Pointer: toezicht op lozing afvalwater RFC rammelt

07-11 | |
RFC geeft aan er alles aan te doen om binnen de geldende normen voor afvalwater te blijven. Foto: Mark Pasveer
RFC geeft aan er alles aan te doen om binnen de geldende normen voor afvalwater te blijven. Foto: Mark Pasveer

Het toezicht op de lozing van afvalwater in de Waddenzee door FrieslandCampina (RFC) rammelt.

Dat stelt het platform voor onderzoeksjournalistiek Pointer. RFC laat in reactie weten zich te houden aan de wettelijke normen en voortdurend te investeren in verduurzaming van de productieprocessen. Tot 2030 is hier een bedrag van € 1,5 miljard mee gemoeid. Tegelijk wil de onderneming de ogen niet sluiten voor kritiek vanuit de maatschappij. Als blijkt dat interne of externe normen niet in lijn zijn met de maatschappelijke verwachtingen, treft de onderneming waar nodig maatregelen.

Afvalwater RFC-fabriek in Bedum

Pointer bezoekt in een reportage samen met de Waddenvereniging de plek waar de zogeheten HoWA-leiding in de Waddenzee uitmondt. Via deze leiding gaan miljoenen liters warm afvalwater, met daarin onder meer fosfaten en stikstof, afkomstig van de fabriek in Bedum. ‘Het op het oog heldere water komt dampend uit de pijp, zo nu en dan drijven er witte vlokken in’, zo beschrijft Pointer. Ellen Kuipers van de Waddenvereniging reageert ontzet. Volgens haar valt niet vol te houden dat het lozen van dit afvalwater geen effect heeft op de natuur.

Verantwoordelijk voor toezicht op de lozing

Uit een rondgang door Pointer blijkt dat er na het afgeven van de vergunningen in 2009 beperkt toezicht is geweest. Ook blijkt het nog niet zo gemakkelijk te achterhalen wie bestuurlijk verantwoordelijk is voor toezicht op de lozing. Pointer komt uit bij de omgevingsdienst van de provincie. De omgevingsdienst meldt volgens Pointer dat een revisietraject voor de vergunningverlening op zijn plek lijkt, maar nog te wachten op een aanvraag door RFC.

RFC geeft aan er alles aan te doen om binnen de geldende normen voor afvalwater te blijven. Helaas moet ook de zuivelonderneming concluderen dat dit niet altijd goed is gegaan. Er waren incidenten op verschillende productielocatie, waarbij de normen werden overschreden of waarbij er melk, wei of melkrestanten in het oppervlaktewater terecht zijn gekomen. Dat moet volgens de zuivelonderneming beter.

Willem Veldman


Beheer