Vrije kalvermesters zien hoognodige hulp uitblijven

De groep ‘vrije mesters’ in de vleeskalverhouderij, zo’n 600 gezinsbedrijven, wordt binnen de bedrijfstak het allerzwaarst getroffen en nergens wordt naar hen een helpende hand uitgestoken. Ook niet nu ze opnieuw zwaar worden geraakt door een tweede lockdown. Dit stelt Wim Thus, voorzitter van de LTO Vakgroep Vleeskalverhouderij.

Thus moet de belangen behartigen voor de hele kalverhouderij, maar het lot van de vrije mesters gaat hem momenteel wel heel erg aan. “Het gaat om gezinsbedrijven met gemiddeld 600 tot 700 kalveren, in de meeste gevallen rosés, die dit jaar afstevenen op een verlies per gezinsbedrijf van ongeveer een kwart miljoen. Dat is gewoon niet te dragen. Rosévlees dat normaliter een weg vindt in de horeca, gaat nu weg voor de kiloprijs van worstkoeien.”

Lang niet alle kalverhouders hebben een contract met een integratie

Thus hoopt dat er uiteindelijk toch ook enig begrip ontstaat voor deze groep bedrijven. “Ik weet dat de vleeskalverhouderij niet altijd in een even mooi daglicht wordt geplaatst en ook dat er regelmatig schouderophalend over de sector wordt gedaan, zo van: ‘Die redt zich wel!’ Deze week zag ik het ook weer in een rapport van CLM. Er wordt dan gesteld dat een paar kapitaalkrachtige families de pijn nog wel even kunnen opvangen. Dat is veel te kort door de bocht. Lang niet alle kalverhouders hebben een contract met een integratie. In de blankvleessector gaat het om zo’n 10%, in de roséhouderij heb je vrijwel alleen vrije mesters. Die staan met lege handen.”

Iedereen kreeg steun, behalve de kalfsvleessector

Begin dit jaar, toen de overheid ruimhartige steunregelingen uitrolde, was er voor de bloementeelt zoveel geld dat er zelfs enkele honderden miljoenen over waren. De kalverhouderij heeft toen een poging ondernomen om daaruit hulp te krijgen. Ze kreeg nul op het rekest. In Brussel was het hetzelfde verhaal met de tijdelijke opslagregeling voor zuivel en vlees. Iedereen kreeg steun, behalve de kalfsvleessector. Nu zou die Europese regeling vooral kunnen helpen om een bodem te leggen in de kalfsvleesmarkt, en zou die minder hebben geholpen om het lot van de vrije mesters te verlichten, maar uit beide situaties blijkt hoe gering de bereidheid tot hulp is, en misschien ook wel hoe beperkt de kennis van de problematiek in de kalversector is, verzucht Thus.

Zijn oproep aan de overheid en politiek is om de kalverhouders als groep ondernemers in ieder geval gelijk te behandelen als andere groepen ondernemers.

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.