Hordijk: politiek vraagt te veel van wetenschap

Leen Hordijk heeft zijn eindadvies ‘Meer meten, robuuster meten’ gisteren aan landbouwminister Carola Schouten aangeboden. Het is het tweede advies binnen een week dat grote kanttekeningen zet bij het stikstofbeleid.

Kan Aerius nog worden gebruikt voor de vergunningverlening? Die hamvraag schuift voorzitter Leen Hordijk van het Adviescollege Meten en Berekenen Stikstof maandagochtend tijdens de presentatie van zijn rapport graag over aan landbouwminister Schouten. Het antwoord van de minister komt later die dag en is kort gezegd: vooralsnog ja, want we hebben niets beters. Maar het oordeel van Hordijk is niet mis te verstaan: Aerius is in zijn huidige vorm niet geschikt voor het verlenen van vergunningen.

Onzekerheden Aerius te groot

De rekenonzekerheden in Aerius zijn te groot. Er zijn onzekerheden over de omvang van de emissie. Er is onzekerheid over de manier waarop stikstof zich precies verspreidt en welke chemische reacties zich in de lucht afspelen. En er is onzekerheid over de omvang van de depositie op een gebied van 1 hectare.

En er zit nog een oneerlijkheid in ook: de stikstofneerslag van het verkeer wordt vanaf vijf kilometer niet meer meegerekend.

De rekenonzekerheden in Aerius zijn te groot

Dat is, legt Jan Willem Erisman uit, ooit door het beleid zo bepaald. Zoals omgekeerd ook door het beleid is bepaald dat de stikstofneerslag vanuit de landbouw en de industrie wel tot op grote afstand in tienden van grammen moet worden meegerekend. Hoe dan ook, die grens van vijf kilometer voor het verkeer moet uit de modellen, vindt Hordijk, ook omdat stikstofoxiden (uit het verkeer en de industrie) zich veel verder verspreiden dan ammoniak uit de landbouw.

Rekenmodel Aerius, dat onder verantwoordelijkheid van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) tot stand is gekomen, berekent hoe groot de bijdrage van een bedrijf is op de depositie in een kwetsbaar gebied. Heeft de wetenschap met Aerius iets aan het beleid geleverd, wat ze feitelijk niet kon waarmaken?

Fuik

Commissielid Wim de Vries legt uit dat de wetenschap min of meer een fuik is ingevaren. Aanvankelijk werd er gerekend met een drempel van 1 mol stikstof per hectare – daarover is nog wel met enige betrouwbaarheid iets te zeggen. Later werd dat beleidsmatig aangepast tot 0,05 mol per hectare en nu gaat het om 0,005 mol per hectare. Ergens is de grens tussen zeker en onzeker overgestoken.

Heeft de wetenschap met Aerius iets aan het beleid geleverd, wat ze feitelijk niet kon waarmaken?

Waar die grens ligt, zegt de Commissie Hordijk niet. Evenmin waagt de commissie zich aan de vaststelling van de minimale omvang van een kwetsbaar natuurgebied, waarover je nog met enige zekerheid een depositie-effect kunt vaststellen. Cluster gebieden van hetzelfde soort flora en fauna (habitattypen). Hoe groter een gebied, hoe betrouwbaar de uitkomst van Aerius.

Advies niet links laten liggen

Hordijk kan zich niet voorstellen dat landbouwminister Carola Schouten de adviezen van de Commissie Meten en Berekenen Stikstof naast zich neerlegt. “Waarom zou je anders een advies vragen?”, zegt hij.

Terwijl Hordijk met zijn commissie bezig was te studeren op de Nederlandse praktijk van meten en berekenen in het stikstofdossier, kwam het kabinet met een brief en een concept-wetsvoorstel. Als voorzitter van het adviescollege heeft hij daar geen oordeel over. “Vraagt u mij daar volgende week maar over. Dan bestaat het adviescollege niet meer”, zegt hij.

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.