Minister Schouten moet blijven luisteren

Minister van landbouw Carola Schouten arriveert op 26 oktober 2017  voor de eerste ministerraad van het kabinet Rutte III in de Treveszaal op het Binnenhof. - Foto: ANP
IMG_ANP-353915313

Als het aan Rutte had gelegen was er geen landbouwministerie geweest. Bij al het ongenoegen over het beleid, is het toch goed dat de sector een ‘eigen’ ministerie heeft.

Het is nog geen vier jaar geleden. Op een bijeenkomst in het Overijsselse Beerze werd VVD-lijsttrekker Mark Rutte in februari 2017 het vuur na aan de schenen gelegd door boeren. De VVD had het bedrijf van een melkveehouder en recreatieondernemer in de gemeente Ommen uitgekozen voor een campagne-evenement.

Rutte had het niet makkelijk. Hij zag zich gedwongen het beleid van PvdA-staatssecretaris Martijn van Dam te verdedigen en bovendien moest hij blijven uitleggen waarom er geen minister van landbouw hoefde te zijn. Echt niet nodig, vond hij. Rutte wist zich zelfs te herinneren dat toen er nog een minister van landbouw was, de andere bewindslieden in hun stukken begonnen te bladeren als de landbouwminister aan het woord kwam.

Landbouwminister geen belangenbehartiger

Wel of geen landbouwministerie, dat was vier jaar geleden een van de belangrijke thema’s op verkiezingsbijeenkomsten over de land- en tuinbouw.

Het ‘eigen’ ministerie kwam er in 2017. Bij de presentatie van het nieuwe kabinet gaf de minister-president een eigen draai aan de discussie in Beerze. Nee, zei Rutte, het was er toen niet over gegaan of er een minister van landbouw moest komen, maar over de vraag of de belangen van de landbouw door een minister in het kabinet moesten worden behartigd. En nee, zei Rutte, de landbouwminister was geen belangenbehartiger.

Boerendochter

Er kwam weer een landbouwministerie, met een minister van de ChristenUnie die ook nog boerendochter was. Kon het nog beter?

Carola Schouten was de eerste die de vreugde over haar benoeming temperde. Hoewel ze naast de boeren en tuinders (en vissers) wilde staan, waarschuwde ze ongeveer op de eerste dag van haar ministerschap al dat er ook momenten zouden zijn dat de land- en tuinbouw het niet met haar eens zouden zijn.

Ze kreeg meer gelijk dan ze zelf had kunnen vermoeden. Het gejuich verstomde, er kwam afkeurend gemompel en vervolgens een striemend gefluit. Een luidruchtig deel van de land- en tuinbouw heeft zich van haar afgekeerd.

De sector moet blijven praten, de minister moet blijven luisteren – in de betekenis van begrijpen

Maar er zijn ook anderen – boeren die in de luwte blijven en zich minder hard roeren, boeren die af en toe een gericht geluid laten horen, die weten dat je uiteindelijk met woorden meer mensen overtuigt dan met een trekker op de snelweg – al heb je die trekker soms wel nodig.

“Blijkbaar wordt er pas naar je geluisterd als je met je vuist op tafel slaat”, zegt gewezen akkerbouw-actievoerder Aly Wisse deze week in een gesprek met dagblad Trouw. Ze heeft gelijk. Maar je krijgt je gelijk niet door op de tafel te blijven slaan en niet te praten. De sector moet blijven praten, de minister moet blijven luisteren – in de betekenis van begrijpen.

En dan is het ook goed dat er een landbouwminister is bij wie andere bewindslieden niet in hun stukken gaan bladeren als ze aan het woord is.

Braakman
Jan Braakman Redacteur

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.