kijk maar eens op Prikkebord, hoe de reacties op zijn afscheid zijn. Zeker, ik weet dat dit niet maatgevend is voor het gevoel van het gemiddelde FrieslandCampina-lid. Maar Keurentjes is er niet in geslaagd de onrust van tevoren in te schatten en te voorkomen. Het overkwam hem.

Aanpassingsvermogen

Dat heeft ook te maken met zijn mening over boeren die hij gaf in de interviews bij zijn afscheid. Hij vindt het aanpassingsvermogen van de kritische boeren te gering. “Niet de sterkste overleeft, maar de slimste”, zo haalt hij Darwin aan. Ook wijst hij op een onderzoek van LEI naar boeren in de Noordoostpolder. Drie identieke boerderijen onder dezelfde omstandigheden. Maar de inkomensverschillen waren groot. Ook dat was een gevolg van aanpassingsvermogen, volgens Keurentjes. De beste ondernemer had het beste resultaat. Daarmee zegt hij in feite dat de morrende boeren van FrieslandCampina zich niet aan willen passen aan veranderende omstandigheden. Dat is een stevig veroordeling van een scheidend voorzitter, die daarmee de protesterende leden in en bepaalde hoek neerzet.

Dat doet hij ook met FrieslandCampina. Volgens hem is in de goede jaren de zelfgenoegzaamheid in de organisatie geslopen. Daardoor is te laat gereageerd op veranderingen. Met als gevolg dat er nu extra gereorganiseerd moet worden om de verloren tijd in te halen. Dat hebben de leden kunnen merken in de nabetaling op de melkprijs.

Keurentjes was niet de leider, die leden en onderneming op sleeptouw nam om samen de nieuwe toekomst aan te kunnen

Zowel de boeren als FrieslandCampina hadden in zijn ogen dus te weinig aanpassingsvermogen. Wat dan ontbreekt, is de vooruitziende blik van een goed bestuur. In dit geval onder leiding van voorzitter Keurentjes. Dan is het wrang dat hij nu achteraf zo goed weet te zeggen hoe de narigheid van nu is ontstaan. Maar de conclusie kan niet anders zijn dat: ‘Keurentjes stond erbij en keek ernaar’.

Zo gaat Keurentjes de geschiedenis in. Hardwerkend, een heldere blik en – achteraf – een goede analyse waardoor het misging. Maar niet de leider, die leden en onderneming op sleeptouw nam om samen de nieuwe toekomst aan te kunnen.

Hij deed zijn best, maar dat is soms niet genoeg.




Beheer