Moeizame formatie leidt tot besloten besluiten

Pogingen om het vertrouwen terug winnen, bleken afgelopen woensdag tijdens een Kamerdebat over het formatierapport van Tjeenk Willink niet zo succesvol. - Foto: ANP
Pogingen om het vertrouwen terug winnen, bleken afgelopen woensdag tijdens een Kamerdebat over het formatierapport van Tjeenk Willink niet zo succesvol. - Foto: ANP

De formatie van een nieuw kabinet duurt door alle strubbelingen lang. Op veel beleidsterreinen begint dit te knellen. Zo ook bij de uitvoering van een van dé poldervoorbeelden: het klimaatakkoord.

De formatie van een nieuw kabinet gaat op zijn zachtst gezegd niet van een leien dakje. Kort na de Tweede Kamerverkiezingen van 17 maart pleitte demissionair premier Mark Rutte nog voor een snelle formatie, zodat in de periode van de coronacrisis snel weer normaal geregeerd zou kunnen worden.

De aantekeningen van Ollongren

De werkelijkheid blijkt anders. Terwijl de formatie onder leiding van VVD‘er Anne-Marie Jorritsma en D66‘er Kajsa Ollongren nog voortvarend begon, werd het onzorgvuldig handelen van Ollongren met haar aantekeningen de aanleiding voor een breed debat over bestuursstijl, geloofwaardigheid en openheid van het politieke proces. Alle bewindspersonen van het huidige kabinet, en dan met name hoofdrolspelers Rutte en Wopke Hoekstra (CDA), komen zwaar onder vuur.

Pogingen om het vertrouwen terug winnen, blijken woensdag tijdens een Kamerdebat over het formatierapport van Tjeenk Willink niet zo succesvol. Ook voor het plan van Rutte om voortaan bij grote maatschappelijke akkoorden altijd eerst de Kamer een mandaat te vragen over de hoofdlijnen, kreeg geen luid applaus. Zeker niet van de bekende polderpartijen als de vakbonden, die het polderbeleid juist als een zeer waardevol instrument zien.

Klimaatakkoord: de tijd dringt

En terwijl de Kamer konkelt over eerlijkheid, openheid en vertrouwen van politiek en bestuur, gaan de dossiers op inhoud ook door. En dat leidt in sommige gevallen tot lastige situaties. Zo gaf voorzitter Ed Nijpels van het voortgangsoverleg van het Klimaatakkoord in een technische briefing aan de Tweede Kamer aan dat de tijd begint te dringen om de doelen voor het klimaatakkoord te halen.

Het klimaatakkoord is een van de succesvolle voorbeelden van het Hollandse polderbeleid. Samen met maatschappelijke organisaties werd in beslotenheid onderhandeld over de te nemen maatregelen, zodat er voldoende draagvlak voor is. De Kamer wil juist af van deze gesprekken achter gesloten deuren.

Afgesproken reductie CO2-uitstoot niet gehaald

Volgens de afspraken van het klimaatakkoord moet in 2030 de CO2-uitstoot in Nederland 49% zijn gereduceerd ten opzichte van 1990. Uit de meest recente monitoring blijkt dat met het huidige beleid een reductie van 34% wordt gehaald. Wanneer de plannen die in de pijplijn zitten worden meegeteld, wordt een reductie van 43% gehaald. Dat is nog steeds niet genoeg om de doelen te bereiken. Zeker niet nu in Europa de lat nog eens hoger is gelegd door het reductiedoel voor 2030 te verhogen naar 55%.

De onderhandelingen in Brussel over hoe dit geïnterpreteerd moet worden, beginnen in juni. Het moet dan wel duidelijk zijn of Nederland vindt dat dit doel per lidstaat of Europa-breed moet worden gehaald, waarschuwt Nijpels. Hij roept daarom op om al aan de formatietafel een besluit te nemen.

Nieuwe bestuurscultuur niet zo eenvoudig

Een dergelijke oproep is precies wat de Kamer nu niet wil: besluiten nemen achter ‘gesloten’ deuren. Het is een mooi voorbeeld van dat de wens van een nieuwe bestuurscultuur niet zo eenvoudig gerealiseerd kan worden. En als het er al van komt, zal ieder besluit met zeventien partijen in de Tweede Kamer ook aanmerkelijk tijdrovender zijn. Dan in de Brusselse trein al lang vertrokken.

Vermaas
Mariska Vermaas Redacteur



Beheer