Supers samen, boeren apart

22-02 | |
Vergaderboer Columnist
Een DEEN-supermarkt, een Nederlandse supermarktketen met voornamelijk filialen in Noord-Holland. De supermarktketen houdt op te bestaan. De filialen worden verkocht aan concurrenten. Foto: ANP
Een DEEN-supermarkt, een Nederlandse supermarktketen met voornamelijk filialen in Noord-Holland. De supermarktketen houdt op te bestaan. De filialen worden verkocht aan concurrenten. Foto: ANP

Super Deen met tachtig winkels legt het loodje. De winkels worden verdeeld over Albert Heijn, Vomar en Dekamarkt. Niet voor noppes, de familie Deen heeft er goed geld voor gebeurd.

Ze hadden de keus: verkopen of fors investeren. Vele miljoenen waren nodig aan investeringen in de onlineverkoop en logistiek. Dit om de concurrentie bij te houden. Alleen dan zouden ze toekomstbestendig zijn. Maar dan nog was de concurrentiestrijd met de groten moeilijk te winnen. “Daar had de familie geen zin in en dus werd de keuze gemaakt om de winkels af te stoten”, aldus directeur Leendert van Eck in de Volkskrant. Ze kunnen nu rentenieren van het geld dat de keten – begonnen door Cornelis Deen in 1933 – opbrengt.

Elke super probeert zo groot en machtig mogelijk te worden

Daarmee sneuvelt weer één van de afnemers van onze producten. Zo valt Deen ten prooi aan de consolidatieslag die woedt in de supermarktbranche. Gevolg: steeds minder ketens, die proberen hun inkoopmacht te versterken. Want daar gaat het om. Elke super probeert zo groot en machtig mogelijk te worden. Door hun schaal en inkoopkracht kunnen ze steeds scherpere afspraken afdwingen met leveranciers, zoals ook onze zuivel- en vleesverwerkers ervaren. Om dat concurrentienadeel te ondervangen voeren twaalf kleinere supermarkten een gezamenlijk inkoopbeleid via Superunie. Tot zolang het duurt.

Inkomensvorming van de boer

Ziedaar het (droevig ) einde van een familiebedrijf, dat kapot geknepen werd in de raderen van fusies en overnames in de voedingsmiddelensector. Die vormen een steeds groter probleem voor de inkomensvorming van de boer. Niet alleen in Nederland, maar in heel Europa, ja in vele landen van de wereld. En wat stellen wij er tegenover? Weinig. Ja, we maken indruk met trekkers in Den Haag en blokkades van distributiecentra van de supermarktketens. Daardoor zitten op het ogenblik de boerenvertegenwoordigers aan tafel met het CBL, de club van supermarkten. Plus nog wat afzonderlijke contacten met supers.

Ze gaan samen om sterker te worden, terwijl de boeren steeds verdeelder worden

Levert het wat op? Laten we het hopen. Natuurlijk willen ze wel praten. Voor het fatsoen moeten ze dat ook wel. Maar toezeggingen, zoals 3% van de omzet voor de boer? Ik zie het niet gebeuren. Waarom zouden ze het doen? Ze zijn druk bezig om door fusies meer inkoopmacht te krijgen. Ze gaan samen om sterker te worden, terwijl de boeren steeds verdeelder worden. Kijk maar eens wie er aan tafel zitten met de supers en welke organisaties staan te trappelen om ook mee te keuvelen. Dat willen de supers best. Hoe meer mensen aan tafel, hoe onnozeler de gesprekken.

Coöperatieve macht

Deze strijd doet denken aan landbouwcrises uit een ver verleden. Toen richtten boeren, als antwoord op de lage prijzen en de macht van de handelaren, coöperaties op. Ook met moeite. Professor Minderhoud schrijft in 1949 over die moeilijke beginjaren: ‘Daarbij kwam dat ook enige karaktereigenschappen van de boer een belemmering vormden voor samenwerking. De boeren behoorden tot een ras dat gewend was aan zelfstandigheid. Hun individualiteit trad sterk op de voorgrond. Zij waren veelal achterdochtig, niet zelden eigenzinnig’. En: ‘Ieder meende dat hij zelf zijn eigen belang het beste kon behartigen. Of het algemeen belang daarbij schade leed, maakte geen punt van overweging uit’.

Er zijn veel gelijkenissen met toen. Ook toen vermalen tussen de macht van de handel en de zwakte van de eigen groep. Bundeling van krachten via coöperatieve macht zou opgewaardeerd moeten worden.

Vergaderboer Columnist

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.