NVWA geeft eigen interpretatie aan wetgeving

De rechtmatigheid van bedrijfsblokkades door de NVWA vanwege de vermeende I&R-fraude staat ter discussie. Tijdens de rechtszitting waren de drie CBb-rechters uiterst kritisch op de handelswijze van de De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) lijkt de regels om te beslissen tot algehele bedrijfsblokkades behoorlijk te hebben opgerekt bij de van I&R-fraude verdachte veehouderijen. Er is twijfel over de juridische rechtmatigheid van deze forse maatregel. Dat beeld ontstond tijdens de behandeling bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb), van de eerste tien zaken die veehouders hadden aangespannen tegen de NVWA, omdat hun bedrijf twee jaar geleden geblokkeerd werd.

Vermoeden van I&R-fraude

De reden voor de blokkades van meer dan 2.000 bedrijven was volgens de NVWA een vermoeden van I&R-fraude door de veehouders. Het doel van die vermeende fraude zou zijn om deels onder het fosfaatreductieplan uit te komen, vermoedde de NVWA. Begin 2018 was minister Schouten er ook van overtuigd dat er om die reden veelvuldig gefraudeerd werd door veehouders. Uiteindelijk bleek het veelal te gaan om administratieve foutjes en was volstrekt geen sprake van fraude.

Bij geen van de bedrijven werd meerlingfraude bewezen, bleek tijdens de zitting. DNA-onderzoek toonde aan dat het daadwerkelijk om meerlingen ging en dat het geen poging was een kalf van een vaars bij een melkkoe te registreren om zodoende fosfaat te besparen.

Het fraudeverhaal is als een kaartenhuis in elkaar gestort

Alle bedrijven hadden te maken met één of meerdere doodgeboren kalveren. Dat alle tien de bedrijven volledig geblokkeerd werden, alleen op basis van een vermoeden van fraude omdat er wat mis was gegaan in het I&R-systeem, stuit advocaat Piet Stehouwer tegen de borst. “De NVWA heeft niet feitelijk op het bedrijf geconstateerd dat er iets niet klopt. Ze hadden uitsluitend een vermoeden door datacontroles. Dan is een volledige blokkade disportioneel. En dit heeft tot grote schade voor de veehouders geleid.” Volgens Stehouwer waren de blokkades ongehoord. “Het was schieten met een kanon op een mug. Het fraudeverhaal is als een kaartenhuis in elkaar gestort.”

Korting op de GLB-subsidie

De CBb-rechters zijn vooral geïnteresseerd waarop de NVWA baseert dat doodgeboren kalveren gemeld moeten worden in het I&R- systeem. Op 24 maart heeft het CBb daarover een uitspraak gedaan, waarin staat dat de I&R-verplichting om doodgeboorten te melden niet gebaseerd is op Europees recht. Tijdens de zitting zegt de NVWA-woordvoerder dat de noodzaak van registreren met de volks- en diergezondheid te maken heeft. Bovendien zou, als dat niet zou gebeuren, er een korting op de GLB-subsidie kunnen plaatsvinden, aldus de woordvoerder. Ze voegt eraan toe dat de NVWA het overigens niet eens is met de bewuste CBb-uitspraak van 24 maart en graag zou zien dat er vragen aan het Hof van Justitie gesteld worden over deze zaak.

Waarom niet elke draagtijd; waar baseert de NVWA die zeven maanden op?

CBb-rechter Stuldreher houdt de NVWA vervolgens voor dat de Europese Verordening gaat over productiedieren. “Wat is de waarde van een doodgeboren kalf als productiedier?” De NVWA moet erkennen dat die er niet is. Ook het feit dat alleen kalveren die na een draagtijd van zeven maanden dood geboren worden geregistreerd moeten worden, roept twijfel op bij het CBb. Stuldreher: “Waarom niet elke draagtijd; waar baseert de NVWA die zeven maanden op? Het lijkt een eigen interpretatie van de Verordening te zijn door de NVWA, de vraag is of dat gerechtvaardigd is.”

Bedrijfsblokkades

Over bedrijfsblokkades is het CBb eveneens kritisch. De vraag is of een blokkade op dierniveau niet voldoende was geweest. Volgens de NVWA is een volledige blokkade de enige mogelijkheid. “We moeten eerst alles goed uitzoeken voor er weer dieren afgevoerd mogen worden. Daarom gaat bij een vermoeden van onregelmatigheid alles op slot.” Rechter Stuldreher houdt de NVWA nog voor dat de Europese Verordening spreekt over ‘het beperken van het verplaatsen van dieren’. De uitleg van de NVWA is dat het altijd gaat om een blokkade van alle dieren.

Focussen op mogelijke I&R-fraude

Op de vraag waarom de NVWA zich pas in 2017 zo nadrukkelijk ging focussen op mogelijke I&R-fraude luidt het antwoord dat er in dat jaar ineens opvallend veel meerlingen geregistreerd werden. “We vroegen ons af hoe dat zou kunnen. Het fosfaatreductieplan zou een reden kunnen zijn, vandaar de intensieve controles.” Waarop advocaat Stehouwer constateert: “Zonder het fosfaatreductieplan hadden we hier dus niet gezeten.”

Via Rendac heb ik gelukkig kunnen aantonen dat ik het dier heb afgevoerd

Van de tien veehouders was er één aanwezig bij de zitting. “De blokkade bracht ons in grote problemen: we konden onze kalveren niet meer kwijt terwijl we steeds minder plaatsingsruimte hadden”, licht hij toe. “Ook heb ik zelf de kosten voor het DNA-onderzoek van de meerlingen moeten betalen. En door het grote aantal dieren op mijn bedrijf heb ik fosfaatrechten moeten aankopen. En dat allemaal door die blokkade die gebaseerd was op het niet registreren van een doodgeboren kalf. Via Rendac heb ik gelukkig kunnen aantonen dat ik het dier heb afgevoerd.“
In totaal worden donderdag en vrijdag 22 vergelijkbare zaken behandeld in het I&R-dossier. Omdat al deze zaken met elkaar te maken hebben, zal de uitspraak van het CBb er niet binnen de gebruikelijke zes weken zijn. Deze uitspraak volgt uiterlijk op 1 september.

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.