Vreba groot, Schermer klein; beide in problemen

Vergaderboer Columnist
Vreba, het grootste melkveebedrijf van Nederland met 2.500 koeien, ligt in de clinch met het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedsel. - Foto: Hans Prinsen
Vreba, het grootste melkveebedrijf van Nederland met 2.500 koeien, ligt in de clinch met het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedsel. - Foto: Hans Prinsen

Vreba, het grootste melkveebedrijf in Nederland met 2.500 koeien heeft problemen.

De familie Schermer op het Landgoed Kernhem bij Ede had problemen. Die zijn er niet meer, want ze moesten noodgedwongen stoppen. Te klein, drie droge zomers en corona deed het bedrijf de das om. Door de droogte moest het biologische bedrijf duur voer bijkopen. De corona gaf de genadeslag. De verkoop van kaas aan de horeca viel stil. Daarmee verdween 70% van de verkoop. Dit droevige verhaal staat op Foodlog.

Vreba minder fosfaatrechten dan gewild

Vreba, dat is andere koek. Het bedrijf, waar de bekende, misschien wel beruchte familie Van Brakel een belangrijke rol speelt, ligt in de clinch met het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedsel. Ze noemen zichzelf een knelgeval omdat het bedrijf minder fosfaatrechten heeft gekregen dan ze zelf vinden dat ze nodig hebben. Ja, u leest het goed. Ze hebben meer rechten nodig. Nou, dan weet ik nog wel een paar boeren, die dat ook van zichzelf vinden.

Vreba heeft voor het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (CBb) hun zaak bepleit. In september komt er uitspraak. Dit is niet de enige tegenslag voor Vreba. Een paar dagen na deze zaak bij het CBb zette de gemeente Venray een streep door de plannen van Vreba om een soort zuivelfabriekje bij het bedrijf te zetten. Dat verbood het bestemmingsplan. Het werkte ook niet mee dat Vreba een beetje stout was geweest. Ze hadden al een melkverwerkingsinstallatie gebouwd, evenals diverse sleufsilo’s. Deels buiten het bestemde bouwvlak. Al deze zaken werden beschreven op Boerderij.

Bedrijf niet levensvatbaar

Het gaat mij hier echter om de vraag welke bedrijven toekomst hebben. De familie Schermer had een biologisch bedrijf, klein met een enthousiaste boer en boerin. Het paste precies in de toekomstvisie van veel partijen in de Tweede Kamer. Evenals bij de natte dromen van milieu- en dierenwelzijnclubs. Terug naar vroeger, met kleurige weiden, vogeltjes en bloemen. De boer leunend op zijn hooivork. Want voor mechanisatie is zijn bedrijf te klein. Terug naar de werkelijkheid van vandaag: zo’n bedrijf is niet levensvatbaar. Nu niet en in de toekomst ook niet.

Bedrijf van de toekomst

Hoe anders ligt het bij Vreba. Als we even de reputatie van dit omstreden bedrijf vergeten is dit misschien wel het bedrijf van de toekomst. Ze willen investeren in milieuvriendelijke stallen. Daarin worden de emissies van methaan en ammoniak vergaand gereduceerd. Datzelfde geldt voor eigen melk- en mestverwerking. Kortom een bedrijf dat met allerlei innovaties aan wil tonen dat een groot bedrijf past in een toekomst, waarin de landbouw een bijdrage levert aan de oplossing van het klimaatprobleem. Een voorbeeld voor andere bedrijven.

Daar steekt de overheid een stokje voor. Ze hadden ook geen oplossing voor de familie Schermer, met hun in vele ogen ideale biologische veehouderij. Er viel geen droog brood te verdienen. Het wordt tijd dat diezelfde overheid nu eens aangeeft wat wel een bedrijf van de toekomst is.

We schreeuwen om een stip op de horizon.

Meer over


Beheer