Kansen voor plantaardige producten in Azië

Er zijn kansen voor producenten van plantaardige producten in Azië. De markt is er nog niet zo concurrerend als in Europa en vegetarisch eten is er goed ingebed in de cultuur.

Er zijn genoeg kansen voor Nederlandse en Europese producenten van plantaardige vlees- en zuivelvervangers in het buitenland. Vooral Azië wordt gezien als een groeimarkt met veel potentie. Waar op de Europese en Amerikaanse markt al veel concurrentie is op het gebied van plantaardige producten – de start-ups schieten er uit de grond – is dat op de Aziatische markt minder het geval. Ook hebben veel Aziatische culturen al het gebruik vaak vegetarisch of plantaardig te eten.

Het was onderwerp van gesprek tijdens de FoodValley Summit Protein Shift (eiwittransitie) dinsdagmorgen tijdens de Dutch Food Week, dat vanwege de coronamaatregelen online plaatsvond. Personen van over de hele wereld spraken met elkaar over de beweging naar consumptie van meer plantaardige producten.

Samenwerking verschillende landen

Tijdens de summit was speciale aandacht voor samenwerking tussen verschillende landen. Zo voerde FoodValley NL in samenwerking met een overheidsinstelling in Singapore, Enterprise Singapore, een onderzoek uit naar de mogelijkheden voor plantaardige eiwitten in de EU en Azië-Pacific en eventuele samenwerking. Daaruit bleek onder andere dat er tussen de verschillende werelddelen niet zo gek veel verschil is op het gebied van consumptie van plantaardige eiwitten. Zo houdt 32% van de consumenten in Singapore meestal rekening met het beperken van de vleesconsumptie. Datzelfde percentage geldt voor Nederlanders die hun vleesconsumptie altijd of meestal beperken.

Gezondheidsredenen

Verschillen zijn er ook: in Azië hebben veel mensen al een vegetarisch dieet vanwege geloofsovertuiging, waar het in Europa een echte trend is. In Azië is men bewust van de milieu-impact van vlees, maar bij de ontwikkeling van vleesvervangers blijven de ethische- en milieuaspecten achter. Aziatische consumenten stappen voornamelijk over op plantaardige producten vanwege gezondheidsredenen. In Europa zijn consumenten er niet altijd zeker van of vlees- en zuivelvervangers gezond, voedzaam en wel zo natuurlijk zijn. Dat biedt in beide werelddelen kansen voor verbetering en samenwerking.

Investeren in Azië

Een spreker tijdens de summit was de Duitser Timo Recker, van wie zijn familie een vleesbedrijf heeft. Hij is de oprichter van het bedrijf LikeMeat, dat vleesvervangers produceert. Nadat het begin dit jaar is overgenomen, richtte hij het bedrijf Next Gen op in Singapore, dat zich ook richt op plantaardige producten. “De Amerikaanse en Europese markt zijn niet verzadigd, maar wel concurrerend. Azië is niet de innovation-driver, er zijn daar niet tientallen start-ups op dit terrein. Ook heeft Azië een interessante consumentenbasis. Er zijn hier dus veel mogelijkheden.”

Eiwittekort

Ook Henk Schouten, CEO van het bedrijf Schouten Europe dat vleesvervangers produceert, ziet potentie in Azië. In India zijn veel mensen vanuit geloofsovertuiging vegetariër, maar deze mensen hebben over het algemeen een fors eiwittekort, voornamelijk vanwege een gebrek aan bewustzijn over de juiste hoeveelheid en kwaliteit van eiwit. Daarnaast hebben ook de niet-vegetariërs vaak een eiwittekort. Schouten is er bezig met de verkoop van plantaardige producten.

“Het is voor ons een mooie kans. Ook kunnen we zo maaltijden met een goede voedingswaarde mogelijk maken voor ondervoede mensen, het inkomen van lokale boeren die de gewassen voor ons telen verbeteren, evenals de inkomens van de productiemedewerkers in de fabriek.”

Als partner van de Dutch Food Week besteedt Food&Agribusiness extra aandacht aan de voedselthema's die in deze week (10 t/m 17 oktober) centraal staan. Lees meer artikelen hierover

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.