Kritische depositiewaarde steeds meer onder vuur

Foto: Ronald Hissink
Foto: Ronald Hissink

De kritische depositiewaarde kan in sommige visies niet langer worden gehanteerd in stikstofbeleid.

Het getal dat aangeeft bij welke stikstoflast een natuurgebied schade gaat oplopen, komt steeds meer onder vuur te liggen. De kritische depositiewaarde (KDW) en vooral de absolute waarde die aan dat getal wordt gehecht, kan in sommige visies niet langer worden gehanteerd in het stikstofbeleid.

Onzekerheden

Grootste criticaster is Jaap Hanekamp, een van de deskundigen die maandag 21 juni bij het rondetafelgesprek Stikstofproblematiek zijn visie deelt met de Tweede Kamer. Hanekamp werkt samen met de Amerikaanse statisticus Matt Briggs Briggs aan een publicatie. Volgens Hanekamp is het al misgegaan toen de kritische depositiewaarden werden geïntroduceerd. De waarden zijn op zoveel onzekerheden gebaseerd, dat de vastgestelde stikstofbelasting waarboven de natuur schade oploopt, ‘niets anders is dan ecologische fictie’.

Omgevingsjurist Lambert Polinder, werkzaam bij Exlan Advies, noemt de KDW ‘een soort van heilige graal, terwijl dat geen geschikt getal is om beleid op te baseren, zeker als we dat gaan toepassen met schijnzekerheden van 0,005 mol stikstofdepositie per hectare per jaar’.

Eerst stikstofrommel opruimen

Polinder, die maandag ook aanschuift bij de Tweede Kamer, vindt dat eerst de stikstofrommel moet worden opgeruimd, voordat er nieuwe maatregelen worden genomen. Polinder schetst de onzekerheden waar bedrijven mee te maken hebben als gevolg van de uitspraak van de Raad van State (29 mei 2019) die het Programma Aanpak Stikstof (PAS) buiten werking zette.

Polinder zegt dat er onzekerheid is voor de zogenoemde interimmers die te goeder trouw nooit een natuurvergunning hebben aangevraagd of gehad. Vaak hebben die zelfs van provincies gehoord dat ze geen vergunning hoefden te hebben. Maar nu zijn ze min of meer illegaal en is er geen zicht op legalisatie. Polinder ziet dat veehouders onder de radar blijven om te voorkomen dat ze controles krijgen.

PAS-melders

PAS-melders zijn een min of meer bekende groep van ondernemers, die onder het PAS konden volstaan met een melding en dus geen vergunning nodig hadden. Voor die bedrijven zal het ministerie van landbouw een oplossing bieden in de vorm van een vergunning. Op dit moment zijn die bedrijven echter illegaal en niet over te dragen (net zo min als de zogenoemde interimmers).

Nauwelijks erkenning voor stikstofreductie veehouderij

Polinder zegt dat er nauwelijks erkenning is voor de stikstofreductie die de veehouderij in het verleden heeft gerealiseerd. Dat is een aspect waar ook voorzitter Linda Janssen van de Producenten Organisatie Varkenshouderij aandacht voor vraagt. Zij schetst dat de totale ammoniakuitstoot tussen 1990 en 2019 in Nederland is verminderd van 350 kiloton naar 100,6 kiloton. De varkenshouderij verlaagde in diezelfde periode de ammoniakuitstoot van 125,8 naar 18,3 kiloton.

Ondertussen hebben Wageningen Universiteit en onderzoeksbureau B-Ware in opdracht van het ministerie van LNV gekeken naar een meetbaar verband tussen de overschrijding van de kritische depositiewaarde en de effecten daarvan in kwetsbare natuur. Volgens de onderzoekers is in het algemeen wel vast te stellen dat (een hoge) stikstofdepositie een negatief effect heeft op de soortenrijkdom en de soortensamenstelling. Maar op basis van de beschikbare wetenschappelijke literatuur is er (nog) geen betrouwbare methode te maken die aangeeft wat het effect van een bepaalde dosering stikstof is op specifieke soorten of habitattypen.

Braakman
Jan Braakman Redacteur



Beheer