Vakbond pluimvee stapt uit overleg over nieuw beleid zoönosen

12-05 | |
“Als er een virus in een stal opduikt, wordt dat direct herkend en 24 uur later is de stal geruimd. Het risico dat het virus gaat muteren is hier niet”, zegt Oplaat van NVP. - Foto: Peter Roek
“Als er een virus in een stal opduikt, wordt dat direct herkend en 24 uur later is de stal geruimd. Het risico dat het virus gaat muteren is hier niet”, zegt Oplaat van NVP. - Foto: Peter Roek

De Nederlandse Vakbond Pluimveehouders (NVP) is uit het overleg gestapt over het nieuwe zoönosenbeleid.

Voorzitter Bart-Jan Oplaat van NVP vindt dat er in het overleg te weinig oog is voor de maatregelen die worden genomen om eventuele risico’s te verkleinen. Het ontbreekt daardoor volgens Oplaat aan een kwantitatieve weging en prioritering van de risicofactoren. Hij vreest dat ‘veedichtheid’ daardoor wordt gekwalificeerd als groot risico op het ontstaan van een nieuwe pandemie, waardoor politiek gekozen kan worden om de veedichtheid te verkleinen om het zoönoserisico te verkleinen. “De overheid zoekt argumenten om de veehouderij in Gelderland, Brabant en Limburg te dwingen tot krimp. Daar wenst de NVP niet aan mee te werken”, schrijft Oplaat over het besluit van de NVP om uit het overleg te stappen.

Oplaat ziet veedichtheid in de Nederlandse omstandigheden niet als een groot risico op mutaties bij virussen. “Als er een virus in een stal opduikt, wordt dat direct herkend en 24 uur later is de stal geruimd. Het risico dat het virus gaat muteren is hier niet”, zegt Oplaat. Als voorbeeld dat veedichtheid geen groot risico is, geeft de voorman van de NVP aan dat het aantal vogelgriepbesmettingen in Nederland relatief laag is, in vergelijking met Polen of Frankrijk. “In Frankrijk zijn er 1.300 besmettingen, terwijl de veedichtheid daar veel lager is”, zegt hij.

Overleg met LNV over verschil van inzicht

Hoewel nu het risico bestaat dat de overheid een besluit neemt over de pluimveehouderij, zonder dat ze zelf meepraten, heeft Oplaat toch besloten op te stappen. “Als je altijd blijft zitten, wordt het signaal ook niet duidelijk.” De NVP gaat wel in op een uitnodiging van LNV om te komen praten over het verschil van inzicht.

Het ministerie van landbouw betreurt dat de NVP niet langer wil meepraten. LNV vindt het van groot belang dat betrokkenen samen de handen ineen slaan om de risico’s op zoönosen te beperken. De gesprekken gaan wel door met de andere partijen. Het actieplan Zoönosen wordt onder andere aangescherpt op basis van het advies van de commissie Bekedam. “In dat advies staan ook aanbevelingen over veedichtheid, transmissie tussen bedrijven en aantallen dieren op de bedrijven. Op deze punten hebben we experts om onderzoek gevraagd, dat komt voor de zomer. Op basis daarvan werken we de aanpak verder uit. We snappen dat dit een gevoelig punt is voor de veehouderijsectoren. Daarom gaan we met de uitwerking hiervan zorgvuldig te werk”, aldus een woordvoerder van het ministerie.

Viroloog Marion Koopmans is het niet eens met de NVP. “Rapport schrijven, ok, maar echte stappen zetten? De bond van veehouders vindt de kans op problemen minimaal, een mening die ik niet deel. Echte transformatie doet pijn”, reageert ze op het besluit van de NVP op twitter.

Vermaas
Mariska Vermaas Redacteur


Beheer