Lactose niet langer gewaardeerd als melkcomponent

19-10 | |
FrieslandCampina heeft het voornemen om lactose niet meer te waarderen als melkcomponent.  Foto: ANP / Venema Media
FrieslandCampina heeft het voornemen om lactose niet meer te waarderen als melkcomponent. Foto: ANP / Venema Media

FrieslandCampina heeft het voornemen om lactose niet meer te waarderen als melkcomponent. Vanaf 2023 wil de zuivelverwerker alleen eiwit en vet als component te waarderen. Dit gebeurt in de verhouding 6 staat tot 4.

De verhouding was 10 voor eiwit, 5 voor vet en 1 voor lactose. Ook past FrieslandCampina het mandje -van referentiebedrijven voor het bepalen van de garantieprijs – aan. Voor gangbare melk voegt het concern in België naast Milcobel het Waalse Laiterie des Ardennes toe. Hiermee moet België een grotere invloed krijgen op de bepaling van de prijs van reguliere melk.

Bij de biologische garantieprijs wil FrieslandCampina Engeland uit de lijst met referentiebedrijven schrappen. Na de brexit is het land niet langer gebonden aan het Europese landbouwbeleid en daarbij is de stroom biologische melk vanuit Engeland beperkt. De voorgestelde aanpassingen worden in de loop van dit jaar tijdens bijeenkomsten aan leden voorgelegd.

Aanpassing standaardgehalten

FrieslandCampina wil ook de standaardgehaltes op basis van de werkelijk geleverde gehaltes in 2021 (3,58% eiwit, 4,45% vet) actualiseren. Die staan vervolgens drie jaar vast. Ondanks dat lactose niet meer meegenomen wordt in de verwaarding heeft het de gehalte van lactose vastgesteld op 4,54%. Lactose zorgt nog steeds voor goede opbrengsten, maar voegt volgens FrieslandCampina niet veel aan de melkprijssystematiek toe.

Behoefte aan melkvet toegenomen

De zuivelonderneming signaleert dat leden minder op lactose sturen dan vet en eiwit. De prijzen voor vet zijn daarbij hoog. FrieslandCampina heeft afgelopen jaren fors ingezet op de verwaarding van vet en hierdoor is de behoefte aan melkvet toegenomen. De gemiddelde bedrijfsgrootte wordt opgetrokken naar 925.000 kilo melk per jaar. Dat was 850.000 kilo. De gemiddelde bedrijfsgrootte voor biologische en biologisch-dynamische bedrijven blijft staan op gemiddeld 550.000 kilo melk. Deze gemiddelde gehalten gebruikt FrieslandCampina om de kwantumtoeslagen van referentiebedrijven te bepalen voor de berekening van de garantieprijs.

Dijkerman
Marc Dijkerman Redacteur


Beheer