Nederlandse ondernemer in droog Roemenië: ‘Zonder irrigatie is gewas kansloos’

13-08 | |
Minne Lettinga: Pluimveehouders proberen graan uit Oekraïne te halen omdat in de graanschuur van Roemenië te weinig van het land komt. - Foto: Anne van der Woude
Minne Lettinga: Pluimveehouders proberen graan uit Oekraïne te halen omdat in de graanschuur van Roemenië te weinig van het land komt. - Foto: Anne van der Woude

Roemenië is zwaar getroffen door de droogte van deze zomer. De Friese akkerbouwer Minne Lettinga is betrokken bij een groot bedrijf in de graanschuur van het land en ziet hoe irrigatie de sleutel is tot opbrengstzekerheid.

Irrigatie is de sleutel tot een goede opbrengst in het door droogte getroffen Roemenië. Dat zegt Minne Lettinga, CEO en aandeelhouder van Frizon Group, een Nederlands samenwerkingsverband dat een groot akkerbouwbedrijf in het oosten van Roemenië exploiteert. Percelen met water halen dit jaar een uitstekende opbrengst, percelen zonder water hebben een zeer lage tot geen opbrengst, ziet hij om zich heen.

Van de huidige 4.300 hectare van Frizon Group is ruim 1.000 hectare geïrrigeerd met water uit een rivier die gelukkig steeds nog genoeg water heeft, en die in tegenstelling tot de Donau ook beschikbaar blijft voor de landbouw. De Donau kent een onttrekkingsverbod om te voorkomen dat de scheepvaart stilvalt.

Uitzonderlijke droogte

Lettinga is al sinds 2008 actief in Roemenië. Droogte zag hij vaker, maar nu is de situatie uitzonderlijk, juist in de graanschuur van het land. In het Westen is het minder droog, maar dat is een minder belangrijk productiegebied. Roemenië is een grote producent en exporteur van tarwe, mais en zonnebloemen. Vorig jaar bedroeg de maisexport 4,3 miljoen ton. Het land is goed voor 10% van de EU-tarweproductie en normaliter gaat ruim 6 miljoen ton op export.

Oogstverwachtingen voor het hele land zijn dramatisch naar beneden bijgesteld. Van 14 miljoen ton korrelmais aan het begin van het jaar naar 8 miljoen volgens de laatste officiële schatting en volgens Lettinga kan het nog wel minder worden. De tarweoogst wordt volgens Roemeense media een kwart minder dan vorig jaar, ruim 9 miljoen ton.

Dit groeiseizoen kende voor de wintergewassen al een valse start, vertelt Lettinga. Tot januari was het kurkdroog. “In januari en februari kwam er toch nog regen, waarna het gewas zich alsnog goed ontwikkelde. In maart leek het zelfs heel goed. Alleen was het wortelstelsel slecht ontwikkeld, waardoor het gewas niet bestand was tegen de droogte van daarna.” Percelen zonder irrigatie halen dit jaar nog geen ton tarwe per hectare, vertelt hij. Normaal is hier 4 tot 6 ton. Is er wel irrigatie, dan komt 6 tot 7 ton in beeld.

Minder mais

In verband met de marktverwachtingen en de beschikbaarheid van stikstofkunstmest koos het bedrijf dit jaar voor een ander bouwplan dan normaal, met veel meer zonnebloemen (3.000 hectare) en veel minder mais (1.000 hectare). Mais heeft meer stikstof nodig. Dat blijkt achteraf een goede keuze, omdat mais gevoeliger is voor droogte. “Op maispercelen zonder beregening is de opbrengst nul.” Percelen met water halen een opbrengst van 13 tot 14 ton korrelmais per hectare.

De – geïrrigeerde – soja op het bedrijf doet het fantastisch dit jaar, zegt Lettinga. Hij verwacht een opbrengst van 4 ton soja per hectare. Goede percelen zonnebloemen halen eveneens zo’n 4 ton per hectare, maar slechte percelen zijn door de droogte nu al noodrijp en komen niet verder dan 1 ton. Veel andere percelen blijven ook onder de 2 ton als gevolg van de droogte.

Het bedrijf ligt in de graanschuur van Roemenië. Maar de oogst is nu in het gebied zo mager dat er juist graan nodig is. “Maar een procent of 6 van het land is geïrrigeerd. De rest ligt er nu dood bij.” Niet alleen zitten akkerbouwers hierdoor zonder inkomsten, ook voor transporteurs is er weinig te verdienen en verpachters – grondeigenaren zijn veelal particulieren met weinig hectares – krijgen hun pacht mogelijk niet. Die wordt veelal betaald in natura: een deel van de oogst.

Import uit Oekraïne nodig

Met name pluimveebedrijven hebben een probleem, zij kunnen niet genoeg mais en andere voergrondstoffen krijgen. Het leidt ertoe dat graanprijzen in dit productiegebied nu hoger zijn dan bij de exporthavens. De omgekeerde wereld. De pluimveehouders kijken uit nood over de grens. Mondjesmaat komt er graan binnen via Moldavië uit Oekraïne.

De Frizon Group kan hierin een rol spelen. Het heeft contacten met de pluimveebedrijven, omdat het al enkele jaren pluimveemest afneemt. “Die pluimveehouders vragen nu of wij onze transportcapaciteit kunnen inzetten om mais en graan uit Oekraïne te halen.” Er lag al een lijntje met de grootste particuliere graanhandelaar in dat land. Maar de oorlog zette een streep door het plan. “De eigenaar en zijn vrouw zijn onlangs omgekomen door een Russische bom.”

Landklimaat met uitersten

In 2020 werd Roemenië ook al zwaar door droogte geraakt. Het tussenliggende 2021 was wel goed, al eindigde het in een gortdroge herfst. Toch wil Lettinga de droogte nog niet echt structureel noemen. “Ik heb hier sinds wij hier actief zijn in 2008 van alles voorbij zien komen: zowel nat als droog. We hebben ook wel eens heel laat in het voorjaar nog een pak sneeuw gehad dat alles verstoorde. Dat heb je met zo’n landklimaat.”

Van één ding is de ondernemer wel overtuigd: “De enige manier om dat landklimaat te tackelen, is irrigatie.” Op dat vlak is nog heel veel te winnen, stelt hij vast. Vervolgvraag is of er wel voldoende rivierwater beschikbaar is als iedereen daar gebruik van wil maken. Lettinga: “Dat klopt. Maar als je alleen al in het voorjaar het gewas wat mee kunt geven, scheelt dat al een enorm stuk in de opbrengstzekerheid.”

Oppewal
Johan Oppewal chef-redacteur
Meer over


Beheer