Rabo: supermarkten dwingen voedingsbedrijven tot lagere CO2-uitstoot

Foto: Roel Dijkstra
Foto: Roel Dijkstra

De druk op voedingsbedrijven om hun CO2-uitstoot te verlagen neemt toe. Volgens de Rabobank hebben 19 van de grootste foodretailers ter wereld aangekondigd dat ze hun uitstoot van broeikasgassen willen verminderen.

Uiteindelijk moet de netto-uitstoot naar nul. Dit gaat grote gevolgen hebben voor de voedingsbedrijven. Want supermarkten stoten zelf nauwelijks CO2 uit (zie grafiek). Dus leggen ze de klimaatneutrale opdracht bij hun transporteurs en leveranciers, waaronder de voedingsbedrijven. Volgens de Rabobank is de directe bijdrage van de supermarkten aan de CO2-uitstoot gemiddeld 2,9%, doordat ze hun gebouwen verwarmen of elektriciteit gebruiken (scope 1 en 2: zie kader). De rest (scope 3) is indirecte CO2-uitstoot die wordt toegeschreven aan onder andere ingekochte goederen. Willen de supermarkten kunnen schermen met klimaatneutraliteit, dan moeten vooral hun leveranciers hun uitstoot van CO2 verminderen.

Ongelukkig timing klimaatdoelen

De klimaatdoelen komen op een ongelukkig moment. De voedingsbedrijven hebben momenteel wel wat anders aan hun hoofd. Ze moeten meer geld uitgeven aan salarissen en ook hun inkoopprijzen voor grondstoffen, energie, verpakkingen en transport zijn sterk gestegen. Consumenten beginnen de inflatie te voelen in hun portemonnee en zoeken goedkopere producten of kopen minder producten. In turbulente tijden dreigen andere zaken naar de achtergrond te verdwijnen, zoals de klimaatdoelen. Maar ook voedingsbedrijven zullen hun bijdrage moeten leveren om de klimaatdoelen in de Green Deal te halen, schrijft de Rabobank in een rapport over de voedingssector. “Supermarkten dwingen voedselproducenten om hierin grote stappen te maken.”

De CO2-uitstoot van de supermarkten in scope 3 wordt volgens de Rabobank voor 95% veroorzaakt door de producten die de supermarkt verkoopt. “Deze uitstoot verschilt sterk van product tot product. Voordat je bijvoorbeeld een hamburger of een pak vla hebt, stoten producenten of verwerkers al relatief veel CO2 uit. Terwijl noten of fruit een veel lagere uitstoot hebben omdat ze tijdens de teelt ook CO2 vastleggen. De meeste supermarktorganisaties kijken vooral naar de uitstoot van de producten die ze verkopen. Daarmee worden hun doelen ook meteen een uitdaging voor de leveranciers van deze producten.”

Gegevens verzamelen

Om aan de eisen van de supermarkten te voldoen moeten leveranciers gegevens verzamelen over hun CO2-uitstoot en een stappenplan opstellen om aan te tonen hoe zij bijdragen aan de klimaatneutraliteit van de supermarkten. De Green Deal eist immers dat de EU in 2050 klimaatneutraal is. In het meest verregaande geval zullen supermarkten sterk vervuilende producten gaan weren uit de schappen, verwacht de Rabobank. “Voedselproducenten moeten dus nu al starten met het daadwerkelijke verminderen van hun CO2-uitstoot.”

Maar waar te beginnen? De Rabobank verwacht dat producenten en verwerkers in de foodsector steeds transparanter moeten worden als het gaat om de klimaatimpact, maar ook gezondheid en dierenwelzijn. “Retailers en de overheid gaan dit steeds meer claimen en consumenten gaan dit steeds meer verwachten. Digitalisering van de gegevens, en dan met name rond deze thema’s, wordt voor ondernemers in de foodsector een noodzaak.”

Dat levert naast een hoop werk ook voordelen op, stellen de analisten. Uit onderzoek van Rabobank blijkt namelijk dat bedrijven die digitaliseren hun omzet vaker zien groeien. Ze zijn beter in staat kosten te besparen. Ze krijgen meer inzicht in hun bedrijfsvoering en kunnen daardoor betere beslissingen nemen. Digitalisering helpt volgens de Rabo-analisten dus om bedrijven winstgevender te maken. En het is noodzakelijk om te kunnen voldoen aan de klimaatwensen van de supermarkten.

Lees ook: Rabo: einde stijging winkelprijzen voedsel nog niet in zicht

Engwerda
Jan Engwerda Redacteur


Beheer