Venray: last onder dwangsom voor Vreba Melkvee

17-12-2021 | Laatste update op 09-02 | |
De melktanks bij Vreba Melkvee in Vredepeel. De gemeente Venray wil dat er een eind wordt gemaakt aan de melkverwerking op het bedrijf. Foto: Hans Prinsen
De melktanks bij Vreba Melkvee in Vredepeel. De gemeente Venray wil dat er een eind wordt gemaakt aan de melkverwerking op het bedrijf. Foto: Hans Prinsen

De gemeente Venray houdt voet bij stuk in het conflict met Vreba Melkvee in Vredepeel en legt nu een last onder dwangsom op.

Venray wil dat er een eind wordt gemaakt aan de melkverwerking op het grootste melkveebedrijf van Nederland en dat illegale bouwwerken worden verwijderd. Omdat Vreba daar geen gehoor aan heeft gegeven, krijgt het een last onder dwangsom opgelegd. Dat heeft het College van burgemeester en wethouders van Venray besloten.

“In deze strijdige situatie willen wij niet berusten”, aldus B&W. Vreba krijgt nog een laatste kans om een eind te maken aan de situatie, door de melkverwerking te staken en daarnaast illegale mestbassins en een sleufsilo te verwijderen. Als dat niet binnen twee maanden is gebeurd, moet het een dwangsom betalen van € 10.000 per week tot een maximum van € 100.000. Dat bedrag kan meer worden als het melkveebedrijf op de oude voet doorgaat.

Geen vergunning aangevraagd

In september liet Venray aan Vreba Melkvee weten dat het de melkverwerking moest staken, omdat dit strijdig is met het bestemmingsplan van de gemeente. Bovendien was er geen vergunning aangevraagd voor de benodigde bouwwerken, net zo min als voor de aanleg van foliebassins en een sleufsilo. Volgens de gemeente is er geen zicht op legalisatie.

Gemeente niet bevoegd

Het melkveebedrijf meent echter dat Venray het bestemmingsplan niet juist interpreteert en dat alleen de melkverwerking van derden niet is toegestaan. Bovendien zou niet de gemeente bevoegd zijn om handhavend op te treden bij Vreba Melkvee, maar alleen de provincie Limburg.

Volgens Vreba Melkvee is het een zogeheten IPPC-bedrijf, net als grote intensieve veebedrijven en grotere industriële bedrijven. Vreba komt tot die conclusie omdat het groenteafval verwerkt en er sprake is van ‘nuttige toepassing van ongevaarlijke afvalstoffen met een capaciteit van meer dan 75 ton per dag’, één van de categorieën in de IPPC-richtlijn.

In Vredepeel wordt groenteafval van een groenteverwerker aan de koeien gevoerd, zoals ijsbergsla, broccoli, prei, koolrabi, rode kool, Chinese kool en wortels. “Afhankelijk van het voerrantsoen kan 25 tot 30 kilo groenafval per koeper dag gevoerd worden. Dit geeft een verwerkingscapaciteit van 3.525 koeien x 25 = 88,125 ton per dag”, aldus de zienswijze die Vreba Melkvee aan de gemeente heeft gestuurd. Dit betekent volgens het melkveebedrijf dat niet de gemeente, maar Gedeputeerde Staten van Limburg het bevoegd gezag zijn.

Geen IPPC-status

Volgens de gemeente heeft Vreba die IPPC-status niet en is er alleen een aanvraag voor ingediend bij de provincie Limburg. Op dit moment is Gedeputeerde Staten niet het bevoegde gezag voor wat betreft de handhaving, maar de gemeente, constateert B&W. Als Vreba Melkvee de melkverwerking moet staken, komt ook de gunstige fosfaatregeling voor zelfzuivelaars die het nu hanteert op de tocht te staan.

Verrast over dwangsombeschikking

René van Bakel van Vreba Melkvee toont zich verrast over de dwangsombeschikking van de gemeente Vernray. Hij is ervan overtuigd dat de provincie Limburg het bevoegde gezag is op het melkveebedrijf in Vredepeel en niet de gemeente. Dat is volgens hem ook uitgelegd aan de controleurs van de gemeente, toen die het melkveebedrijf in november bezochten. Die kregen volgens de gemeente Venray toen overigens geen toegang tot het melkveebedrijf, omdat ze daar volgens Vreba niet toe bevoegd zouden zijn.

“Als we een jaar verder zijn, zie je hoe het zit”, zegt Van Bakel in een reactie. Of Vreba de dwangsombeschikking van Venray gaat aanvechten, wil Van Bakel niet zeggen.

Vogelaar


Beheer