Veerman: verbeter verdienmodel met ondernemerschap

“Tegen de consument zeggen dat hij 5 cent meer moet betalen voor een ei en wij zijn uit de zorgen, klinkt heel aandoenlijk, maar zo werkt de markt natuurlijk niet”, aldus Cees Veerman. Foto: Roel Dijkstra
“Tegen de consument zeggen dat hij 5 cent meer moet betalen voor een ei en wij zijn uit de zorgen, klinkt heel aandoenlijk, maar zo werkt de markt natuurlijk niet”, aldus Cees Veerman. Foto: Roel Dijkstra

Agrarisch ondernemers moeten vooral zelf kijken wat ze kunnen doen om hun verdienmodel te verbeteren. Dat zegt oud-landbouwminister Cees Veerman in een interview in Boerderij.

Veerman reageert hij op het voorstel van LTO Nederland om per sector afspraken te gaan maken met supermarkten over een beter verdienmodel. “Het is een manier, ik hoop van harte dat het iets oplevert. Maar het is al vaker geprobeerd en het is geen gemakkelijke discussie”, aldus Veerman. “Tegen de consument zeggen dat hij 5 cent meer moet betalen voor een ei en wij zijn uit de zorgen, klinkt heel aandoenlijk, maar zo werkt de markt natuurlijk niet”, aldus Veerman.

Verdienmodel heeft twee kanten

Hij wijst erop dat het verdienmodel twee kanten heeft en dat een boer aan de prijs van het product niet zoveel kan doen, maar dat hij door een andere manier van boeren, samenwerking of een neventak wellicht wel het verdienvermogen kan verbeteren. Veerman presenteerde recent samen met tal van wetenschappers en vertegenwoordigers van landbouw, natuur en bedrijfsleven een uitvoeringsplan voor de transitie van de landbouw. Veerman zegt zich zorgen te maken dat de landbouw speelbal wordt van uitruil in de kabinetsformatie.

Deltacommissaris voor de landbouw

Eerst moet op basis van de rapporten die er nu liggen een toekomstplan worden vastgesteld, waarin staat hoe de landbouw in Nederland er over twintig jaar uit zal zien; Is er plaats voor de landbouw? Waar, in welke vorm en onder welke omstandigheden? Voor de uitvoering van het plan moet er landelijke regie komen in de vorm van een Deltacommissaris voor de landbouw, die de regionale belangen kan overrulen als dat nodig is. Het Rijk neemt zo de regie en ondersteunt boeren in het transitieproces.

Je moet uit de sfeer van wie de oorzaak is van de situatie

Veerman benadrukt dat landbouw niet overal meer kan. “Als er voor een bedrijf op een locatie geen toekomst is, vanwege de maatschappelijke ontwikkeling of vanwege wetgeving die geïmplementeerd moet worden, is dat niet de schuld van de boer. Het zijn de omstandigheden die veranderd zijn die het maken dat er geen toekomst is voor het bedrijf op die plek. Je moet uit de sfeer van wie de oorzaak is van de situatie.”

Boeren ondersteunen

De oud-landbouwminister vindt dat de overheid het eerlijke verhaal moet vertellen aan de betreffende ondernemers en hen moet ondersteunen bij het verplaatsen of beëindigen van het bedrijf. “Je moet de boeren helpen. Als je ze niet helpt en voortdurend regels oplegt of de indruk wekt dat ze er helemaal niet meer toe doen en gewoon weg moeten, gaat dat geen oplossing bieden”, verwacht Veerman. Tegelijkertijd vindt hij dat boeren moeten willen erkennen dat je niet alles kunt behouden wat je hebt. “Dat is overal zo, niet alleen in de landbouw. Wat dacht je als je in de luchtvaart werkt? Je kan het wel willen, maar er zijn omstandigheden waarin je de bakens moet verzetten.”

Niet de kont tegen de krib gooien

Veerman ziet de grote verdeeldheid in de agrarische sector als een probleem. Hij heeft er begrip voor dat boeren druk zetten, maar hij waarschuwt ook dat er grenzen aan zijn. “De maatschappelijke solidariteit die er is om boeren te helpen, moet je niet verliezen door de kont tegen de krib te gooien”, zegt Veerman. De econoom schat dat de transitie van de landbouw jaarlijks € 1,5 tot 2 miljard gaat kosten. “Maar het levert de samenleving heel veel op door versterking van het leefmilieu.”

Meer weten? Lees het interview met Cees Veerman op Boerderij.nl

Vermaas
Mariska Vermaas Redacteur



Beheer