Plantaardige sector vraagt uitstel nieuw NVWA-tarief

18-10 | |
Foto: Bert Jansen
Foto: Bert Jansen

PlantNet International wil dat de invoering van een nieuw kostprijsmodel van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit wordt uitgesteld.

Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit wil per 1 januari een nieuw kostprijsmodel invoeren. Volgens de leden van PlantNet komt daarmee de concurrentiepositie van Nederlandse (export)bedrijven in het geding.

Petitie Tweede Kamer

Henk Westerhof van de Koninklijke Handelsbond voor Boomkwekerij- en Bolproducten (Royal Anthos) zegt dat de samenwerking met de NVWA heel goed is. “Wij klagen daar niet over, integendeel.”

Royal Anthos heeft samen met Avag (organisatie voor kassentechnologie), het GroentenFruitHuis, de Nederlandse Aardappel Organisatie, de plantenveredelingssector Plantum en de Vereniging van Groothandelaren in Bloemkwekerijproducten onder de paraplu van koepelorganisatie PlantNet International een petitie aan de Tweede Kamer aangeboden, waarin wordt gevraagd om de invoering van het nieuw tarievenmodel met een jaar uit te stellen. De minister van LNV moet het voornemen om de NVWA-kosten bij het bedrijfsleven weg te halen, heroverwegen, aldus PlantNet.

Retributie

PlantNet stelt dat het bedrijfsleven in de plantaardige sector op basis van het profijtbeginsel alle keurings- en certificaatkosten voor zijn rekening neemt. De minister wil de kosten die de NVWA maakt om te keuren en te certificeren via retributie verhalen. Die kostendoorberekening is volgens de bedrijven “principieel onjuist”. PlantNet vindt dat het gaat om een taak die voor rekening komt van de overheid en niet zou mogen worden doorberekend aan het bedrijfsleven.

Volgens de begroting kost de NVWA volgend jaar ongeveer een half miljard. Daarvan wordt in 2023 ongeveer € 130 miljoen door het bedrijfsleven opgebracht. Bijna € 20 miljoen meer dan in 2022, ondanks een extra impuls vanuit het regeerakkoord van zo’n € 42 miljoen (van VWS en LNV).

Overleg over doorberekening tarieven

Het ministerie mag een deel van de kosten (zoals opleidingskosten) niet in rekening brengen (retribueren) bij het bedrijfsleven.
De plantaardige sectoren zijn net als de dierlijke sectoren met het ministerie in overleg over de doorberekening van de tarieven. “Maar de minister neemt geen tijd voor een zorgvuldige afweging”, zegt Westerhof. In de begroting voor volgend jaar staat dat de minister een zorgvuldige consultatie gaat doorlopen voordat de tarieven uiterlijk 1 december volgend jaar (2023) worden vastgesteld.

Braakman
Jan Braakman Redacteur
Meer over


Beheer