Import kalveren met 84.000 stuks gedaald

Tot en met week 29 (half juli) importeerden Nederlandse kalverhandelaren ruim 417.000 nuchtere kalveren. Dat zijn er ruim 84.000 minder dan over dezelfde periode vorig jaar. Dat blijkt uit importcijfers van RVO.nl.

Een belangrijke reden voor de dalende import is de coronacrisis, die flink huishoudt in de vleeskalverhouderij. Maar ook al voor deze crisis was een aantal integraties bezig met het drukken van de productie met meer weken leegstand tot gevolg. Opvallend is dat de import na het dieptepunt in mei gestaag is opgelopen en de laatste weken weer rond het niveau van voor de crisis ligt. In week 29 ging het om zo’n 15.500 kalveren.

Duitsland blijft belangrijkste leverancier

Duitsland blijft de belangrijkste leverancier van nuchtere kalveren, met circa 304.000 kalveren tot en met week 29. Vorig jaar waren dat tot diezelfde week 322.000 kalveren. De relatief sterkste daling komt van België; daar nam het aantal kalveren van bijna 35.000 vorig jaar af naar krap 9.300 kalveren over dezelfde periode van dit jaar. Deze invoer is al langere tijd aan het dalen.

Import verre bestemmingen maatschappelijk onder vuur

Van de jaarlijks circa 1,5 miljoen benodigde kalveren wordt normaal ongeveer de helft geïmporteerd. Vooral import uit verre bestemmingen ligt maatschappelijk onder vuur. Na Duitsland is Ierland het grootste herkomstland en een van de verre bestemmingen. Het aantal importkalveren uit dat land bedraagt dit jaar ruim 47.000; zo’n 30.000 minder dan in 2019. Uit de Baltische Staten kwamen dit jaar bijna 22.000 kalveren; bijna 9.000 minder. Opvallend is dat er dit jaar geen kalveren zijn aangevoerd uit Litouwen. Ook de aanvoer uit Polen en Slowakije is weggevallen. In 2010 werd nog een recordaantal van 140.000 kalveren uit Polen aangevoerd; sinds de groei van de eigen rundvleesproductie blijven de kalveren vooral in eigen land.

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.