Ruud Tijssens: ‘Emissieplafonds nu depolitiseren’

Ruud Tijssens is voorzitter van Taskforce Versnelling Innovatieproces Stalsystemen en werkzaam bij Agrifirm als directeur public & cooperative affairs. - Foto: Koos Groenewold
Ruud Tijssens is voorzitter van Taskforce Versnelling Innovatieproces Stalsystemen en werkzaam bij Agrifirm als directeur public & cooperative affairs. - Foto: Koos Groenewold

Er moet een systeem komen om met sensoren emissies uit stallen te monitoren, adviseert Taskforce Versnelling Innovatieproces Stalsystemen. Een interview met Ruud Tijssens, voorzitter van de taskforce.

De ontwikkeling van nieuwe emissiearme systemen loopt vast op een complex proces van toelating. Daarnaast is er nauwelijks zicht op de werkelijke emissie uit stallen en worden andere stalmaatregelen niet meegenomen. De Taskforce Versnelling Innovatieproces Stalsystemen adviseert daarom een systeem van toelating van emissiearme stalsystemen op basis van emissiedoelen op bedrijfsniveau. Daarbij kunnen veehouders niet alleen met een stalsysteem maar ook op andere manieren emissies beperken, zoals via voer- en managementmaatregelen.

De taskforce wil daarvoor een snelle toetsing van sensor- en datatechnieken om de werkelijke emissies op bedrijven te bepalen. Op twintig proefbedrijven waar ook nieuwe systemen worden getest, moet de nieuwe aanpak voor de praktijk worden klaargestoomd. Begin februari is het advies aangeboden aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en staatssecretaris van Infrastructuur & Waterstaat.

Volgens Ruud Tijssens, voorzitter van de taskforce, zal het vier tot vijf jaar duren voor een dergelijk systeem operationeel is. Daarbij is een gefaseerde invoering het advies; eerst bij nieuwe vergunningaanvragen op varkens- en pluimveebedrijven, later ook op melkveebedrijven. Daarna kan bij bestaande vergunningen volgens de nieuwe aanpak worden gewerkt. Voor de tussentijd doet de taskforce voorstellen tot verbetering van de huidige systematiek.

Is het reëel om in alle 77.400 stallen van Nederland nulmetingen te gaan doen?

“Nee, maar dat is ook niet nodig. We willen zo snel mogelijk een beeld vormen bij de reeds vergunde stallen. Of alle stallen een nulmeting krijgen, is nog niet duidelijk en is ook afhankelijk van het beleid met oude stallen op dat moment.”

Ammoniak en methaan zijn het verste, geur en fijn stof zijn lastiger

En de kosten?

“Daar hebben we nog geen zicht op. We willen in deze fase voorkomen dat we vastlopen op de details. Er is een breed draagvlak voor deze aanpak en het is belangrijk dat nu wordt doorgepakt. Wel is het begeleiden naar een nieuw systeem van regelgeving een taak van de overheid.”

Een deel van de bedrijven zal meer produceren dan het vergunde ammoniakplafond. Zijn bedrijven dan in overtreding, wat ze kwetsbaar maakt voor acties van natuurorganisaties?

“Bedrijven die binnen de huidige systematiek een stalsysteem uit de vergunning gebruiken, zijn niet in overtreding. Als ze in de nieuwe systematiek boven het plafond produceren, zijn ze dat inderdaad formeel wel. Wat dat exact betekent, moet verder worden uitgewerkt. Het advies is om de emissie over drie jaren te middelen. Te veel emissie kan betekenen een verbeterplan inzetten, maar uiteindelijk ook een boete.”

We hopen dat de nieuwe aanpak voor een versnelling van de technische innovatie gaat zorgen

Gaat het lukken om in open stallen een betrouwbare meting te doen? Er zijn veel meer klimaatinvloeden dan in een gesloten stal.

“Dat klopt, we weten dat het moeilijker gaat zijn dan in varkens- of pluimveestallen. Er zijn echter slimme technologieën in ontwikkeling die kansen lijken te bieden. We zijn ons ervan bewust dat niet alle technieken snel beschikbaar zijn. Dat hoeft ook niet, want het advies is om het systeem gefaseerd in te voeren.”

Het hele systeem draait dus om sensortechniek. Gaat de ontwikkeling daarvan wel snel genoeg?

“Ammoniak en methaan zijn het verste, geur en fijn stof zijn lastiger. We hoeven niet te wachten tot alles kan en met ammoniak beginnen. Binnen de klimaatopgave is methaan belangrijk, maar er is nog geen vertaling naar de veehouderij. Interessant is dat er ook internationale opgaven liggen. Dat kan bijdragen aan een level playing field voor ondernemers.”

Er moet zo snel mogelijk een regeling komen om sensor- en datatechnologie toe te laten tot de markt

Een onderdeel is het instellen van een kennisplatform met overheid, landbouw en maatschappelijke organisaties. Daarmee krijgen tegenstanders van de veehouderij een stem in het systeem.

“We denken dat het juist veel beter afgewogen adviezen oplevert. Op deze manier wordt inzichtelijk gemaakt wat de consequenties zijn van bepaalde keuzes en kan ook uitgediscussieerd worden wat voor het soort stalsysteem een reële maximale emissie is. Nu worden vaak tegenstrijdige eisen gesteld. Het vaststellen van emissieplafonds is op deze manier te depolitiseren.”

Brabant hanteert 85% reductie van ammoniak. Gaat dat lukken met systemen en aanvullende maatregelen?

“We hopen dat de nieuwe aanpak voor een versnelling van de technische innovatie gaat zorgen. In onze aanpak kunnen regio’s specifieke normen hanteren met verdergaande eisen dan de best beschikbare techniek. Er moet een eenduidige systematiek komen inclusief inzicht in de economische gevolgen voor de veehouder en wie daarvoor de kosten draagt. Daarbij speelt het kennisplatform een belangrijke rol. De discussie wordt op die manier weer een stuk realistischer.”

Voor het plan worden veel data verzameld. Dat zullen milieugroeperingen wel interessant vinden.

“Verzamelde data zijn van de veehouder. Het is niet de bedoeling om alle data inzichtelijk te maken ter beoordeling. Handhavende organisaties krijgen rapporten over bepaalde perioden.”

Wat is uw grootste zorg als het gaat om de uitvoering van het voorstel van de taskforce?

“Dat niet wordt doorgepakt. Er moet zo snel mogelijk een regeling komen om sensor- en datatechnologie toe te laten tot de markt, binnen het systeem van vergunningverlening. We moeten opletten geen eindeloze proefprojecten te doen. Zo snel mogelijk zijn dan nieuwe stalsystemen volgens deze weg te beoordelen.”

Hoe nu verder?

“De bal ligt bij de overheid. De minister is positief in de Kamerbrief. We hopen dat binnen enkele maanden het regie-orgaan wordt opgesteld en dat implementatie onderdeel is van een nieuw coalitieakkoord. Dit jaar zijn dan al stappen te zetten. Er zijn zeker zorgen of dit snel genoeg gaat, maar als we niks veranderen, gaat het zeker niet goed.”

Stevens
René Stevens Freelance redacteur

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.