Kabinet neemt meer tijd voor zoönose-strategie

Foto: ANP
Foto: ANP

Het kabinet heeft meer tijd nodig om goed in kaart te brengen wat nodig is om zoönosen in de toekomst zoveel mogelijk te voorkomen. Dat blijkt uit een brief van minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid en landbouwminister Carola Schouten.

Den Haag – Het kabinet heeft meer tijd nodig om goed in kaart te brengen wat nodig is om zoönosen in de toekomst zoveel mogelijk te voorkomen. Dat blijkt uit een brief van minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid en landbouwminister Carola Schouten.

De Tweede Kamer had, gezien de impact van zoönosen – waaronder het coronavirus – op mens, dier en maatschappij via een motie gevraagd om met een duidelijke strategie te komen om het risico op zoönosen in de toekomst te verkleinen.

PvdD kritisch

De Partij voor de Dieren reageert tijdens een extra debat over de aanpak van de coronacrisis in de Tweede Kamer kritisch over de trage voortgang van het zoönose-onderzoek. De partij wijst erop dat wetenschappers waarschuwen voor steeds meer pandemieën als er niet wordt ingegrepen.

Zoönosestrategie

Minister De Jonge zou eerder voor Prinsjesdag met een zoönosestrategie komen, maar hij stelde dit uit naar het eind van 2020 om de lessen uit de coronacrisis erbij te kunnen betrekken. Nu blijkt dat er nog altijd geen expertgroep is ingesteld die zich hierover gaat buigen. De ministers streven ernaar dat de expertgroep in januari wordt ingesteld en aan de slag kan gaan.

Uitkomst risicoanalyse in zomer

Ze verwachten in de zomer de uitkomsten van de risicoanalyse op het ontstaan en de verspreiding van zoönosen, met daarbij de mogelijkheden die er zijn om deze risico’s te verkleinen. Het kabinet zal op basis van deze uitkomst bekijken of aanpassingen of aanscherpingen van beleid nodig zijn. De expertgroep wordt geleid door een voorzitter uit de humane gezondheidszorg.

Coronavirus bij dieren

Sinds de zomer lopen in Nederland diverse onderzoeken naar het voorkomen van het coronavirus Covid-19 bij dieren. Uit een studie onder varkens in de regio Uden/Gemert-Bakel blijkt dat er geen aanwijzingen zijn dat het virus zich onder varkens verspreidt.

Honden en katten

Bij onderzoek onder 144 katten en 149 honden bleken 6 katten en 6 honden positief te zijn op het coronavirus. Drie weken na de eerste positieve test waren de dieren allemaal weer negatief. Bij 28 katten en 20 honden uit gezinnen met coronapatiënten werden antistoffen tegen het virus gevonden. Geen van de dieren testte positief in de PCR-test op virus.

In een andere studie werden bij dierenartsenpraktijken 70 katten en 97 honden onderzocht, die geen bekende link hadden met Covid-19 patiënten. Twee katten en twee honden hadden antistoffen, geen van de dieren testte positief op virus.

Vermaas
Mariska Vermaas Redacteur

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.