Schouten steunt advies voor schone stallen

05-02 | Laatste update op 16:15 | |
Een stal met een emissiearme vloer. De veehouderij moet volgens het advies toe naar stallen die emissies bij de bron aanpakken. - Foto: Ronald Hissink
Een stal met een emissiearme vloer. De veehouderij moet volgens het advies toe naar stallen die emissies bij de bron aanpakken. - Foto: Ronald Hissink

De veehouderij heeft dringend behoefte aan stallen die garant staan voor lage emissies, weinig energie gebruiken en goed zijn voor het dierenwelzijn en de diergezondheid.

De wetgeving belemmert echter de ontwikkeling van deze innovatieve stallen. Daarom moet de regelgeving radicaal anders, adviseert de Taskforce Versnelling Innovatieproces Stalsystemen (TVIS). De Tweede Kamer is vrijdag 5 februari over dit advies geïnformeerd door het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV).

Emissieplafonds

De adviesgroep pleit in de eerste plaats voor emissieplafonds voor stallen en het continu meten van de uitstoot door sensoren. Alles moet gemeten, ammoniak, geur, fijn stof en methaan. Voor geur- en fijnstofmeting is de techniek echter nog niet gereed. Momenteel wordt de uitstoot gehandhaafd op de aanwezigheid van staltechnieken, zoals luchtwassers, en de daarbij berekende reductie. Zwakte is dat het onzeker is of de berekende reductie overeenkomt met de werkelijke reductie. Dit roept steeds meer maatschappelijke- en politieke discussie op, stelt de TVIS.

De huidige aanpak smoort veel innovatie in de kiem

Om de veehouderij dier- en milieuvriendelijker te maken en de maatschappelijke acceptatie te verbeteren, moeten er daarom met grote snelheid nieuwe stalsystemen komen, luidt het advies. De huidige werkwijze met de proefstalprocedure om nieuwe emissiebeperkende staltechnieken te introduceren is te duur, complex en kost dus veel tijd. Deze aanpak smoort veel innovatie in de kiem, oordeelde Adviesbureau Rebel al eerder in een rapport op verzoek van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Minister staat achter uitkomsten rapport

Om de overgang naar zogeheten integraal duurzame stallen te versnellen, pleit de TVIS voor minstens twintig proefstallen, die de overheid en sectoren samen ontwikkelen: zes pluimveestallen, acht varkenstallen en twee kalver-, melkvee- en geitenstallen. Minister Schouten van LNV zegt in haar Kamerbrief achter het plan van pilots te staan.

Nadat de wet is aangepast, met maximale emissies per stal, breekt voor bestaande bedrijven ook een nieuwe fase aan. Bedrijven die blijken op of onder het drempelwaarde te zitten, worden zo snel mogelijk in het nieuwe systeem geloosd. Ze kunnen dan profiteren de stimuleringsregeling om de emissies verder te verlagen. De stimulans kan zitten in fiscale voordelen, of mogelijkheid tot extern salderen of verkoop van CO2-rechten.

Nulmeting boven plafond

Bedrijven die met de nulmeting boven het emissieplafond zitten, houden hun rechten, maar daarvan wordt verwacht dat de uitstoot zakt. De nulmeting van de emissies wordt een megaklus, want drie jaar geleden telde Nederland 77.400 veestallen.

De voorgestelde aanpak om de veehouderij dier- en milieuvriendelijker te maken, is ingrijpend. Een belangrijke rol is daarbij weggelegd voor een nieuw te vormen kennisplatform, met daarin plaats voor de huidige Technische Advies Pool (TAP) die nu nog een grote rol speelt bij de toekenning van emissiefactoren. Die rol verandert als in 2022 de nieuwe omgevingswet wordt ingevoerd. Het kennisplatform moet op termijn emissiefactoren per staltype gaan bepalen. In dit kennisplatform zitten naast overheden en sectordeskundigen ook maatschappelijke organisaties.

De bedoeling is de aanpak in te voeren bij nieuwe stallen en bestaande stallen in het nieuwe systeem van werkelijke emissies te krijgen. In 2025 moet de nieuwe regelgeving een feit zijn, met de bijbehorende vergunningverlening op basis van emissieplafonds.

van Dooren
Kees van Dooren Redacteur

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.