NCR-directeur: ‘Lid coöperatie gedraagt zich meer als klant’

22-02 | |
Arjen van Nuland, directeur van de Nationale Coöperatieve Raad NCR. - Foto: Herbert Wiggerman
Arjen van Nuland, directeur van de Nationale Coöperatieve Raad NCR. - Foto: Herbert Wiggerman

Coöperaties zijn succesvol als ondernemingsvorm en doen het over het algemeen goed. De wederzijdse dialoog tussen leden en coöperatie kan vaak wel wat beter stelt Arjen van Nuland, directeur van de NCR.

Van de omzet in de Nederlandse agrarische sector loopt 70% via coöperaties. Veevoer, de verwerking van melk, suiker en aardappelen loopt voor een groot deel via coöperaties. Gemiddeld is dat 40% in de EU, alleen in Finland is het coöperatieve marktaandeel groter. Agrarische coöperaties doen het goed in Nederland. Tegelijkertijd is er ook kritiek van leden. Dat heeft te maken met de verbinding zoals die tussen leden en coöperatie ervaren wordt volgens Arjen van Nuland, directeur van de Nationale Coöperatieve Raad NCR.

“De coöperatieve bedrijven zijn groter en groter geworden. Dat heeft schaalvoordelen, maar ook risico’s aan de verenigingskant doordat de afstand tussen leden en bestuurders en tussen leden en bedrijven groter kan worden. Vaak zie je dan ook dat leden zich dan meer als klant gaan gedragen. Ze stemmen met de voeten en gedragen zich niet meer als mede-eigenaar van een bedrijf”, stelt Van Nuland vast in een interview met Boerderij.

Andere opstelling leden

Dat leden kritischer zijn, is vooral een uiting van de andere opstelling van leden stelt Van Nuland. Daarbij speelt de stemming in de sector een rol. Van Nuland: “Externe factoren zoals lage prijzen worden gezien als bedreiging voor je eigen bedrijf. Dat uit zich dan in kritiek op bestuurders van het coöperatiebedrijf waar je zelf in feite eigenaar van bent. Je gaat je gedragen als ontevreden klant, maar wel van je eigen bedrijf. Dat zie je toenemen ja. In de land en tuinbouw, maar ook bij andere coöperaties.”

Je gaat je gedragen als ontevreden klant, maar wel van je eigen bedrijf

Kritiek van leden over (vermeende) afstand tussen bestuurders en leden staat in principe los van de omvang van de coöperatie. Het heeft te maken met de verschillende relaties van leden met hun coöperatie: zeggenschap, zakelijke transacties en financiering. In de beginjaren van coöperaties waren die drie onderdelen vaak heel sterkt aan elkaar gekoppeld. Dat is in de loop der jaren en met het groter worden van coöperaties en hun bedrijven totaal anders geworden.

Betere communicatie nodig

Volgens Van Nuland moet de communicatie tussen leden en bestuurders beter. “De communicatie moet passen bij de boodschap die je hebt en het ledenbestand”, aldus Van Nuland, “Het accent van communicatie ligt te vaak op het zenden van informatie en te weinig op de dialoog met de leden. Als je gaat investeren in een fabriek in China moet dat gerelateerd worden aan de belangen van de leden. Tegelijkertijd zijn er steeds meer leden die vooral kijken naar voordeel op de korte termijn. En daar doen coöperaties zelf aan mee als ze de hoogste prijzen benadrukken in hun communicatie.”

Het accent van communicatie ligt te vaak op het zenden van informatie en te weinig op de dialoog met de leden

Volgens Van Nuland is er ondanks kritiek toekomst voor coöperaties. Hij ziet een omslag in het denken van neoliberaal naar het Rijnlandse model waarbij meer nadruk ligt op de langere termijn voordeel en zeggenschap van onderuit. “Ja, een coöperatie past juist heel goed in deze tijd! Daarbij is wel doorslaggevend dat het belang duidelijk is voor de leden en gedragen wordt. En dat lukt alleen met goede dialoog.”

Lees het volledige interview op Boerderij.nl

Esselink
Wim Esselink Redacteur

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.