NoPalm Ingredients: lokale fabrieken starten dichtbij de reststromen

De kennis over het fermentatieproces bevond zich in een laboratoriumfase. NoPalm Ingredients wil dit proces nu op industriële schaal toepassen. - Foto's: Koos Groenewold
De kennis over het fermentatieproces bevond zich in een laboratoriumfase. NoPalm Ingredients wil dit proces nu op industriële schaal toepassen. - Foto's: Koos Groenewold

NoPalm Ingredients maakt microbiële olie op basis van reststromen, zoals aardappelschillen en afgekeurde groente, als vervanger voor palmolie in voeding. “De kennis over het fermentatieproces bevond zich in een laboratoriumfase. Wij willen dit proces nu op industriële schaal toepassen”, vertelt co-founder Lars Langhout.

Lars Langhout werkte tien jaar lang als consultant. “Via mijn werkgever kwam ik bij de Columbia University Business School in New York terecht. Ik ontmoette allemaal mensen die bezig waren met het realiseren van doelstellingen op het gebied van duurzaamheid. Zowel professoren als klasgenoten. Zij hebben me geïnspireerd. Ik wilde ook heel graag een bijdrage leveren aan een beter wereld en was tevens opzoek naar een commerciële uitdaging.”

Tekst gaat door onder foto

Lars Langhout en Jeroen Hugenholtz.
Lars Langhout en Jeroen Hugenholtz.

Vergisting

De puzzelstukjes vielen samen toen hij vorig jaar Jeroen Hugenholtz ontmoette. “Jeroen houdt zich als microbioloog al jarenlang bezig met vergisting. Hij was onder meer verbonden aan de WUR als Fermentation technology for sustainable chemicals and food ingredients en was parttime-professor aan de Universiteit van Amsterdam.

Hij vertelde me over de fermentatietechnieken en de mogelijkheden daarvan. Toen hebben we samen een plan opgesteld om op grote schaal een vervanger voor palmolie te produceren. Ik was meteen enthousiast en wilde met mijn business- en commercieel gerichte achtergrond graag helpen.”

Dezelfde drive

Beide ondernemers hebben dezelfde drive. “We vinden het onze verplichting om de wereld op een goede manier achter te laten aan de volgende generaties. We hebben te maken met een extreem groot probleem in ons voedingssysteem. De palmolie-industrie veroorzaakt een toenemende vernietiging van tropische bossen van Costa Rica tot Indonesië, waardoor koolstofdioxide in de atmosfeer vrijkomt en habitats voor mensen en bedreigde dieren in het wild worden vernietigd. We consumeren gemiddeld per persoon 8 kilogram palmolie per jaar. In ongeveer 60% van alle verpakte producten die we kopen, is palmolie verwerkt.”

Tekst gaat door onder foto

Veel verschillende zijstromen kunnen tot microbiële olie worden verwerkt.
Veel verschillende zijstromen kunnen tot microbiële olie worden verwerkt.

Een ander groot probleem is voedselverspilling. “Van al het voedsel dat in de supermarkt ligt, wordt 25% doorgedraaid. Het gaat om zeer grote volumes. En ook bij de voedselverwerkende industrie worden nu op grote schaal reststromen doorgedraaid, terwijl ze heel goed op een andere manier gebruikt zouden kunnen worden. Wij geloven niet in afvalstoffen.”

Duurzaam substituut

NoPalm Ingredients wil beide problemen aanpakken. “We brengen een duurzaam substituut voor palmolie op de markt en geven tegelijkertijd het restafval een nieuwe bestemming. De olie die door de gisten wordt geproduceerd, lijkt opmerkelijk veel op plantaardige oliën, zoals palm, zonnebloem en kokos. Als je de natuur ook in ogenschouw neemt, is ons productieproces veel efficiënter en minder stoot het significant minder CO2 uit dan de productie van palmolie.”

NoPalm Ingredients voegt gist toe aan zijstromen. “Door het fermentatieproces hoopt de olie zich op in de gistcellen, die olie kunnen we vervolgens extraheren. Deze olie heeft een soortgelijke vetzuursamenstelling als palmolie. Bovendien is de samenstelling verder aan te passen.”

Nog niet op industriële schaal

Het produceren van microbiële olie uit reststromen is niet nieuw, maar wordt nog niet op grote schaal toegepast. “Tot voorkort bevond de kennis rond fermentatie van reststromen en de ontwikkeling van microbiële olie zich op laboratoriumniveau. Wij willen deze kennis nu op industriële schaal toepassen.”

Er zijn twee Amerikaanse bedrijven die iets soortgelijks doen, al zijn er zeker verschillen. “Zij gebruiken suikers. In onze ogen is dat minder duurzaam, omdat die suiker speciaal geteeld moeten worden. Unilever is een samenwerking aangegaan met Genomatica. Zij willen ook op zoek naar palmolie alternatieven, maar daarbij wordt gebruik gemaakt van genetische modificatie. Ook dat is ons in onze ogen iets anders. Wij presenteren echt iets unieks.”

