Landbouwministerie moet herbezinnen

31-08 | |
Braakman
Jan Braakman Redacteur
Foto: ANP
Foto: ANP

Ooit stond het landbouwministerie bekend als een voorpost van de agrarische sector. Dat is al lang verleden tijd, de kennis is er weggevloeid en dat wreekt zich nu.

De dit jaar aangetreden LTO-akkerbouwvoorzitter Tineke de Vries praat niet met meel in de mond. In een interview met Boerderij legt ze de vinger op een pijnlijke plek bij het ministerie: een ‘stuitend’ gebrek aan praktijkkennis aan de burelen van het departement aan de Bezuidenhoutseweg in Den Haag.

Ooit stond het landbouwministerie bekend als een voorpost van de agrarische sector, waar dochters en zonen van boeren en tuinders de scepter zwaaiden en waar experts zaten op praktisch elk terrein van de plantaardige en dierlijke productie. De verwevenheid van het departement met de agrarische sector was zo nauw, dat het voor buitenstaanders nauwelijks mogelijk was er tussen te komen.

Al sinds begin deze eeuw klagen achtereenvolgende landbouwbestuurders over het gebrek aan praktische kennis bij landbouwambtenaren

Dat is lang verleden tijd. Al sinds begin deze eeuw klagen achtereenvolgende landbouwbestuurders over het gebrek aan praktische kennis bij landbouwambtenaren. Bij de opheffing van het ministerie, in 2010, is de leegloop nog versterkt. Toen bij het vorige kabinet het landbouwministerie in ere werd hersteld, ging er gejuich op bij de belangenorganisaties.

Meer juridisering

De opleving bleek kortstondig. Met de rehabilitatie van het landbouwministerie kwam de weggelopen landbouwkennis niet terug. Tegelijk is de juridisering van het beleid toegenomen met te weinig maatwerk, maar een juridisch dichtgetimmerd regelgevingsverhaal waar de teler nauwelijks mee kan werken. Op langdurige onzekerheden (denk aan de derogatie) of late besluitvorming (ecoregelingen voor het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid) kunnen agrarisch ondernemers geen plannen maken.

De realiteit van het zaaien, oogsten, telen en fokken mag niet uit het oog verloren worden

Een ministerie dat zich ingraaft in juridisch afgedichte maatregelen zonder zich rekenschap te geven wat in de praktijk haalbaar en logisch is, zingt los van de praktijk. Het wordt tijd voor een herbezinning. Juridisch betrouwbare en robuuste regelgeving is van belang, dat laat ook het stikstofdossier zien. Maar dat mag niet betekenen dat de realiteit van het zaaien, oogsten, telen en fokken uit het oog verloren wordt.



Beheer