Voor stal net over de grens toch geen fosfaatrecht

24-08 | |
Veehouder die net over in plaats van op de Duitse grens een nieuwe stal bouwde, krijgt alsnog geen fosfaatrechten voor zijn koeien. - Foto: Ruud Ploeg
Veehouder die net over in plaats van op de Duitse grens een nieuwe stal bouwde, krijgt alsnog geen fosfaatrechten voor zijn koeien. - Foto: Ruud Ploeg

Veehouder kan niet verhinderen dat fosfaatrechten, die eerst waren toegekend voor dieren die in zijn stal in Duitsland stonden, toch weer worden ingenomen.

In de niet aflatende stroom rechtszaken over de fosfaatrechten komen soms wel heel bijzondere situaties voor. In een uitspraak van dinsdag van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) krijgt een veehouder die net over in plaats van op de Duitse grens een nieuwe stal bouwde, alsnog geen fosfaatrechten voor zijn koeien.

Het is – uiteraard – een ingewikkelde kwestie met een lange voorgeschiedenis. De veehouder correspondeerde al in 2009 met de toenmalige Dienst Regelingen (voorganger van RVO) over plannen om pal over de grens te gaan bouwen. In 2012 bouwde hij inderdaad een nieuwe stal.

Het verhaal was, zo begreep de Nederlandse overheid, dat de stal precies op de grens zou komen. Omdat vee niet in twee landen tegelijk geregistreerd kan worden, en omdat je een bedrijf niet onder twee wettelijke regimes kunt runnen, was het plan om de dieren onder Nederlandse wetgeving te gaan houden. Ze kwamen ook in de Nederlandse I&R. Op grond hiervan kreeg de veehouder in 2018 aanvankelijk fosfaatrechten voor alle dieren toegekend.

Melkveestal op Duits grondgebied

Maar later bleek dat de stal niet precies op maar aan weerskanten van de grens is gebouwd, waarbij de melkveestal helemaal op Duits grondgebied was komen te liggen, terwijl het jongvee aan de Nederlandse kant van de grens bleef. RVO wist dit niet, maar kwam er achter toen de veehouder in 2018 een procedure instelde om helemaal Duits te worden met zijn vee. Dit was nodig in verband met de aflevering van melk als Duitse melk. Toen hij zijn vee overbracht van de Nederlandse I&R naar het Duitse dierregistratiesysteem ging er een belletje rinkelen bij RVO. Er volgde een zogeheten herzieningsbesluit op de toekenning van de fosfaatrechten, en dat viel veel lager uit.

Bij het CBb vangt de veehouder bot als hij probeert dat besluit terug te draaien. Een overheidsinstantie mag, zo redeneert de rechter, een genomen besluit herzien als daarvoor voldoende reden is.

Omdat de veehouder zijn melk in Duitsland aan FrieslandCampina levert, en zijn dieren tegenwoordig ook helemaal in Duitsland geregistreerd heeft, heeft zijn bedrijf niet direct nadeel van de niet verkregen fosfaatrechten. Maar het scheelt wel een hoop geld. Er stonden op de peildatum 241 melk- en kalfkoeien en 214 stuks jongvee. Aanvankelijk werd het fosfaatrecht op 13.045 kilo vastgesteld. Maar na de herziening bleven alleen de rechten voor het jongvee over: 3.236 kilo fosfaat. De koeien stonden aan de Duitse kant van de grens, alleen het jongvee stond aan de Nederlandse kant.

Oppewal
Johan Oppewal chef-redacteur



Beheer