Voordelen

De productie van microbiële olie heeft volgens hem diverse voordelen. “We kunnen veel verschillende zijstromen verwerken. Deze restproducten hoeven slechts aan één van de drie voorwaarden te voldoen: ze moeten suikers, vetzuren of alcohol bevatten. De mogelijkheden zijn enorm. In principe zouden we zelfs de olie van zaagsel kunnen maken. Wij verwerken de zijstroom tot biomassa en stoppen deze als het ware in een grote blender. De biomassa wordt geplet of versnipperd om het te fermenteren met specifieke gist. Na het fermentatieproces scheiden we de geproduceerde microbiële olie van de biomassa, die weer als reststroom voor andere producten kan dienen.”

Een ander pluspunt: de olie kan voor verschillende toepassingen worden gebruikt, zowel in voeding als in cosmetica en de schoonmaakmiddelenindustrie. “Ons microbiële fermentatieproces is afstembaar, waardoor de productie van hardere of zachtere oliën mogelijk is, afhankelijk van de behoefte van de klant of de toepassing.”

Vele malen duurzamer

Het product is vele malen duurzamer dan palmolie en de zogenaamde duurzame palmolie, die nu op de markt is, weet Langhout. “We voegen geen chemicaliën toe en we gebruiken veel minder CO2. Bij de productie van 1 kilogram palmolie komt er zo’n 8 kilogram CO2 vrij. We hebben nog geen LCA gedaan, maarde eerste schatting op basis van de energie massabalans is, is ongeveer 90% minder. Het gaat echt om een extreem groot verschil. Doordat er bij de productie van onze oliën veel minder CO2 vrijkomt, kunnen bedrijven die onze olie gebruiken, hiermee hun CO2-verbruik voor een deel compenseren en zodoende gemakkelijker hun CO2-doelstellingen behalen.”

Aan Langhout en Hugenholtz wordt regelmatig de vraag gesteld of duurzame palmolie niet goed genoeg is. “In onze ogen is dat niet het geval. Hierbij wordt nog steeds veel CO2 verbruikt. Bovendien bevat dit product chemicaliën en wordt het over de hele wereld getransporteerd. Dat is iets wat wij niet willen. We transporteren de olie niet vanuit Nederland de hele wereld over, maar willen lokale fabrieken starten dichtbij de reststromen zelf.”

Financiering

Vorig jaar is NoPalm Ingredients opgericht. “We hebben ons eerst op de financiering gericht. We hebben € 1 miljoen opgehaald, mede dankzij Green Creators, Future Food Fund, ICOS Capital en een groep angel investors. Deze eerste groep is uitzonderlijk vroeg ingestapt. Ze hebben toestemming gekregen om het eerder te investeren vanwege de uitzonderlijke potentieel van NoPalm Ingredients.”

Tekst gaat door onder foto

Lars Langhout verwacht dat een industriële productie zeker mogelijk moet zijn.

Vervolgens hebben de co-founders een laboratorium gehuurd, apparatuur aangeschaft, een team samengesteld en zijn ze van start gegaan. “Wij fermenteren ’op 100 tot 150 liter basis. In september willen we opschalen naar 2.000 liter en oktober naar 4.000 liter.” Een industriële productie is in zijn ogen zeker mogelijk. Als je op grotere schaal produceert, dan zijn de parameter anders, weet Lars. “Er kan bijvoorbeeld meer schuimvorming optreden. Maar deze problemen zijn oplosbaar.”

Als de technologie helemaal voor elkaar is, dan willen de ondernemers een eigen faciliteit openen. “We hebben niet de tijd om het blokje voor blokje op te bouwen. We moeten snel schakelen. Want wij denken dat we pas succesvol zijn als we daadwerkelijk voor impact hebben gezorgd.”

“We zijn pas succesvol als we daadwerkelijk voor impact hebben gezorgd”

Prijzen

NoPalm Ingredients heeft diverse prijzen geworden, zoals de Rabobank Duurzame Innovatieprijs in de categorie ‘voedseltransitie’, de FoodHack pitch competitie, de startup-pitch op Future Food Tech in San Francisco en de ‘Most innovative F&B ingredient or Processing Technology’ award op de Fi Global Startup Innovation Challenge. Verder werd het bedrijf uit enkele honderden deelnemers als finalist geselecteerd samen met Deep Branch en Sunt. “Uit al deze prijzen en nominaties blijkt wel dat we echt iets bijzonders in handen hebben”, zegt Langhout trots.

Inmiddels hebben al diverse voedingsmiddelenbedrijven interesse getoond. “Omdat we nog in de voorbereidende fase zijn, hebben we bedrijven nog niet actief benaderd. Maar door alle prijzen die we hebben gewonnen, staan we wel op de radar. We worden meerdere keren per week door geïnteresseerde bedrijven gebeld. Inmiddels zijn we al met een partijen in gesprek, waarvan sommigen al samples hebben afgenomen. We willen met verschillende bedrijven samenwerken. Zowel met de grote spelers in de markt als met kleine start ups.”

Talentvolle medewerkers

Een goed samenwerkingsverband is heel belangrijk voor verdere uitbreiding, aldus Langhout. “We zijn op zoek naar talentvolle medewerkers. Als kleine speler begeven we ons op het terrein van reuzen, die hier van alles over vinden. We hebben goede mensen nodig om te helpen. Mensen met talent, op het gebied van onderzoek óf commercie, en met het hart op de juiste plek, die een bepaalde zingeving zoeken in het werk behalve alleen het salaris aan het eind van de maand.”

Noordzij
Wendy Noordzij Freelance redacteur


Beheer