Impact kabinetsplannen op leefbaarheid platteland niet onderschatten

11-11 | |
Schimmel
Arjan Schimmel Voorzitter van ZuivelNL
Foto: Koos Groenewold
Foto: Koos Groenewold

De stikstofplannen en de stapeling van overheidsmaatregelen hebben grote impact op het platteland. Arjan Schimmel maant tot grote zorgvuldigheid want wat weg is, heb je niet zomaar terug.

Geert Mak beschreef ooit in zijn boek ‘Hoe God verdween uit Jorwerd’ de stille revolutie op het platteland aan de hand van historische veranderingen in een enkel dorp. Hoewel zijn verhaal slechts één dorp besloeg, was het voor velen zeer herkenbaar en vertegenwoordigde het daarmee een breder, algemeen geldend beeld. Hieraan moest ik denken toen ik het rapport met de veelzeggende titel ‘Kaalslag op het platteland?’ las, waarin onderzoeksbureau Stimuland verslag doet van het verkennende onderzoek naar sociale impact dat zij uitvoerde in opdracht van ZuivelNL. Hierin wordt aan de hand van gesprekken met onder andere bewoners, melkveehouders en lokale erfbetreders in twee dorpen (Toldijk en Sint Jansklooster) een beeld geschetst van de maatschappelijke impact die de stikstofplannen en stapeling van overheidsmaatregelen hebben. Ik vind het een ronduit dreigend beeld, omdat ik denk dat het voor veel collega-melkveehouders ook zo reëel en herkenbaar is.

Economische consequenties

De sociale component is namelijk een belangrijk deel van het verhaal dat óók verteld moet worden. Begrijp mij niet verkeerd. In de verhitte discussies die op allerlei niveaus nu plaatsvinden over zaken als reductiepercentages, kritische depositiewaarden, gebiedsprocessen, uitkoop en veestapelkrimp ligt de focus terecht op de economische consequenties. Deze zijn enorm. Het is niet voor niets dat we als ZuivelNL in september voor onze leden een notitie en factsheet publiceerden die inzicht gaven in de economische gevolgen van het kabinetsbeleid voor de zuivelketen. Het nu gepubliceerde rapport zien wij als een volgende bouwsteen van het pakket, waarmee ZuivelNL de achterban wil faciliteren, om op basis van feitelijke informatie de discussie te kunnen voeren.

Spanningen in de dorpen

In het rapport beschrijven de onderzoekers hoe de huidige plannen en ontwikkelingen voor spanningen in de dorpen zorgen en dat dit meer mensen raakt dan alleen melkveehouders die in hun beroepsbestaan worden bedreigd. Ik vind dat logisch. Want achter het beëindigen van een melkveebedrijf komt veel meer weg dan het simpelweg wegstrepen van een koppel koeien en het beschikbaar komen van een lege melkstal. Er zit een hele wereld achter. Dat wordt nog weleens vergeten en dit rapport helpt volgens mij om dat plaatje bij beleidsmakers en het bredere publiek duidelijker op het netvlies te krijgen.

Mensen vergeten ook nog weleens dat het melkveebedrijf is verbonden met een hele keten aan andere activiteiten

Zo hebben melkveehouders in Nederland relatief veel grond in gebruik en spelen daardoor een essentiële rol in landschapsbeheer. Als dat deels wegvalt is het nog maar de vraag wat ervoor in de plaats komt, een zorg die mijns inziens terecht breed leeft in de dorpen. Mensen vergeten ook nog weleens dat het melkveebedrijf is verbonden met een hele keten aan andere activiteiten. We praten dus niet alleen over het economische bestaansrecht van één ondernemer met zijn gezin. Nee, het gaat uiteindelijk ook om verlies van werkgelegenheid in de veel bredere kring aan activiteiten waarmee de melkveehouderij is verbonden, zoals loonwerkers, adviseurs, voerbedrijven, transport- en mechanisatiebedrijven. En dat is nu juist ook weer het werk dat in die plattelandsregio zit en waarvoor niet zo makkelijk iets anders in de plaats komt als het wegvalt.

Regie over dorp kwijtraken

We moeten dus extra zuinig zijn op de bedrijvigheid van het platteland. Uiteindelijk gaat het natuurlijk ook om de leefbaarheid. Het onderzoek bevestigt wat velen van ons al aan hun klompen aanvoelen, namelijk dat dorpsbewoners door alle ontwikkelingen ook vrezen voor de toekomst van voorzieningen en het vaak drukke verenigingsleven. Ook melkveehouders spelen daarin een belangrijke rol. Bewoners verwachten dat dit alles met de huidige plannen verder onder druk komt te staan en daarmee ook de typische gemeenschapszin. Eigenlijk raakt dit ook aan een breder gevoel onder bewoners, namelijk dat de regie over hun dorp hen ontglipt en dat zij zelf geen invloed meer hebben op wat er gebeurt. Daarmee weerspiegelt het rapport volgens mij ook de kloof tussen stad en platteland, zoals deze in het rapport Remkes wordt aangestipt. Hij spreekt terecht van een sentiment dat echt geadresseerd moet worden, dat voortkomt uit economische verschillen maar veel meer nog uit sociale en culturele waarden én uit voorzieningen die dreigen te verdwijnen.

De melkveehouderij maakt al eeuwen onlosmakelijk deel uit van het DNA van het Nederlandse cultuurlandschap

Mijn conclusie is dat met alles wat nu gaande is grote zorgvuldigheid is geboden. De sociale impact op het platteland moet daarbij niet worden onderschat. Zaken die verloren gaan heb je niet zomaar terug. De melkveehouderij maakt al eeuwen onlosmakelijk deel uit van het DNA van het Nederlandse cultuurlandschap en is medebepalend voor de ziel van het platteland. Natuurlijk, niets is onveranderlijk. Maar ik ben ervan overtuigd dat in Nederland altijd ruimte blijft voor een vitale en toekomstgerichte melkveehouderij en zuivelindustrie die bijdragen aan de beschikbaarheid van gezond en betaalbaar voedsel.

In dienst van het bredere sectorbelang, zoals vertegenwoordigd in onze leden, blijft ZuivelNL daar met overtuiging haar bijdrage aan leveren.



Beheer