Laag risico op insleep hoogpathogene vogelgriep

Nederlandse pluimveebedrijven lopen op dit moment nog een laag risico om besmet te raken met hoogpathogene vogelgriep.

Dat meldt Wageningen Bioveterinary Research (WBVR) in een risicoanalyse. De introductiekans in de komende tijd wordt door WBVR op circa 5 tot 15% geschat.

Tussen 1 juni en 15 september 2020 zijn in het zuiden van Rusland en Kazachstan meerdere pluimveebedrijven besmet geraakt met hoogpathogene vogelgriep van het type H5N8. In dezelfde periode werden in Rusland en Kazachstan meerdere besmette wilde vogels aangetroffen.

Surveillance dode wilde vogels

De Europese Voedsel en Warenautoriteit (Efsa) heeft naar aanleiding van deze uitbraken in Rusland en Kazachstan Europese landen gewaarschuwd dat wilde vogels mogelijk het virus mee kunnen nemen onze kant op. Actieve en passieve surveillance van dode wilde vogels langs trekroutes is volgens WBVR van groot belang voor een vroege detectie van hoogpathogene vogelgriepvirussen. Op dit moment zijn er nog geen geïnfecteerde wilde vogels op de trekroute naar ons land waargenomen.

“Als men in Polen en Duitsland sterfte onder wilde vogels meldt en daarbij hoogpathogene vogelgriepvirus isoleert en er pluimveebedrijven besmet raken, dan weet je dat dit ook bij ons kan gaan gebeuren”, zo zegt Armin Elbers, epidemioloog en onderzoeker van WBVR.

Temperatuur speelt belangrijke rol

Weersomstandigheden spelen een grote rol bij de vogeltrek, zo laat Elbers weten. Bij streng winterweer vliegen wilde watervogels vanuit het oosten richting West-Europa. “Temperatuur is een belangrijke factor voor de vogeltrek. Het risico op insleep van vogelgriep is nu laag, maar kan toenemen zodra het kouder wordt en mogelijk vogelgriep besmette wilde vogels wegtrekken door de kou en door het feit dat ze door besneeuwde weiden niet meer in staat zijn om voedsel te vinden.”

Op basis van een analyse van de situatie van hoogpathogene vogelgriep wereldwijd op pluimveebedrijven en in wilde vogels, handelsbewegingen, trekroutes van wilde vogels en tellingen van aanwezige wilde vogels door vrijwilligers van vogelonderzoeksorganisatie SOVON wordt het risico op insleep van hoogpathogene vogelgriep door WBVR gerapporteerd aan het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV).

Advies voor minister

Als er een verhoogd risico wordt gerapporteerd, kan LNV de deskundigengroep voor vogelgriep bij elkaar roepen. “De deskundigengroep bekijkt en bediscussieerd dan onze risicoanalyse en geeft dan een advies over bijvoorbeeld aandacht voor verhoogde bioveiligheidsmaatregelen door pluimveehouders, mogelijkheden om zo snel mogelijk een introductie van vogelgriep op te sporen en de mogelijkheid van een ophokplicht. Dit advies wordt dan voorgelegd aan de minister”, aldus Elbers.

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.