Stabilisatie agrarisch aandeel dankzij prijzen

Ongeveer een maand geleden publiceerde het CBS een overzicht van de economische ontwikkeling van de agrarische sector in de afgelopen tien jaar.

Daaruit bleek onder meer dat het aandeel van de primaire landbouw in de economie in die periode ongeveer gelijk was gebleven, namelijk circa 1,4%. Daarmee is een eind gekomen aan een al tientallen jaren durende daling. Dit leidde tot opgetogen koppen in de landbouwpers, in de trant van: ‘Landbouweconomie blijft fier overeind’.

Als je met een slecht jaar begint, krijg je bijna altijd een (te) rooskleurig beeld van de ontwikkeling in de periode daarna

Herstel van glastuinbouw

De vraag is of die conclusie terecht is. Het uitgangsjaar (2009) is een van de slechtste jaren uit de geschiedenis van de landbouw. Het gemiddelde bedrijfsinkomen bedroeg toen slechts € 12.000 per arbeidskracht, tegen € 57.000 in het eindjaar (2019). Als je met een slecht jaar begint, krijg je bijna altijd een (te) rooskleurig beeld van de ontwikkeling in de periode daarna. De verbetering kwam overigens voor een flink deel door het herstel van de glastuinbouw, die het rond 2010 erg zwaar had.

Verdwijnen van melkquota

De agrarische productie nam in die tien jaar maar weinig toe, met zo’n 5%. Deze groei kwam bijna geheel voor rekening van de veehouderij, vooral door het verdwijnen van de melkquota. De plantaardige productie bleef vrijwel gelijk. De hele economie groeide in die periode met ruim 10%.

Producten en productiemiddelen

De ombuiging in het verloop van het agrarisch aandeel in de economie komt vooral door de ontwikkeling van de prijzen. De opbrengstprijzen waren rond 2019 gemiddeld zo’n 15% hoger dan tien jaar tevoren en liepen daarmee aardig in de pas met de inflatie. De prijzen van de productiemiddelen, zoals veevoer en brandstoffen, gingen maar half zoveel omhoog. En als de prijzen van de producten sterker stijgen dan die van de productiemiddelen, heeft dat een positief effect op de toegevoegde waarde, en dus op het landbouwaandeel in de economie.

Ik oet vaak denken aan de politiek: als iets goed gaat komt dat door het gevoerde beleid, als het verkeerd gaat ligt het aan de omstandigheden

Kwestie van gunstige (markt)ontwikkelingen

Die stabilisatie van dat aandeel lijkt daarom toch meer een kwestie van gunstige (markt)ontwikkelingen dan van een bijzondere prestatie van de sector, zoals bovenbedoelde koppen suggereren. Als ik degelijke uitspraken zie, moet ik vaak denken aan de politiek: als iets goed gaat komt dat door het gevoerde beleid, als het verkeerd gaat ligt het aan de omstandigheden. Althans volgens regeringspartijen; de oppositie denkt er meestal anders over

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.