Verguisde lobbyist ook onmisbaar

10-05 | |
Oppewal
Johan Oppewal chef-redacteur
Foto: Canva/querbeet
Foto: Canva/querbeet

Wat is de meest verguisde, maar vaak wel goed betaalde baan in Den Haag, Brussel of elk ander bestuurscentrum? De lobbyist.

Er kleeft iets aan van gladde jongens en meisjes die alles in de strijd gooien om maar zo dicht mogelijk bij de machthebbers te zitten en die te beïnvloeden. En ze zijn met velen. ‘Je ziet ze niet, je hoort ze niet, je ruikt ze niet. Maar ze zijn overal’, schreven Volkskrant-journalisten in een boek over lobbyisten dat enkele jaren geleden verscheen. Het aantal lobbyisten in de Hofstad schatten zij op 96 (officieel geregistreerd) tot 25.000.

Innige contacten

We zien ons in Nederland zelf graag als onkreukbaar en niet corrupt land, maar van afstand bekeken klopt dat beeld niet altijd. Bij de soms wel erg innige contacten tussen bedrijfsleven (of ngo‘s!) en politiek, loeren corruptie en vriendjespolitiek om de hoek. Het kabinet is al langer van plan om uitwassen te voorkomen. Maar dat komt er nog onvoldoende van, getuige een niet al te beste plek van Nederland op internationale ranglijstjes.

Schoonmaakoperatie

De Kamerleden Omtzigt en Dassen stellen nu concrete regels voor. Maar ze gaan wel ver. Zo willen ze een registratiesysteem voor nieuwe lobbycontacten. Dat gaat vast niet werken, het geeft bureaucratie en zal ongetwijfeld creatief omzeild worden. Toch is een schoonmaakoperatie geen overbodige luxe, kijk bijvoorbeeld naar de wel heel snelle overstap van sommige politici naar ‘de andere kant’. Het idee van verplichte wachttijden tussen publieke functie en lobbyfunctie is dan ook prima.

Het is balanceren. Maar vergeet tegelijk niet het belang van lobbyen als smeerolie, van de lobbyist als brug tussen praktijk en bestuur. Zonder lobby geen werkbare regels. Denk aan de landbouw, waar zelfs mét lobby vaak al amper werkbaar beleid gefabriceerd wordt.



Beheer