Adviseur: ‘Meer belangstelling voor samenwerking agrarische bedrijven’

30-12-2020 | |
Bedrijfsadviseur Ramon Klaassens: "Agrariërs staan steeds meer open voor samenwerking, krijgen geleidelijk meer oog voor duurzaamheid en wensen van de maatschappij en voor verbreding van de bedrijfsvoering met andere activiteiten." - Foto: Hans Banus
Bedrijfsadviseur Ramon Klaassens: "Agrariërs staan steeds meer open voor samenwerking, krijgen geleidelijk meer oog voor duurzaamheid en wensen van de maatschappij en voor verbreding van de bedrijfsvoering met andere activiteiten." - Foto: Hans Banus

Ramon Klaassens viert zijn tienjarig jubileum als adviseur in de agrarische sector. Mooie aanleiding om eens door te nemen waar de sector nu staat in zijn beleving.

“Door alle negativiteit in de landbouw zien boeren veel kansen niet meer en ontstaan steeds vaker spanningen tussen familieleden op het bedrijf. Boeren kunnen zo focus verliezen op het eigen bedrijf.”

Tien jaar geleden speelde er ook al van alles, toch constateert Ramon Klaassen, eenpitter in de advisering, een verschil met toen. Hij concludeert ook dat de behoefte aan een luisterend oor van een adviseur ‘groter dan ooit’ is.

Wat heb je de afgelopen 10 jaar meer zien veranderen?

“Agrariërs staan steeds meer open voor samenwerking, krijgen geleidelijk meer oog voor duurzaamheid en wensen van de maatschappij en voor verbreding van de bedrijfsvoering met andere activiteiten. Ik zie melkveehouders ook vaker samenwerken met akkerbouwbedrijven, ook een duidelijke trend. Dat heeft vaak voor beiden voordelen voor de vruchtwisseling en het rendement. Het afgelopen jaar is de stemming in de agrarische sector erg negatief door regelgeving die steeds verandert. Veel boeren hebben het gevoel dat ze niet worden gehoord. Dat geeft veel onzekerheid en kopzorgen en dat belemmert de positieve en kritische blik op het eigen bedrijf. Het ontbreekt dan aan focus op bedrijfsontwikkeling.”

Welke vragen hebben agrariërs?

“Boeren zijn vaak sterk gefocust op groei en vragen mij bijvoorbeeld of ze een bedrijf erbij moeten kopen. Als ik dan vraag of ze gelukkig worden van nog meer koeien melken of liever heel wat anders willen gaan doen, kan dat tot andere keuzes leiden.

Ondernemers kijken ook steeds vaker verder dan alleen maar naar meer van hetzelfde, waarbij ze meer oog krijgen voor duurzaamheid. Zoals duurzame energie of voor wensen van de hedendaagse consument. Er zijn ook steeds meer agrariërs die zich afvragen hoe lang ze nog door willen gaan met boeren. Vaak zeggen ze dan ‘wat moeten we anders?’. Dan houd ik ze graag de spiegel voor en stimuleer hen om na te denken over alternatieven. Zoals het opzetten van een B&B, een boerderijwinkel, werken als zzp’er of een samenwerking met andere ondernemers. Ik ga niet voorzeggen wat ze moeten doen. Ook niet bij nieuwe ontwikkelingen zoals wel of geen land verhuren voor windmolens of grootschalige zonneparken in het Noorden.”

Je noemt die samenwerking, wat kom je daarin tegen?

“Als er geen opvolging is, wordt meer gekeken naar samenwerking buiten het gezin. Ik merk dat boeren daar steeds meer voor open staan. Zoals het opzetten van een maatschap met een oud-medewerker of samenwerking met wildvreemden, die graag een boerenbedrijf willen runnen.

Soms lukt een overnameproces niet. Een voorbeeld: een melkveehouder zonder opvolger wilde overname door zijn medewerker verkennen. Beide partijen waren het eens over de toekomst van het bedrijf en de technische bedrijfsvoering, maar hadden nooit gesproken over formele afspraken over mogelijke overname. De medewerker ging ervan uit dat hij in korte tijd eigenaar zou zijn en op de boerderij zou komen wonen, maar daar dacht de eigenaar anders over. Ze konden het niet eens worden.

Na een periode van afkoeling voerden we opnieuw een gesprek. Beide partijen hadden afzonderlijk van elkaar besloten om de samenwerking te beëindigen. Ze gaven aan dat ze zonder begeleiding hadden ‘doorgemodderd’ en dat het waarschijnlijk later met ruzie was geëindigd. Mijn rol als derde, onafhankelijke partij is vooral het blootleggen van verwachtingen. Een mooi moment was om later te horen dat de veehouder en zijn voormalig medewerker goed contact hebben met elkaar en beiden positief terugkijken op het proces.”

Beekman
Janet Beekman Freelance redacteur



Beheer